De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Puritein van de Hertenpolder

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Puritein van de Hertenpolder

FEUILLETON

4 minuten leestijd

9)

— Ik het wat los geld in m'n portemenee. Moeder. Ik wou daor een speciaole varkesschuur van lotte bouwe ; wat dunk je daorvan ?

— Dat voornemen is goed, Janus, geeft ze dadelijk toe.

— Welja, jó, doe er wat mee, zegt Mia, die al wat met z'n plannen op de hoogte is. Janus is blij, dat hij niet alleen staat. Met z'n drieën verenigd om een plan, dat zit prettig en werkt plezierig.

Als Janus in de loop van de dag eens langs de grenzen van de kleine hoeve wandelt, dan wordt hij ineens bevangen door het besef, dat de hoeve wat klein is om wat groots op te verrichten.

Hij is ook zulk een oppervlakte gewoon ; ver en wijd. Uitgestrekte weilanden en brede akkers. De ,,Reeënhof" is veel bunders groot.

Ja, het is wat eng en klein. Wel geschikt voor een paar mensen op leeftijd, maar hij is jong en levenskrachtig. Het bloed stroomt hem als ververst door de aderen.

Hij en zijn vrouw zijn jong en sterk. Een boerderijtje, dat eigenlijk geschikt is om wat op te rentenieren, zal op de duur niet bevredigen.

Daarover peinst hij. En hij weet, dat God weet, dat hij géén ijdelheid zoekt, maar dat hij de vleugels wat wil uitslaan en werken wil.

De handen van Mia staan haar goed aan het lijf. Ze staat te naarstig aan zijn zijde met hem te helpen op het land ; daarom acht hij de enkele bunders grond niet gering, maar op de duur niet voldoende om boer op te zijn, zoals hij het gaarne zou willen. Maar 't zal hier in deze kontreien wel zeer moeilijk zijn om land erbij te kopen of te huren. 

Janus prakkizeert er over. Doch hij vindt de oplossing niet. Hij zal er met Mia over praten. Die is hier meer bekend, dan hij. Aan de avond, als hij gemolken heeft, gaat hij naar het dorp. De timmerman-metselaar woont tegenover het kerkhof, heeft Mia hem uitgeduid. In 't kleine dorp vindt hij de weg vanzelf. De kerk, de school, het postkantoor, zonder zoeken vindt men ze. Aan de zwarte sintelweg, die naar Ashoven voert, ligt in het hout verscholen, het kerkhof. Op een wit bordje leest Janus : A. Delvenaar, in bouwmaterialen.

Arie Delvenaar, heeft Mia hem genoemd. Een maand geleden heeft hij op ,,Amazone" in de keuken een nieuw aanrecht gebouwd met gele tegels in de muur. Hij is een goed vakman.

Janus zet zijn fiets in het schuurtje. Daarachter staat de loods van Delvenaar. De metselaar is daar in luidruchtig gesprek met een klant.

Arie Delvenaar weet zijn tong te roeren. Men kent hem tot ver in de omtrek. Hij redeneert ook met spreekwoorden.

Als Janus om de hoek komt, zegt hij : Als er één schaap over de brug is, dan volgen er meer.

De nieuwe boer, vervolgt hij deels tegen zich zelf, deels tegen zijn klant en deels tegen Janus.

— Van de Vaartweg, niet ? — Precies.

— Ik zag je Zondag met de pleegdochter van vrouw Wiedeling in de kerk.

— Dat kan uutkomme !

— Late we een bakje gaan doen, stelt de metselaar voor en redeneert met z'n klanten naar de keuken van zijn artistiek gebouwd huis.

— Hei-je dit huus naor eigen plan gebouwd ? vraagt Janus hem.

— Ja, antwoordt Delvenaar geïnteresseerd door die vraag. En ik ben aan dit plan bezig geweest van m'n jonkheid af.

— Ik mot 't bewonderen, zegt Janus, en blijft nog even staan.

— Misschien komme we in de smaak wat overeen, Veldstroo, meent Delvenaar. Hij wijst hem enkele bijzonderheden aan.

— 't Is mooi, beslist Janus, zonder omwegen.

— En nou binnen, stelt de metselaar hem voor.

Zij gaan naar binnen.

— Vrouw, verklaart Delvenaar, dit is de boer van ,,Amazone". Hij wil ons huis van binnen eens bezien.

— O zo, zegt ze lachend, ga jullie je gang, dan maak ik de koffie klaar.

Met de ander, die haar meer bekend is, praat ze in de keuken verder.

— Wat een ruimte, Delvenaar ! In de voorkamer bewondert Janus de keurig ingebouwde schouw met fijne Goudse steentjes en daarnaast de tegels in een mooie variatie van kleuren.

Wat elk moet opvallen, is de ingebouwde boekenkast naast het kleine venster met gekleurd glas in lood.

Bij een gewone burgerman in de bouwvakken en dan zulk een verzameling boeken.

(Wordt vervolgd.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1949

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

De Puritein van de Hertenpolder

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1949

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's