Die geloven haasten niet
De Classis Bommel heeft een motie ingediend bij de Generale Synode, waarin verzocht wordt om het tempo, waartoe de Classicale Vergaderingen worden aangedreven bij de behandeling van de Kerkorde en de Ordinantiën, die haar in eerste lezing zijn aangeboden, te vertragen.
Nu zijn klachten over de haast, waarmee de Generale Synode in de jaren na de oorlog allerlei voorstellen van reglementswijziging wil behandeld zien, geen zeldzaamheid. Menigmaal hadden de predikanten en ouderlingen, die ter Classicale Vergadering waren afgevaardigd, geen behoorlijke ruimte van tijd om voorgestelde wijzigingen te bestuderen, terwijl dan voor enige voorlichting in de kerkelijke pers in het geheel geen mogelijkheid was. Klachten over het overhaaste tempo zullen de Synode daarom meermalen bereikt hebben. Desniettemin is de vaart niet verminderd ; integendeel, het tempo is nog opgevoerd. De Kerkorde met Ordinantiën, samen een lijvig boekdeel, benevens het Dienstboek en de Overgangsbepalingen, die nog in de Synode moeten behandeld worden en dan te zijner tijd aan de Kerk zullen worden toegezonden, moeten in de eerste helft van dit jaar worden behandeld. De Kerkeraadsleden moeten daarvan persoonlijk kennis nemen ; in de Kerkeraad daarna besproken ; vervolgens behandeld in de Classicale Vergaderingen.
Nu zijn het geen geringe zaken, die ter beoordeling en consideratie aan de Kerk worden voorgelegd. De Kerkorde met de Ordinantiën zijn te vergelijken met een geheel nieuwe Grondwet met bijbehorende organieke wetten. De inrichting der Kerk zal geheel omgevormd worden. Nu zou men menen, dat er door ruimschoots tijd te geven een alzijdige bespreking, belichting en breed beraad mogelijk zou gemaakt worden. Het Weekblad der Hervormde Kerk heeft in Maart 1949 al geruststellend verzekerd, dat het geenszins in de bedoeling lag om de Kerkorde in haast door de vergaderingen der Kerk te doen behandelen.
Doch wat is de realiteit geworden ?
De Kerk en de Classicale Vergaderingen worden door de zweep voortgedreven. Is dat nu bevorderlijk aan een gedegen behandeling van een Kerkorde, die de inrichting en wijze van regering der Kerk voor onafzienbare tijd moet vastleggen ? Geen wonder, dat er nu eens een motie in de Generale Synode uit een Classis ter tafel kwam, waarin aangedrongen werd op een langzamer tempo. Bij sommigen vond deze motie bijval, bij andere leden weer bestrijding. Als bezwaar tegen uitstel werd o.a. ook geopperd, dat een volgende Synode met een andere samenstelling zich opnieuw zou moeten inwerken en zwaar belast worden, indien ze de tweede lezing in behandehng zou moeten nemen. Door verschillende Synodeleden werd betoogd, dat vóór alle dingen spoed betracht behoort te worden, opdat men nog dit jaar met de behandeling in tweede lezing gereed zal komen. De vraag is nu maar, of het een bezwaar mag heten, wanneer een volgende Synode met andere samenstelling voor de behandeling in tweede lezing zal geplaatst worden. Is dit niet veeleer een voordeel te noemen? Bij grondwetsherziening had toch steeds kamerontbinding plaats en de behandeling in tweede lezing geschiedde dan door een nieuwe volksvertegenwoordiging met een nieuwe regering. Door een nieuwe verkiezing ken dan het volk zijn invloed laten gelden bij een grondwetsherziening. Zulk een herziening was dan de inzet bij de verkiezingen. En wat men nu juist voorschrijft bij een grondwetsherziening, begeert men in de Generale Synode niet : n.l. behandeling door een Synode met andere samenstelling. Door de wijze, waarop een grondwetswijziging tot stand komt heeft men zich waarborgen willen scheppen, dat een wet rust in het rechtsbewustzijn van het volk. En zou een Kerkorde zulk een draaggrond kunnen ontberen ?
Steeds is er voorgehouden, dat er een presbyteriaal-synodale Kerk en Kerkorde verwacht kon worden. Dit houdt toch ook in, dat er ruimschoots gelegenheid geboden zal worden tot bespreking en behandeling in Kerkeraden en Classicale Vergaderingen, waar de Kerk in haar ambten vergaderd is. Steeds komt men er van presbyteriaal standpunt tegen op, dat de regering bij weinigen zal berusten. Uit dien hoofde is het dan ook gewenst, dat een nieuw gekozen Synode over de Kerkorde in tweede lezing zal beraadslagen. De Kerk zal dan haar deputaten naar de Synode kunnen afvaardigen uit het gezichtspunt van de afvaardiging voor de eindbeslissing. Wat in de Synode als bezwaar werd aangemerkt, komt ons juist als een eis en voordeel voor.
Het gaat er tenslotte niet om, dat er aan de Kerk slechts een Kerkorde gegeven wordt en liefst zo spoedig mogelijk, maar een Kerkorde, die doordacht en verantwoord is en die de Kerk bevredigt. En hiertoe is tijd en breed beraad nodig. En wat is nu een jaar uitstel in vergelijking bij de onafzienbare tijd die de nieuwe Kerkorde zal moeten fungeren ? Waartoe die haast bij een werk, dat de eeuwen verduren moet ?
Gun de Kerk de tijd zich in te leven in het nieuwe, dat de Kerkorde wil brengen, opdat haar oordeel bezonken zij. De nieuwe koers is ingeslagen, doch die geloven haasten niet.
Ds. mr. A. LUTEIJN.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 februari 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 februari 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's