Een stem van „Kerk en Wereld”
In onze Studie-commissie werd o.m. ook het boek van dr. C, J. Dippel : Kerk en Wereld in de crisis, in de besprekingen betrokken. Ds. Van Hensbergen heeft deze besprekingen op voortreffelijke wijze ingeleid. Algemeen werd de wens uitgesproken, dat ds. H. een en ander in een artikel voor De Waarheidsvriend wilde afstaan. Wij zijn er van overtuigd, dat velen onzer het stuk met belangstelling zullen lezen, om een indruk te krijgen, van wat er in de kringen van ,,Kerk en Wereld" leeft.
Thans geven wij het woord aan ds. Van Hensbergen : Dr. C. J. DIPPEL :
KERK EN WERELD IN DE CRISIS.
Ondertitel : Een appèl tot Christelijke solidariteit in een democratisch-socialistische politieke en maatschappelijke omwenteling.
Schrijver verdeelt zijn boek in drie delen: Crisis, pastoraal antwoord, concreet-politiek antwoord.
In het eerste deel geeft hij een analyse van de huidige wereldnood. De auteur is een man, die in de practijk van het leven staat. Hij is als wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Natuurkundig Laboratorium der Philipsfabrieken te Eindhoven. We kunnen deze practische instelling zijn hele boek door opmerken.
In het tweede deel bespreekt hij het Herderlijk Schrijven van de Eindhovense kerkeraad, dat opgesteld werd na de bevrijding van het Zuiden en vóór die van 't Noorden. Uit de gehouden discussies in de kerkeraad te Eindhoven, waar dr. Dippel ouderling is, is het plan gerijpt om met een herderlijk schrijven te trachten, in alle voorlopigheid, in afwachting van de bevrijding van de rest van Nederland, in afwachting ook van de Generale Synode, zich te richten tot de gemeente.
In het derde deel geeft de schrijver de practische uitwerking van zijn beschouwingen, waarin hij — naar de ondertitel van zijn boek reeds vermoeden deed — de oplossing van de bestaande moeilijkheden zoekt in een democratisch-socialistische politieke en maatschappelijke omwenteling.
Dit boek pakt ons, doordat hier een man aan het woord is, die volkomen op de hoogte is met de huidige cultuurmoeilijkheden. Een man, die werkzaam is in de techinisch-wetenschappelijke wereld en dagelijks getuige is van de geestelijke en culturele nood van de moderne mens.
Het eerste deel van zijn boek heeft mij dan ook het meest te zeggen gehad. De tijd van de Christelijke cultuur — het corpus Christianum — is voorbij, als feit voorbij. De macht van het Christendom, als uiterlijke neerslag en beslissende doorwerking van het evangelie op staatkundig, maatschappelijk en cultureel leven is voorbij ! Tenminste voorzover het berust op de geestelijke gedachten en wilseenvoud van de mensen als gezamelijkheid. „God is dood", zei Nietzsche, en de meesten van ons zeggen hem dit practisch na. Daarbij legt hij er — en terecht — grote nadruk op, dat het geestelijke altijd beslissend is. Dat is niet bedoeld als een bekoren, een „sollen", maar als een feit, een „müszen". Hij poneert dit feit met klem, zijn hele boek door, vooral tegen het materialisme van Marxisme en Communisme. Hij schrijft, „als ik zeg, dat het geestelijke altijd beslissend is, dan bedoel ik dus, dat aan al onze beslissingen, aan al ons handelen en leven en werken, aan onze opvattingen en meningen, bewust of onbewust al ten grondslag ligt : de keuze van een geest, een dominant, van een Heer. Deze keuze gaat vooraf aan al onze opvattingen en theoriën, ons bewijzen en ons werken. Vandaar ook de belangrijke plaats, die de Kerk met haar profetisch priesterlijk getuigenis, in Christelijke solidariteit met de wereld, in dit boek gegeven wordt.
Wij onderschrijven dit geestelijk a priori ten volle. Alleen, het is dan ook van toepassing op dr. Dippel zelf, van toepassing ook op zijn Barthiaanse-socialistische theoriën. Hier klopt niet het religieuse besef der Reformatie, dat zich axiomatisch aan Gods Woord gebonden wist, maar hier is sprake van een reactie-theologie, een wegbannen van de levende God uit zijn theïstische scheppingsrelatie met de kosmos, en opsluiten van God in zijn trancendentie als in een hemels vaticaan. Daarom komt ook de wereld er zo droevig af. Ook deze theologie geeft uiting aan een modern levensgevoel, dat der Godverlatenheid.
Maar we volgen dr. Dippel verder. De vraag, waarvoor de huidige crisis ons stelt, is niet allereerst een politieke vraag, niet allereerst een zedelijk probleem, maar uitsluitend en allereerst een zendingstaak voor de Kerk. Daarmede is de geestelijke crisis een zaak en een taak der Kerk en niet van de politieke groepering. De wereld wacht op een nieuwe Heer en vergaapt zich. Christelijk of onchristelijk, ondertussen aan het Amerikaanse, Russische of West-Europese materialisme. Hier ligt de tweesprong : het evangelie van Christus de Heer, óf een wereldse geest als leider, de keuze tussen dienen of heersen. Dit is de kern van de geestelijke crisis als vraag aan Kerk en Wereld beide.
Vervolgens behandelt hij de maatschappelijke crisis. Hij spreekt met opzet van crisis en niet van fatum. Crisis roept ons tot een verantwoordelijke beslissing. Er is een weg ter ontkoming. Bij deze maatschappelijke crisis gaat het om de arbeidsvraag, de verdeling van de arbeid, de beloning daarvan en de verzekering van de zin van de arbeid. Deze vragen voeren ons naar de kern van het hele maatschappelijke vraagstuk.
Schrijver ziet hier drie gevaren: de massamens, het materialisme en de burgerlijkheid. T)e massa-mens is de tegenstelling van de gemeenschapsmens, de mens met de confectie-opvoeding, zonder verantwoordelijkheidsbesef, zonder blik voor diepere oorzaken en gevolgen.
De burgerlijkheid is de zelfingenomenheid, het vermijden van risico's om het traditionele uit conservatisme te behouden.
En allen worden bezield door een pathetisch verlangen naar vervulling van materialistische verlangens.
Daarom heeft ook de maatschappij een radicaal nieuwe vormgeving nodig in democratisch-socialistische zin.
Dr. Dippel bespreekt vervolgens de politieke crisis, waarbij hij vooral de onverschilhgheid laakt, waarmede het volk de politiek overlaat aan enkele leiders, die zelf meestal aan het leven zijn ontgroeid. Er is een vlucht voor verantwoordelijkheid, terwijl de Overheid in gebreke blijft om grondige voorlichting te geven. Daarom sijpelt langzamerhand het democratisch besef uit ons volk weg. Bovendien isoleren de volksdelen zich van elkander. Ze willen alleen nog luisteren naar zichzelf en niet naar elkander, wat toch een conditio sine qua non is voor werkelijke democratie. Daarbij is het criterium, dat men maatschappelijke orde en overheidstaak aanlegt, de vraag naar de best mogelijke plaats onder de zon. In een goede democratie echter moeten alle burgers tot 's lands dienaren worden gemaakt, dienaren van elkaar en van het geheel. Met minder zal het niet gaan. Met minder gaat de oude democratie, in wiens handen ook, te gronde. Dat is de wezenlijke politieke crisis van nu.
Daarna wordt onze aandacht gevraagd voor de internationale crisis. Hij schrijft : de internationale crisis is in wezen uitdrukking en samenvatting van de geestelijke, maatschappelijke en politieke crisis en van het feit, dat nergens de volkeren als geheel het crisis-karakter op deze drie gebieden in hun verband herkennen en nergens op al deze drie gebieden passende beslissingen genomen worden in de zin van radicale omkeer. De oplossing van deze internationale crisis wordt practisch onmogelijk gemaakt, niet door wat de volkeren scheidt, maar door wat ze radicaal gemeen hebben : practisch materialisme, binding aan bezit en onmogelijkheid van het offer. Het is ook deze materialistische geestesgesteldheid, die het de regeringen onmogelijk maakt om van hun volkeren het offer te vragen en deze gigantische hebzucht schept de totale oorlog.
Zo zou er in dit analytische deel nog veel meer te noemen zijn. Het getekende crisisbeeld verraadt ons de Chemicus, wien ook de geestelijke analyse volkomen is toevertrouwd. Het beeld is inderdaad ontstellend en al schemert hier en daar de straks volgende ,,oplossing" van de moeilijkheden reeds door de woorden heen, toch stemt dit alles tot diep nadenken.
(Slot volgt).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 maart 1949
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 maart 1949
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's