De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Bijna ongelofelijk!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Bijna ongelofelijk!

5 minuten leestijd

Voor mij ligt een uitknipsel uit de Nieuwe Haagsche Courant van 17 Jan. '50 van de volgende inhoud :

Geen Adhaesie.

De Kerkeraad van de Geref. Kerk (art. 31 K.O.) te Bergschenhoek heeft geweigerd in te gaan op het verzoek van de kerkeraad der Ned. Herv. Gemeente te dezer plaatse om adhaesie te betuigen met het protest van de Hervormde Kerkeraad aan het gemeentebestuur in verband met een op Zondag gehouden fancy fair.

Bedoelde kerkeraad motiveerde zijn weigering met het feit, dat deze raad als  zijnde „de enige wettige kerkeraad van Christus' enige en wettige gemeente te Bergschenhoek" geen adhaesie kan betuigen aan een schrijven, verzonden door een kerkeraad van een kerk, die „niet beantwoordt aan de door Christus voor een wettige gemeente gestelde normen".

Hij wekte de kerkeraad van de Ned. Herv. Gemeente op, zich vrij te maken van alle kerkelijke banden en zich te voegen bij de ware Kerk te Bergschenhoek, n.l. de Geref. Kerk (art. 31 K.O.).

Toen ik dit artikel las, wist ik niet wat ik hiervan denken moest.

Nog steeds hoopte ik, dat dit bericht zou worden tegengesproken. Dan was het dus slechts een leugenachtig bericht geweest. Maar helaas, heb ik het nog niet horen tegenspreken. Wel kwam een dergelijk schrijven ook al voor in andere bladen.

Wat staat het er eigenlijk droevig voor op kerkelijk terrein ! Daar hebt ge nu een Herv. Kerkeraad te Bergschenhoek, die tot de Geref. Bond gerekend wordt en die een protest laat horen tegen wereldse vermakelijkheid op de dag des Heer en, maar in die gemeenschappelijke strijd tegen de wereld zegt de kerkeraad van de gereformeerde kerk (art. 31 K.O.) : Neen, neen wij doen niet met u mee, om de eenvoudige reden, dat we u niet eens erkennen als raad van een wettige Kerk van Christus Jezus.

Onder de rook van Rotterdam vindt men dat veel. Ik denk weer aan Capelle aan de IJssel waar kerkformaties worden gevonden van Gereformeerden, Gereformeerden Art. 31, Gereform. Gemeenten, Oud Gereformeerden, Vrij Oud Gereform. Gemeente, Vrije Hervormde (oud Geref. Gem.) van ds. Vlot enz. enz.

En al deze groepen zeggen om strijd, dat hun tempel de tempel des Heeren is. Als men zich in deze kringen beweegt, wordt het wel toegegeven, dat het met die versnippering niet in de haak is. Maar toen ik aan een van die mensen vroeg, wat hij dan toch wel de oplossing achtte van die treurige verdeeldheid, was dit het antwoord : „Jullie moeten allemaal bij ons komen, bij de oud-gereformeerden, want daar alleen is het goed".

Wat de ellende nog vermeerdert is dit, dat het kerkelijk besef bij velen weg is ; ook bij velen van onze mensen in de Hervormde Kerk.

Men bekommert zich niet meer om het kerkelijk vraagstuk. „Ik ga overal luisteren, waar ik wat goeds kan horen", zei iemand mij kort geleden.

Om nog eens het aloude woord der profetie te gebruiken, men bekommert zich niet meer om de verbreking van Jozef.

Het geval van Bergschenhoek staat niet op zich zelf. Prof. Schilder noemde de Christelijk Gereformeerden vroeger ook al een secte.

Zo ver is het nu al gekomen, dat nakomelingen van Afscheiding en Doleantie elkander sectariërs beginnen te noemen.

O' wat moet de wereld er van denken ? Die spot er mede. De wereld zegt niet: ziet hoe lief die mensen uit die verschillende kerkjes elkander hebben, maar wel zegt ze : ziet hoe ze elkander haten.

Te midden van die chaos van elkander bestrijdende kerkjes, die allen beweren, dat ze staan op de grondslag van Schrift en Belijdenis is het mij een vreugde om in die oude Hervormde Kerk van Nieuwerkerk aan de IJssel nog een reformatorisch geluid te mogen laten horen.

Ik geloof, dat er maar een weg is, die kan leiden tot oplossing van het kerkelijk vraagstuk : Weer terug naar die kerk, waar het zo diep verzondigd is, mocht het wezen in belijdenis van zonde en schuld, de Heere smekend, dat Hij moge blazen door het dorre doodsgebeente van onze kerkelijke organisatie.

Dit is mij nu ten minste de laatste tientallen jaren duidelijk geworden, dat we niet meer de weg van de afscheiding op moeten.

Er gaat geen week voorbij of ik denk aan het woord, hetwelk dr. H. Kohlbrugge eenmaal schreef aan ds. Brummelkamp, die hem had uitgenodigd om ook over te komen tot de Afscheiding.

Hij schreef hem onder meer terug, dat hij geloofde, dat het zaad der afscheiding van de Heere Sebaoth driewerf vervloekt was.

Door dat zaad der afscheiding is de ware kerk jammerlijk verdeeld en de satan maakt er gebruik van, want het is zijn leuze : verdeel en heers.

Verblijdend is het, dat weer honderden zich willen scharen onder de gereformeerde prediking in de erve onzer vaderen.

Het is voor mij het bewijs, dat de Heere onze kerk nog niet verlaten heeft.

Moge het gebed voor haar vermenigvul­digen.

TIMMER.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 februari 1950

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Bijna ongelofelijk!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 februari 1950

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's