De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

MEDITATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MEDITATIE

DE KUS DES VERRAADS

8 minuten leestijd

Judas, verraadt gij de Zoon des mensen met een kus ? Lukas 22 vers 48

Wij zijn midden in de lijdensweken. Van stap tot stap volgen wij de Borg op Zijn weg der smarten in de laatste dagen van Zijn leven. En meermalen bevangt ons innerlijke ontroering, over zoveel nederbuigende liefde des Heeren, dat Hij zichzelf wilde vernietigen, om het Hem van eeuwigheid door de Vader gegeven volk te verlossen. Wij hebben het allen gezien, hoe onder preek of gesprek over het bittere lijden van Christus een traan in de ogen welde. Maar laten wij het toch nimmer vergeten, dat aandoeningen, dat tranen, om wat de Heere moest ondergaan, geen grond zijn voor onze persoonlijke zaligheid. Een aandoening, een traan, ach, zij worden weer zo spoedig weggelachen. Daarvoor zorgt de wereld en daartoe is het zondaarshart maar al te gaarne bereid. Daar zal heel wat meer gekend moeten worden en ervaren, dan aangedaan te zijn slechts met medelijden met de Man van smarten, zullen wij bekleed worden met de mantel der gerechtigheid, welke Hij door Zijn lijden en dood voor allen, die Hem met waarachtig geloof, vaste hoop en vurige liefde aanhangen, heeft verworven, en wij kunnen er nimmer genoeg de nadruk op leggen en er elkander op wijzen, dat ons leven in de wereld onder alle omstandigheden een getuigenis moet zijn voor de Heere Jezus Christus, en een bewijs, dat wij in Hem zijn. Twee heren dienen, eten van twee walletjes, zoals men zegt, de Heere dienen en de wereld aangenaam zijn, het kan voor de Heere niet bestaan. Nog heden ten dage wordt het eerstgeboorterecht nog wel voor een schotel linzenmoes verkocht, en de Zoon des mensen met een kus verraden.

Wij vinden zoiets vreselijk, als wij het lezen of horen. Wij gruwen er van, als wij de afschuwelijke bladzijde lezen, die de moord op Amasa vermeldt door de verraderlijke kus van de wraakgierige Joab, welke met een dodelijke zwaardslag gepaard ging. En toch, wat is ook die schanddaad, vergeleken bij Judas' bedrijf, waar hij de bende, die uitgegaan was om Jezus te vangen, ongeduldig voorbij snelt om het afgesproken teken te geven. Daar staan de Heere en Zijn verrader voor het laatst op deze aarde tegenover elkaar. Hemel en hel. Vreselijk. Welk een tegenstelling, temeer verbazend, naarmate wij er langer op staren.

Wie durft indenken, wat zulk een ervaring voor de heilige, de alles doorgrondende Heere moet geweest zijn, voor Hem, Die in zijn volkomen mensheid oneindig fijn gevoeliger was dan wie ook. Maar wie spreekt dan ook naar waarde de roem Zijner heerlijkheid uit, die in datzelfde vreselijk ogenblik bleek. Tegenover de verbijstering van Judas, toont Hij een kalmte, waarop de laagheid terugstuit, als het onreine schuim der zee op een rots.

Salomo zegt : De kussingen van de hater zijn af te bidden. Maar Hij, Die ook dat ondergaat. Zijn lijden toch was volkomen, bevestigt tevens dat andere woord van Israëls wijze koning : Die over zijn geest heerst is sterker, dan die een stad inneemt. Reeds zou het groot geweest zijn, zo Hij de schennis zwijgend verdragen had. Maar Hij spreekt zo, dat hier letterlijk geen woord misplaatst, te veel of te weinig is, en tegenover de ongevoeligheid van Judas spreidt Hij een liefde ten toon, zelfs door de felste haat niet verkoeld.

Judas, verraadt gij de Zoon des mensen met een kus ? Plaats beurtelings op ieder van die woorden de klemtoon. Altijd zal het u wezen, als hoorde gij een traan in die stem, als zaagt gij de goede Herder zich overbuigen naar de rand van de afgrond, om zo mogelijk het verloren schaap nog te redden van de donkere diepte. Doch, de zonnestraal doet wel het ijs, maar niet de steen smelten. Het hart van Judaa, geheel ingenomen door de mammon der begeerlijkheid naar geld en macht, eer en aanzien, was niet meer vatbaar voor het ontdekkende genadewoord des Heeren. Beware ons de Heere, neder te zinken in zulk een diepte van afval en verharding. Neen, Iaat ons toch in zelfverzekerdheid niet menen, dat wij daaraan niet bloot staan. Ook ons lokte zo menigmaal eer, aanzien en tijdelijk gewin. De wereld wil ons nog wel wat toestoppen, als wij maar met haar willen meedoen. De vriendschappelijke, ja, broederlijke omgang met degenen, die in hun diepste wezen de waarheid haten, kan. niet anders dan de meest heilloze gevolgen hebben voor de belijdenis der waarheid, tenzij de Heere komt en hen aan de dwaling van hun weg ontdekt, en hen uitrukt uit de kring, waarin ze niet behoren. Neen, wij willen dat hoogernstige woord verraden niet gebruiken, doch wordt ook in onze dagen de Heere niet meermalen met een kus aan de wereld of het naam-Christendom verloochend ? Dat wij toch wakende en biddende zijn, toeziende op onszelven en de Heere make ons door Zijn Geest standvastig, onbeweeglijk en sterk in het geloof, overvloedig in arbeid voor Zijn Koninkrijk, trouw aan Zijn waarheid, en de Heere doe ons steeds indachtig zijn het woord : Die een vriend der wereld, ook der vrome wereld, wil zijn, wordt een vijand Gods gesteld.

Het woord, het laatste woord van Christus tot Judas was vruchteloos. Daar was bij de verrader geen inkeer tot zichzelven. Geen verootmoediging. Geen bekering. En het laatste van die mens wordt erger dan zijn eerste. Nu werd het laatste van de liefdevolle Heiland de profetie van het eerste woord van de Rechter. Tegenover de laagheid van Judas schittert hier een majesteit, die zelfs, waar men haar poogde te schenden, slechts te dieper zich aftekent, gelijk de zon tegen de donkere wolk, waartussen zij verrassend te voorschijn schiet. Het verhevenst zelfgevoel verlaat de Heere geen ogenblik. Met éen enkele beweging schudt Hij de adder van zich af, die zich als om zijn arm had gekronkeld. Hij treedt vooruit, terwijl Judas, die Hij achter zich laat, in al zijn jammerlijkheid en rampzaligheid wegzinkt. Straks laat de Heere de verrader te midden der bende staan, zonder dat Hij hem verder met één enkele opslag Zijner ogen verwaardigt. 

Ja, waarlijk, dat mag stille majesteit heten ; dat vlekkeloze heiligheid, met gadeloze liefde verenigd. Maar het moge ons tevens ten beeld en teken verstrekken, hoe de kus des verraads nog altijd van meer dan éne zijde gegeven wordt, en ook heden nog op dezelfde wijze door de Heere wordt beantwoord, al merkt men dat niet op, of wil het niet opmerken.

De kus des verraads. Ook heden nog. Zou Judas .de enige onder de discipelen zijn, die thans geen geestverwanten meer telt onder hen, die met de mond de Heere Christus belijden, en wordt er nu minder verraad aan de zaak des Heeren gepleegd, dan toen in de hof der olijven ? Wordt het kleed der schijnheiligheid niet langer in de gemeente gedragen, en nergens in de nacht de onreine Judaskus op de lippen der onschuld gedrukt ? Wij leven in een tijd van loven en bieden, van schipperen en plooien. Het ,,vóor wat, hóórt wat", doet ook in de gemeente meer en meer opgeld. De scherpe kantjes wat weglaten, men meent en zegt, dat men dan toch voor zichzelf aan de volle waarheid getrouw kan blijven, en men kan huizen en broederlijk verkeren met degenen, die van het Woord alleen nemen en aanvaarden wat hun past. Zie, dat is een kwaad, dat hoe langer hoe meer insluipt, en waarvoor niet ernstig genoeg gewaarschuwd kan worden. Men huivert er voor, is er te hoogmoedig en zelfbewust voor, tot aller afschrapsel gerekend te worden. Men wil ook wel eens omhoog.

Neen, laat ons niet naar anderen zien. Een iegelijk zal zijn eigen pak dragen. Wij moeten met al deze dingen ernstig inkeren tot onszelf en ons biddende voor Gods aangezicht onderzoeken. Hem smeken of, indien er bij ons een schadelijke weg zij. Hij ons wil leiden op de eeuwige weg. In ons aller hart schuilen toch de zaden, waaruit bij Judas en anderen de noodlottige vrucht des verraads is gerijpt, en zou de Heere nimmer gelegenheid en oorzaak hebben tot ons persoonlijk te komen met de vraag : Vriend, waartoe zijt gij hier ? , tot ons en tot zovelen die zich voor het uitwendige om het kruis van Golgotha scharen, of aanzitten aan de heilige dis ?

Eenmaal zal Hij, die Judas heeft ontmaskerd. Zijn geschonden majesteit wreken, ook waar Hij nu nog niet spreekt. Wij weten 't wel, dat zovelen daarvan niet willen horen. Christus moet altijd gepredikt worden als de liefdevolle Heiland, die nimmer toornt. Ja. dat is wel zalvend. Dat doet geen pijn. Maar het zou pleisteren zijn met loze kalk en de waarheid tekort doen. Jezus is óf ter opstanding uit de zonde-ellende, of ten val. Hij, die de schuld van Zijn volk droeg en als een lam ter slachting werd geleid, zal eenmaal zijn de rechtvaardige Rechter, die met vlammend vuur wraak zal doen over de kinderen der ongehoorzaamheid, over de ontrouwen.

Nog altijd verdraagt, waarschuwt, spaart Hij thans, gelijk toen. Hij vonnist, maar wil ook daardoor behouden. Dat wij Zijn reddende, ontdekkende hand niet afstoten, maar de Zoon kussen, opdat Hij niet toorne, en wij op de weg zouden vergaan, wanneer Zijn toorn maar een weinig zou ontbranden.

Welzalig zij, die naar Zijn reine leer, In Hem hun heil, hun hoogst geluk beschouwen. Die Sions Vorst erkennen voor hun Heer'; Welzalig zij, die vast op Hem betrouwen l

Hellouw.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 maart 1949

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

MEDITATIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 maart 1949

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's