Ontvangen Boeken
Vertellingen uit de Kerkgeschiedenis, door dr. J. C. van der Does. Uitgave T. Wever, Franeker. Prijs ƒ 5.75.
Dit boek is bestemd voor de jeugd van 12 —20 jaar. Dat mag inderdaad geslaagd heten. Eenvoudig, prettig geschreven, in aangename verteltrant, populair en toch zo, dat onze jonge mensen er heel wat uit kunnen leren. Dit boekje behoort in ieder huisgezin, waar schoolgaande kinderen zijn. Ook geschikt voor jeugdverenigingen.
Dr. K. J. Popma. De oudheid en wij. Uitgave J. H. Kok N.V., Kampen. 1948.
Ofschoon in 1940 geschreven, werd dit boekje eerst in dit jaar gedrukt. Dat is op zichzelf geen vreemd verschijnsel in deze tijd. Dit schaadt echter niet aan de behandeling van het onderwerp. Het is belangrijk genoeg om onze aandacht te hebben. ,,Athene en Jeruzalem", zo wordt soms gezegd. De moderne tijd is zowel van het Christendom als van het klassiek humanisme vervreemd. Ondanks de antithese tussen de Griekse cultuur en het Christendom, zouden wij toch de klassieke opleiding niet willen missen. De antithese wordt door de schrijver verdedigd en terecht trekt hij te velde tegen openlijke en verkapte pogingen om daaraan te ontgaan. (Vgl. blz. 73). Van een halfslachtig standpunt wil hij niets weten. (blz. 63) De grote betekenis der Schriftbeschobwing stelt hij aan het licht. (blz. 23).
De schrijver wijdt een groot gedeelte van dit werkje aan de bespreking van een drietal studies, resp. van prof. dr. Otto Stahlin, van Wilhelm Nestle, en van dr. N. G. M. van Doornik M. C. S., dit onderwerp rakende.
Het komt ons voor, dat dit werkje beter aan zijn bedoeling zou kunnen beantwoorden, als de schrijver wat meer „theologisch" zou geweest zijn.
S.
Dr. A. D. R, Polman. „Onze Nederlandse Geloofsbelijdenis". 1ste Deel. Uitgave T. Wever, Franeker. Prijs ƒ 8.90.
Schrijver begint met de opmerking van dr. W. J. Aalders in Stemmen des Tijds, dat de orthodoxie geen behoefte had aan nieuwbouw, maar voorshands genoeg te doen had om zich enigszins op de hoogte te stellen van wat de- Reformatie en vooral de oude kerk bedoeld en gezegd had.
Met dat oordeel kunnen wij instemmen en voegen er de opmerking bij, dat het gewenst zou zijn, als de orthodoxie dat meer betrachtte en de theologische nieuwe-gids-mannen dat ook ter harte namen. Zij hebben het minstens zoveel nodig als de orthodoxie.
Dr. Polman heeft klaarblijkelijk een impuls ontvangen van dat advies, die tot het resultaat heeft gevoerd, dat hij ons hier aanbiedt.
De auteur doet wat hij in de ondertitel aangeeft : „Verklaard uit het verleden, geconfronteerd met het heden". Dat geeft aan dit werk een eigen karakter. En hoewel niet in alles even gelukkig — de schrijver spreekt zelf van het betere als vijand van het goede — zal dit boek voor velen een welkome gids zijn in het labyrinth van opvattingen en beschouwingen, rakende de Heilige Schrift en de confessie.
Van belang is b.v. het inleidend hoofdstuk ,,Wezen en waarde van belijdenisschriften". Achtereenvolgens wordt het standpunt van Roomsen, Dopersen, Remonstranten, van Hofstede de Groot, van Isaac Da Costa, van Karl Barth uiteengezet en vergeleken.
Vervolgens het standpunt van de Contra- Remonstranten, van Groen van Prinsterer, Moorrees, Lisman, De Cock, Van der Feen, van dr. Kuyper e.a.
De schrijver heeft terecht gedacht aan Jongelings- en Mannenverenigingen en heeft zó geschreven, dat een medelevend Christen het volgen kan.
Op de algemene inleiding volgt een bijzondere over de auteur van onze belijdenis, Guido de Bres, en de confessie zelf.
Daarna artikelsgewijze behandeling. Dit deel komt tot art. 9.
Uit de aankondigingen en recensies in ons blad kan de lezer reeds hebben opgemerkt, dat de belijdenis en de Catechismus zich in de belangstelling van velen verheugen. Dat is een verblijdend verschijnsel en ook dit boek moge er toe bijdragen dat de confessie in brede kringen wederom wordt gekend en in ere gehouden.
Ds. D. Krijger, Geref. pred. te Lochem. De Wereldraad van Kerken. Een oproep tot aansluiting alsnog. J. H. Kok N.V., Kampen. Prijs ƒ 0.95.
Het was ons niet onbekend, dat er in de Gereformeerde Kerken verschillend wordt gedacht, over al of niet aansluiting bij de Wereldraad van Kerken.
Ds. Krijger blijkt een ernstig verdediger te zijn vóór aansluiting. Dit geschrift van — 50 bladzijden druks kan aantonen, dat hij met belangstelling de Wereldraad heeft gevolgd en reeds als zodanig kan het voor velen een gewenste gids zijn, die in kort bestek met de hoofdzaken uit de geschiedenis van de beweging en haar aard op de hoogte willen komen. Dan volgt een polemiek met mannen van het contra-standpunt in de Gereformeerde Kerken.
Het een met het ander maakt deze brochure lezenswaard, hoewel wij het in verschillend opzicht toch niet eens kunnen zijn. Om slechts een punt — een voornaam punt intussen — te noemen : ,,Want zeker", zo schrijft hij op blz. 35, „het is waar, dat de Wereldraad het Jezus- Christus-God-en-Heiland slechts formeel handhaaft, en ik meen aangetoond te hebben, dat hij niet alleen niet anders kon, maar vooral ook niet anders behoefde te handelen, maar daaruit mag niet de conclusie getrokken worden van een bedenkelijke relatieve neutraliteit tegenover deze waarheden als confessie". Over deze zinsnede zou nog een hartig woordje gesproken kunnen worden.
De weg naar 't leven open door Jac. Overeem. Uitgave : Bogerman, Bennekom, prijs ƒ 2.25.
Naar wij vernemen hebben verschillende recensies ,,kleinerend" gesproken over Overeems geschriften.
Het is mogelijk en wij kunnen ons indenken, dat velen niet gediend zijn van de geest, waarin de heer Overeem schrijft.
Men verwacht van een roman wat anders. Een roman is het dan ook niet. Het is een verhaal, dat ons inleidt in het buitenleven in de omgeving van Apeldoorn. Als zodanig is het niet onverdienstelijk. Overeem is een goed verteller. Hij bedoelt echter niet alleen te vertellen, hij bedoelt ook te evangeliseren.
Giep Kouter is een vrome man. Henk de koejongen een zoekende, die de weg ten leven vindt.
Het bevreemdt ons niet, dat velen geen waardering hebben voor de godsdienstige gesprekken, die in het boek voorkomen. Velen ook willen de vroomheid niet, die hier aan het woord is, en kunnen die ook niet verstaan.
Of de evangeliserende kracht van zulke boeken groot is, laten wij in het midden. Als stichtelijke lectuur zal het zijn weg wel vinden, althans in de kringen, waarin de schrijver ons inleidt.
De Christelijke School, 2e jaargang, nummer 4, 17 December 1948.
Inhoud : Redactioneel gedeelte : Al den volke. De vrijheid der vrije pers. Hoe erg het al is : Het grote probleem, M. Apperloo ; dr. H. G. Hamaker f, G. v. d. Beek ; Het moderne muziekonderwijs op onze scholen, Aug. Weiss ; De Patriotten en Frankrijk, dr. A. v. Hulzen ; Grepen uit mijn leerplan. Joh. Tigchelaar ; Vragen van de maand.
Verschijnt de eerste en derde Vrijdag van de maand. Uitgave van H. Veenman & Zonen, Wageningen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 december 1948
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 december 1948
De Waarheidsvriend | 6 Pagina's