De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

KERKDIENST

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

KERKDIENST

5 minuten leestijd

LEZEN VAN WET EN GELOOFSBELIJDENIS.

Na het eerste zingen wordt de Wet des Heeren gelezen. De Heidelbergse Catechismus geeft aan de Wet tweeërlei betekenis :

a. om daaruit onze zonde te leren kennen (Zondag 2), en

b. als richtsnoer voor het leven der dankbaarheid. (Zondag 34).

Daarom zal ook het lied, dat eventueel hierna gezongen wordt, kunnen zijn een gebed om vergeving of ook een danklied voor de genade van Christus, die het alles voor ons heeft volbracht. Hoe wij overigens de betekenis der Wet in de kerkdienst ook willen zien, het is juist hier duidelijk, hoe Wet en Evangelie bijeen behoren, zoals zij in de persoon van de Heere Jezus Christus onafscheidelijk bij elkander horen. De Wet blijft Gods onveranderlijke wil t. a. v. ons leven, waaraan wij ons moeten houden. En deze Wet is een tuchtmeester tot Christus.

Ja, zonder de Wet en het hele Oude Testament blijft het Evangelie van het Nieuwe Testament een raadsel voor ons. Door het één verstaan wij eerst het ander. Men behoort daarom ook niet zulk een scheiding tussen Wet en Evangelie te maken, alsof de Wet behoort tot een verleden periode, waar wij niets meer mede te maken zouden hebben. Dan vergeten wij Christus woord, dat geen tittel of jota van de Wet verloren zal gaan. Onze Catechismus heeft de verhouding wel zeer juist getekend, wanneer hij aan de wet tweeërlei betekenis toeschrijft, zoals boven vermeld.

In de tweede dienst op Zondag is het gebruikelijk de twaalf artikelen van ,,ons algemeen en ongetwijfeld christelijk geloof" te lezen, waarin dus de algemeene belijdenis van de Kerk van alle eeuwen is vervat.

In en bij het lezen van deze artikelen is 't hier plaatselijk dus eigenlijk de gemeente, die haar geloof in deze woorden belijdt.

Deze geloofsbelijdenis dateert waarschijnlijk ongeveer uit het jaar 200 na Chr. Zij is in de strijd tegen allerlei dwaalleer gegroeid uit de zogenaamde Doopformule, die in het bekende Zendingsbevel van Christus is vervat: ,,dezelve dopende in de Naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes".

Deze geloofsbelijdenis hebben alle christelijke kerken van onze tijd nog met elkander gemeen (ook de Rooms Kath. Kerk).

Deze belijdenis zou dus eigenlijk ook het uitgangspunt kunnen en moeten zijn van wat men thans noemt „het gesprek der Kerken", waarmee wordt bedoeld het contact, dat men weer leggen wil tussen alle kerken, die uit de Hervorming zijn voortgekomen en ook andere, die nog ouder zijn, zoals de Oud- Katholieke en Grieks-Katholieke of Orthodoxe Kerk.

Inmiddels zal het duidelijk zijn, dat ieder kerkganger ten nauwste betrokken is bij het lezen van de Wet des Heeren, die ons veroordeelt als zondaren voor God, opdat wij ons voor Hem zouden verootmoedigen.

En bij het lezen van de geloofsbelijdenis is ieder weer evenzeer betrokken, want dit stelt hem voor de grote vraag, of hij werkelijk deze dingen belijdt, in leer en leven. Daarom is deze belijdenis zo persoonlijk: ,,Ik geloof " Dat moet ge dus zelf doen. Een ander kan niet voor u geloven. Hier wordt men persoonlijk geplaatst tegenover de Heere Hij ziet ons aan, die niet let op de persoon, maar op het hart. Geloven met het hart en belijden met de mond : daar gaat het om. En zo moet het worden ook in uw leven. Eerst dan kunt ge instemmen met de Kerk van alle eeuwen : Ik geloof....!

Zo is ook deze lezing van Wet en Geloofsbelijdenis dienstig om ons er toe te brengen, dat wij het leven buiten onszelf zouden zoeken bij de Heere Jezus Christus, zonder Wien het leven de dood is. Daarentegen is leven met Christus : niet minder dan ,,eeuwig leven", want dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige en waarachtige God en Jezus Christus, die Gij gezonden hebt.

SCHRIFTLEZING.

Deze staat gewoonlijk in nauw verband met de tekst of het Schriftgedeelte, waarover gepreekt zal worden. Dit wil ons dus tegelijkertijd op de prediking voorbereiden, zoals alles daartoe dienen moet in de eredienst. Het kan nuttig zijn om bij de Schriftlezing zoveel mogelijk een gedeelte uit het Oude zowel als het Nieuwe Testament te kiezen, om ook hierdoor de gemeente te herinneren aan de eenheid der Schrift, die niet kan verbroken worden, omdat de Schriften nu eenmaal geen mensenwerk, maar Gods werk vormen.

De Schriftlezing gaat vooraf aan de prediking, omdat de prediking altijd ondergeschikt blijft aan het Woord Gods. Het is een mens, die met Gods hulp, tracht het eigenlijke Woord Gods te verkondigen, zoals het in de Bijbel voor ons ligt. Daarom moet de prediking altijd weer aan dit Woord Gods getoetst worden.

Daarom ook is het zo nodig, dat de gemeente bidde voor hem, die het Woord Gods verkondigen moet.

Wanneer meer voor de predikant gebeden en zijn prediking wat minder werd gecritiseerd, zou het geestelijk leven der gemeente ongetwijfeld meer worden opgebouwd.

Biddend om de „opening des Woords" moeten wij luisteren naar de Schriftlezing en straks naar de verkondiging.

En „zalig zijn degenen, die het Woord Gods horen en het bewaren", zoals de Heere Jezus Zelf gezegd heeft. Lukas 11 vers 28).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 september 1949

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

KERKDIENST

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 september 1949

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's