De souvereiniteitsoverdracht!
27 Dec. 1949 is te Amsterdam de souvereiniteit over geheel Nederlands Indië, met uitzondering van Nieuw Guinea, overgedragen aan de Verenigde Staten van Indonesië, bestaande uit de oude republiek Djocja en enige federale gebieden.
Daarmede is een sluitstuk gevonden voor wat de overgrote meerderheid des volks aanvoelt als een dramatische politiek, die, eenmaal aan het afwijken, niet anders kon eindigen dan in een legalisering van de revolutie.
Het gedruis om dit gebeuren is zó groot, dat er — waarschijlijk ter camouflage van eigen nederlaag — de allervreemdste beweringen worden geuit.
In de Eerste Kamer sprak een Rooms Katholiek het uit, dat de schuld van deze vier jaren lag bij de oppositie, alsof daar ooit in enig opzicht mede gerekend was.
Daar is waarschijnlijk, om druk op de oppositie uit te oefenen, gewerkt met voldongen feiten en buitenlandse druk, terwijl nimmer precies viel uit te maken, in hoeverre dit niet tevens strookte met eigen verlangens en volkomen buiten het geding bleef of een land of een persoon zijn houding niet naar hogere normen moet bepalen. Daar zou menselijkerwijs, van Nederland in de bezettingstijd niet veel zijn terecht gekomen als er geen daadwerkelijk verzet was geweest tegen hoop en verwachting in.
Daar is, en dat is het bedenkelijkste, nog een scherp verwijt, dat wij onszelf nu uitgeschakeld hebben en geen boodschap meer hebben voor Indië.
Dat is niet waar.
Wij zullen van nu af en voortaan trachten van de Unie met Indonesië te maken wat er van te maken is, zonder stil verwijt aan de gebrachte offers — zonder mokken over wat Nederland nog te dragen krijgt.
Nu eerst zal blijken, dat wij een houding weten aan te nemen, wat ons ook overkomt, en niet gelijk de anderen de houding bepalen naar de wisselende omstandigheden.
Wij verhelen het niet, dat er vrees bij ons is, want alles berust op vertrouwen en vertrouwen is zo fragiel als een broze vaas.
Als de vaas echter breekt, zal het breken geschieden door de slechte samenstelling van de vaas en niet, omdat wij er een duw tegenaan geven.
Moge God Nederland en Indië niet verder uit elkaar voeren dan reeds geschied is, opdat ginds en hier bitterheid en tegenslag geen beletsel vormen voor de doorbraak van het Koninkrijk met de Doornenkroon.
VERKERK.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's