GERUSTGESTELD ?
Ziezo, wij kunnen rustig zijn. Er is geen wolkje aan de lucht. Want een kring van Rooms Katholieke geleerden heeft verzekerd dat de Protestanten geen enkele werkelijke vrijheid zal worden ontnomen, als de Roomse Kerk de meerderheid heeft in ons land.
,,Ja, maar dan 't geval Kralingen ? "
Dat mogen wij — volgens dr. Van der Linde — niet als een waarschuwend voorbeeld aanhalen. Want die ordeverstoring werd veroorzaakt door enige „inferieure elementen". Dat was triest. Maar nog veel triester was de handelwijze van de Evangelische Maatschappij, ,,die voorlichting over de R.K. Kerk laat geven door een man, die een volstrekt vals en vertekend beeld van deze kerk geeft, in de trant van wat wij van haar gewend zijn", (cursivering van B.).
Daar kan ze 't weer mee doen. Wij zijn van dr. v. d. L. niets anders gewend. Deze vereniging kan nu eenmaal geen genade vinden in zijn ogen. Zij werkt op hem als de befaamde rode lap op een stier. De scherpste schimp is nog te goed voor haar.
Nu ben ik de eerste om te erkennen, dat de Evangelische Maatschappij in het verleden (en ook wel in t' heden) veel fouten heeft gemaakt en dat haar strijdwijze niet steeds op dat hoge plan stond als het behoorde. Wij zijn daarvoor niet blind en willen gaarne naar opbouwende critiek luisteren en ons daarnaar trachten te verbeteren. Maar wij zijn daarom niet van plan elke smet ons te laten aanwrijven.
Het is niet waar, dat de heer Duynstee, de propagandist dezer vereniging, een volstrekt vals en vertekend beeld geeft van de Roomse Kerk, waarvan hij vele jaren lid is geweest. Hij citeert bij zijn lezingen in de regel uit goedgekeurde R.K. werken, voornamelijk uit Potter's nog niet verouderde 7- delige Verklaring van de Katechismus, welke hij in het'klooster als leerboek heeft moeten gebruiken. Daarom zij het mij vergund, tegenover de verguizende uitspraak van dr. Van der Linde, ook hier iets aan te halen uit een brief, die dr. H. Schroten, pred. te Rotterdam (Charlois) mij schreef. „Ik heb met critische aandacht naar de lezing van de heer Duynstee geluisterd. Het was zeer goed. Geen scheldpartij, zakelijk, een waardig getuigenis van Christus als de enige Middelaar en van de rechtvaardigmaking door het geloof alleen. De reactie bij zijn gehoor was : aandachtige stilte. Enkelen vroegen zelfs, of de heer Duynstee niet elke maand kon komen. Ik weet, dat er theologisch meer bevoegde sprekers te krijgen zijn. De ervaring leert echter, dat zij bij de eenvoudige gemeenteleden minder het oor hebben dan deze man met zijn eenvoudig getuigenis". In dezelfde trant schreven mij meer collega's uit Rotterdam en uit andere plaatsen. Zijn die dominees en doctores theologies nu allemaal volslagen onwetend ? Ik kan mij dat niet indenken. Dit wilde ik even in het midden brengen ter rechtvaardiging van het laten optreden van de heer Duynstee door de Evangelische Maatschappij.
Als dr. Van der Linde van een vals en vertekend beeld der R.K. kerk spreekt, komt mij onwillekeurig voor de geest te staan het oordeel, dat prof. Verhaar in „Het Schild" van Juli '48 over een gedeelte van diens proefschrift uitsprak : ,,Gedurig stoten we op verkeerde voorstellingen van het Katholicisme, waardoor allerlei misvattingen bij de Protestantse lezers bestendigd worden. In dat verband spreekt de, recensent eveneens van een „mistekend beeld der Katholieke kerk". En dat nog wel in het prachtige, rijke en van zoveel diepgaande studie getuigend boek over ,,Rome en de Una Sancta". Wie zou 't wagen, dr. Van der Linde vanwege dit oordeel een ignorant te noemen ?
De schuld van de Kralingse rel ligt enkel en alleen bij die "inferieure elementen". Jammer, dat die niet tevoren in de leer waren gegaan bij die R.K. hoogleraren. Maar zij hebben toch gehandeld als goede, overtuigde Rooms Katholieken ? Bij wie hebben zij dan les gehad ? Wie heeft hen aangespoord om zo schandelijk in een kerk de orde te verstoren ? Of hebben zij enkel en alleen dit uit eigen initiatief gedaan ? Ik kan de vraag ook anders stellen : Wie vertolken 't zuiverst de geest van de Roomse Kerk, de gewelddadige ordeverstoorders in Kralingen of die kring van humane hooggeleerde heren in Amsterdam ?
Op grond van tal van officiële uitspraken in pauselijke bullen en encyclieken, van concilies en kerkleraren, maar vooral op grond van het optreden der Roomse Kerk in het verleden (inquisitie) en in het heden in de landen en provincies, waar zij de onbeperkte macht heeft (België, Italië, Spanje, maar ook reeds in Brabant en Limburg) kan ik — tot mijn spijt — niet anders antwoorden dan : de eerstgenoemden. Nog nooit b.v. is de inquisitie officieel afgekeurd en veroordeeld. „Officieel", zeg ik met nadruk, want wij moeten goed onderscheiden tussen de Rooms Katholieke kerk en enkele nobele, hoogstaande, humane professoren, en dat nog wel in een overwegend niet-Katholiek land, waar de Roomsen zich zelf vaak ,,Calvinistische Katholieken" noemen.
Hoe zou een Kerk dat ook kunnen doen, die zichzelf als de enige, heilige, katholieke kerk van Christus beschouwt, de bezitster van de onfeilbare waarheid, en derhalve alle andere kerken voor dwalende, leugenachtige secten houdt ? Worden Protestanten niet met Joden en heidenen op één lijn gesteld ? En noemde paus Leo XIII niet de Reformatie de wortel van de verwoesting van het geloof en het verderf van de goede zeden ?
In deze mening werd ik krachtig versterkt door het artikel van prof. Pauwels over : „Godsdienstvrijheid en Gewetensvrijheid!", in het Jan.-no. '49 van ,,Het Schild", waarin wij de ontstellende woorden lezen : ,,De meeste katholieke theologen uit het verleden en vele uit het heden beschouwen het als principieel juist, dat de Kerk met behulp van dwangmiddelen van de Staat de propaganda voor niet-katholieke godsdiensten tegengaat" Dat is duidelijke, eerlijke taal. Daarmee stemt volkomen overeen de uitspraak van prof. De Schepper, de voorzitter van de Nederlandse Zendingsraad, in zijn brochure : „Vrijheid van godsdienst en de verhouding van Kerk en Staat" (blz. 16) : „Autoritair in merg en been, moet de R.K. kerk andersdenkenden krachtens haar beginsel zoveel mogelijk de mond snoeren en hen tot onderwerping brengen. Gelijk dan ook in overwegend Roomse landen geschiedt".
Al deze uitspraken en feiten kunnen niet één-twee-drie, omvergeworpen worden door een verzekering van vijf nobele, humane professoren.
Daarom ben ik nog niet geheel gerustgesteld.
Gij wèl ?
(Overgenomen uit „Hervormd Utrecht", weekblad der Ned. Herv. Gemeente, 29 April 1949).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 mei 1949
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 mei 1949
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's