In korte trekken
Een veilig bolwerk?
Rome roept bij herhaling de moede en wanhopende mensheid op om zich tot Christus, en dat wil zeggen, de roomse kerk te wenden. Dat zou het zijn, wat de wereld in deze zo verwarde en uitzichtloze tijd behoeft. In het bijzonder richt zij zich daarbij ook tot „alle christenen, die van Rome afvallig zijn", om hen uit te nodigen „als dwalende kinderen terug te keren". Men kan dat met prof. Reinhold Niebuhr, die de laatst gehouden kerstrede van de paus critiseerde, een „onverdraaglijke aanmatiging" noemen, het is, althans van rooms standpunt bezien, in ieder geval consequent. Er is immers voor rooms besef verband tussen de chaos van onze tijd en de miskenning van het gezag der R.K. kerk. In die breuk moet uiteindelijk de oorzaak van al de kwalen der mensheid gezocht worden. Want die breuk betekent immers een revolutie tegen het verheven gezag der kerk, die in de naam van God het mensdom bestuurt. Daarom is er volgens Rome in de grond der zaak maar één uitweg : terug naar de kerk, als de enige haven des heils.
Rome dient zich dan ook aan als het enige veilige bolwerk tegen de dreigende ondergang van beschaving en cultuur, zedelijkheid en godsdienst. In het bijzonder werpt het zich op als de kampioen tegen het immer meer toenemende wereldcommunisme.
De kerk van Rome doet dit in het besef, dat zij geroepen is om de volkeren in Gods Naam te regeren. Het blijft dan ook niet bij de dringende oproep om in haar schoot terug te keren of zich onder haar leiding te plaatsen. Zij stelt alles te werk om, waar dat maar mogelijk is, haar invloed ook op het terrein van de politiek daadwerkelijk te laten gelden. Rome beschikt daartoe over een diplomatieke dienst, die, naar men zegt, dusdanig in het vak gekneed is, dat het State Department te Washington of het Kremlin te Moskou er nog wel wat van leren kan. Die verbinding van geestelijk gezag en wereldlijke machtsuitoefening komt ons als iets vreemds voor. Maar wie bedenkt, dat de paus zich zonder enige aarzeling houdt voor de stedehouder van Christus en dat deze kerk zich zelf zonder enige twijfel ziet als de voortzetting van de vleeswording van het Woord Gods, verbaast zich niet, wanneer Rome en haar hoofd zich zeggenschap inzake de regering der volken en de besturing van het mensdom, ook in de letterlijke zin van het woord aanmatigen.
Het schijnt, dat Rome zo nog al een en ander heeft kunnen bereiken. Vooral ook tijdens de laatste oorlog en de eerste naoorlogse jaren, toen er nauw contact tussen het Vaticaan en de regering der Ver. Staten bestond. Of de resultaten daarvan voor het Protestantisme ook altijd even gunstig zijn, is echter de vraag. Ik kan het niet alles beoordelen, maar indien men geloven mag, wat ons daaromtrent bericht wordt, is b.v. de stichting van een afzonderlijke West- Duitse Republiek een succes voor Rome, De om zijn verzet tegen het nationaal-socialisme bekende predikant ds. Niemöller moet gezegd hebben', dat deze staat in het Vaticaan is verwekt en in Washington geboren. In ieder geval betekent het bestaan van deze republiek een winst voor Rome. Want door de afscheiding van de gebieden, die door Rusland bezet zijn en die juist een voor een groot deel protestantse bevolking hebben, is in de West-Duitse Republiek de roomse invloed zeer toegenomen. En volgens de Hannoverse vluchtelingen-predikant Heinrich Albertz, die voor 't blad „In de Waagschaal" een artikel schreef over de bedenkelijke situatie, waarin het protestantisme in Duitsland dientengevolge is gebracht, is het dan ook geen geheim meer, wie de politieke beslissingen in West-Duitsland wezenlijk beïnvloedt. De villa van de bondskanselier, — zo schrijft A. — ligt slechts 30 km. verwijderd van de residentie van kardinaal Fring ! A. meent dan ook, dat de huidige situatie van Duitsland tevens de grootste winst voor de politiek der roomse curie betekent.
Men moet weliswaar, dunkt me, niet over het hoofd zien, dat de politieke ligging van Pfarrer Albertz, naar het schijnt, meer aansluiting vindt bij de „progressieve" opvattingen der sociaal-democratie, dan bij de „reactionaire" staatkunde van het roomskatholicisme.
Dat zou iets kunnen verklaren. Het neemt evenwel het alarmerende van deze beschouwingen niet weg. Het Protestantisme in Duitsland is in een zeer moeilijke situatie gekomen. Ook ds. Niemöller heeft daar in een vraaggesprek met een schrijfster voor een Amerikaans blad kortgeleden de aandacht op gevestigd. Dat gesprek heeft nogal wat wederwoorden opgeroepen, maar is ook de aanleiding geworden tot nadere verklaringen, die toch wel de indruk geven, dat in het land, waar eens de, Hervorming begon, het Protestantisme nooit zo bedreigd geweest is als vandaag aan de dag.
Dat verontrust. Zeker, we hebben daar ook de slaande hand des Heeren ia te zien. Luther moet in zijn tijd al eens met nadruk gezegd hebben, dat er, zo men de weldaden, die God toen gaf, zou vergeten en het Woord Gods weer zou loslaten of, erger nog, verwerpen, een tijd zou komen, waarin de Heere als het ware weer weg zou nemen, wat Hij eens schonk. Dat heeft men er in Duitsland ook zeker uit te leren, al dienen wij daarbij te beseffen, dat dit voor ons nooit een reden kan zijn om ons te verheffen, maar veel meer een oorzaak is om ons mede te verootmoedigen voor de Heere God. Wanneer die verootmoediging gevonden wordt, behoeft deze zo bedreigde situatie van het Protestantisme niet eens alleen maar voor verlies gehouden te worden. Het kon wel eens zijn, dat hetgeen dan zo gezegd in de breedte verloren ging, aan diepte gewonnen mocht worden. Gods genade is machtig om deze noodtoestand nog in geestelijke winst om te zetten.
Maar dan blijft het toch zaak om er open ogen voor te hebben dat Rome, zo het al niet een aandeel heeft gehad in de ontwikkeling der dingen, dan toch in ieder geval voordeel weet te trekken uit de huidige stand van zaken. Want in het meergenoemde artikel maakt ds. Albertz ons deelgenoot van zijn twijfel, of de huidige regering in West-Duitsland, ondanks de goede woorden, die men de Berlijners toevoegde, wel bereid zou zijn om alleen maar West-Berlijn als gelijk berechtigd land in het West- Duitse staatsbestel te laten binnen treden, omdat alleen daardoor al de bestaande meerderheid inéén zou storten, die nu gelegenheid verschaft om bepaalde eisen, die anders niet eens aan de orde zouden komen, door te zetten. Stellig valt er toch wel uit te leren, dat werkelijk niet alleen in Duitsland, maar overal voor het Protestantisme waakzaamheid tegen deze politieke bedrijvigheid van het Vaticaan dringend geboden is.
Met belangstelling volgende bericht : las ik dan ook het
„De toenemende spanningen tussen Washington en het Vaticaan, die reeds dateren van de zomer van het vorig jaar, vonden een voorlopig hoogtepunt in de antslagneming van de Amerikaanse gezant bij de H. Stoel, Myron Taylor. Taylor was de persoonlijke vertegenwoordiger in Rome van de president der Verenigde Staten. Tien jaar lang heeft hij zijn post gehad en in de loop der jaren zijn er momenten geweest van zeer nauwe samenwerking tussen het Vaticaan en Washington. Thans is Myron Taylor uit Rome vertrokken en het laat zich aanzien, dat zijn post niet opnieuw zal worden bezet.
Eén van de oorzaken van het heengaan van Taylor moet gezicht worden in de sterke oppositie van het Amerikaanse Protestantisme tegen de stabilisatie der diplomatieke betrekkingen met het Vaticaan. In R. Kath. kringen echter hecht men aan dit heengaan nog grotere betekenis. Men geeft in Rome zonder meer toe, dat het Amerikaanse Protestantisme grote invloed heeft gehad op het Witte Huis en het ontslag van Taylor in feite afgedwongen heeft. Hoewel Taylor's ontslagneming schijnt meer een gevolg te zijn geweest van de bemoeiingen van het Vaticaan, dan van Protestantse pressie in Amerika.
Een en ander heeft een duidelijke politieke achtergrond.
Palestina speelt een rol. Een der voornaamste programpunten der Vaticaanse politiek is de eis betreffende de internationalisering der heilige plaatsen in Palestina. Met betrekking hiertoe heeft Paus Pius XII twee encyclieken uitgegeven en de gezamenlijke pauselijke diplomatie is ingespannen aan het werk geweest om deze eis vervuld te krijgen. Washington heeft deze eis in geen enkel opzicht gesteund en zo werd dit punt de tere plek in de verhoudingen Rome-Washington. Een plek, die toch reeds geïrriteerd was door de min of meer agressieve houding ^an het Protestantisme.
Toen Myron Taylor in de zomer van '49 ter gelegenheid van één zijner periodieke bezoeken aan het Vaticaan namens het Witte Huis de Paus verzocht de Staat Israël te erkennen, volgden daarna besprekingen over de internationalisering der heilige plaatsen. De Paus wenste deze erkenning niet, zonder gelijktijdige tegemoetkoming aan de zijnerzijds gestelde eis. Hierdoor ontstond reeds afstand tussen Rome eta Washington, een afstand, die nog vergroot werd toen Myron Taylor bij zijn volgend bezoek aan de Paus namens Washington mededeelde, dat de aan Amerika vijandige houding der Katholieke clerus in de Latijns-Amerikaanse republieken, Washington niet welgezind was. Washington — zo deelde Taylor de Paus mede — stelt de R. Kath. clerus verantwoordelijk voor de vijandige houding der Kerk in de Z. Amerikaanse landen jegens de regering der Verenigde Staten. Het acht eveneens de Kerk verantwoordelijk voor de stappen, die Panama en Guatemala jegens de U. S. A. ondernomen hebben. Daarom werd aan de Paus gevraagd tot een ontspanning liierin te willen medewerken. Deze heeft dit niet gedaan, waarop Amerika zich openlijk tegen internationalisatie van de heilige plaatsen in Palestina verklaard lieeft.
Sedert nam in Vaticaanse kringen, de oppositie tegen Myron Taylor toe, die er van beschuldigd werd de belangen der Kath. Kerk onvoldoende te behartigen".
Ik moet nu echter toch eens komen tot de vraag, die hierboven staat: een veilig bolwerk ? Is 't wel waar, dat een onder roomse leiding ingerichte staatkundige orde en een door die invloed bepaald maatschappelijk bestel een hechte verdediging tegen de dreiging van het communisme vormen en in staat zullen zijn deze wassende rode vloed tegen te houden ?
Het lijkt mij op z'n minst twijfelachtig. In het meergenoemde weekblad werd onlangs de aandacht gevestigd op enkele beschouwingen, die in de Mededelingen van de „Schweiz. evang. Pressedienst" voorkwamen. Daarin werd in verband met de vraag, die ook ons nu bezig houdt, opgemerkt :
„Welke landen zijn tot op heden ten offer gevallen aan het communisme ? Het zijn, behalve enige Balkanstaten, Polen, Tsjecho-Slowakije en Hongarije, landen, die voor drie kwart Rooms Katholiek zijn. In deze landen heeft de Rooms Katholieke Kerk beslissende invloed, 20 niet de heerschappij uitgeoefend. Deze staten zijn min of meer rijp geworden voor het communisme. Zeker, men kan er op wijzen, dat het communisme slechts, dank zij een sterke Russische druk, aan het bewind is gekomen. Dat is ongetwijfeld waar, maar het is óok waar, dat het Protestantse Finland aan een zelfde Russische druk is blootgesteld, zonder te capituleren. En als wij verder onderzoeken, welke landen nog meer sterke communistische bewegingen bezitten, dan stoten we op het Katholieke Frankrijk en het Katholieke Itahë. Niet door het communisme bedreigd zijn Zwitserland, Nederland, de Angelsaksische wereld. Niet bedreigd is het Protestantse Scandinavië. Dat zijn reële feiten, waar wij goed nota van moeten nemen.".
Men zou dus kunnen zeggen, dat Rome inplaats van een bolwerk tegen het communisme, in de practijk de gangmaker daarvan geweest schijnt te zijn. Ik zeg niet, dat ik die stelling ook zonder meer bewezen acht. Er wordt ter verklaring van één en ander hierop wel gewezen, dat de roomse kerk door de plaats, die zij ook dikwijls in het economisch leven inneemt, de oorzaak zou zijn van sociale ontevredenheid. Denk o.a. maar aan het feit, dat de R.K. kerk hier en daar één van de grootste grootgrondbezitters is. Dientengevolge werden vooral in minder gunstige tijden spanningen opgeroepen, die zich, wanneer de kerk haar positie zocht te behouden, ontladen hebben in revolutionaire bewegingen of in ieder geval de massa in de armen van het communisme dreven. Hoc dit ook zij, het zal ons weinig reden kunnen geven om ons boven Rome verheven te gevoelen. We kunnen ons er alleen maar aan spiegelen. Want wanneer de benaming protestant alleen nog maar inhoudt dat men niet tot de roomse kerk behoort en indien dit protestantisme blijk geeft meer belust te zijn op aardse rijkdom en wereldse macht dan begerig is God de Heere te dienen naar Zijn Woord, dan is dit Protestantisme evenzeer als Rome, al is het dan op wat andere manier, bezig is om het hout aan te dragen, dat de brandstapel zal vormen, waarop, zo God het niet genadig verhoedt, straks als de vonk overslaat godsdienst, beschaving en nog veel meer in vlammen zullen opgaan.
Van meer belang, althans met het oog op de beantwoording van de opgedwongen vraag, lijkt mij de mening, dat het Rooms- Katholicisme — en dan in het bijzonder in tegenstelling tot het Gereformeerd Protestantisme — de mens als het ware rijp maakt voor een totalitair systeem. Of dan toch zeker de mens minder weerbaar doet zijn tegenover een dergelijk systeem, omdat de hiërarchische vorm van kerkregering en het absolute gezag der geestelijkheid al heel weinig ruimte laten voor persoonlijke verantwoordelijkheid en vrijheid. Daarom ben ik ook op z'n minst wat achterdochtig, wanneer Rome zich uitgeeft voor het veilige bolwerk tegen het communisme, dat weliswaar de bevrijding van de massa predikt, maar in de grond der zaak de verschrikkelijkste knechting van mens en maatschappij betekent, omdat 't alles en iedereen zonder enig voorbehoud opoffert aan de bedoelingen van hen, die de macht in handen hebben. Want de vraag is niet alleen deze of Rome misschien niet om allerlei redenen eerder een wegbereider dan een dam tegen dit communisme moet heten. Maar vooral ook of de vrijheden en de waarden, die Rome nu tegen Moskou wil verdedigen, uiteindelijk bij Rome zelf wel veilig zijn! Want de structuur en het ideaal van Rome brengt mee, dat het tenslotte, zoals Moskou persoon en samenleving en nog heel wat meer opoffert aan de doelstellingen van de partij, evenzeer alles en iedereen aan haar onderworpen wil zien. En wanneer men wil weten waartoe dat leiden kan, wanneer de roomse kerk zich politieke invloed weet te verschaffen, behoeft men niet eens de voorbeelden uit onze vaderlandse historie op te roepen.
Het voorbeeld van Spanje, waar vandaag aan de dag aan het Protestantisme nauwelijks nog enig bestaan gegund wordt, is duidelijk genoeg.
De Watergeuzen zeiden : liever Turks, dan Paaps. Dat zeggen we hen in dit verband maar liever niet na. Het is echter toch wel nuttig om te bedenken, dat het ook niet waar is, dat de wereld er goed aan zal doen Rome boven Moskou te kiezen. Want dit bolwerk lijkt me, zoals gezegd, niet erg veilig. En wat zouden we er mee vorderen ? Zou het in zekere zin niet betekenen, vaii de regen in de drup te komen ?
Het gaat, dunkt me. om wat anders. De kwaal der mensheid is niet, dat men met Rome heeft gebroken. Wel dat de gehoorzaamheid aan God en Zijn Woord is opgezegd en nog steeds meer opgezegd wordt. Het Protestantisme zal hier de hand in eigen boezem moeten steken, omdat deze ontwikkeling ook veelzins daaruit te verklaren is, dat het zout smakeloos is geworden. Ook het Gereformeerd Protestantisme. We zullen ons beschaamd moeten herinneren, dat het oordeel bij het huis Gods begint.
Maar dat mag ons niet tegenhouden om het overluid te zeggen, dat de mensheid en de wereld niet terug moet naar Rome en de paus. Wederkeer tot den Heere en onderwerping aan Zijn Woord zal nodig zijn. En daarin alleen vindt men behoud.
De paus heeft vanuit zijn vaderhart het welkom toegeroepen aan alle mensen, die hij als zijn zonen beschouwt. Zo heette het in zijn kerstboodschap.
Het klinkt in onze tijd, waarin de invloed van Rome toeneemt, nogal luid en steeds meer dringend.
Gelooft het niet. Maar gelooft Hem, Die Zijn Zoon gaf, opdat de wereld het leven zoude hebben en Die van oude tijden af de einden der aarde roept zich tot Hem te wenden om behouden te worden. Dat roept deze Vader der barmhartigheid ook heden nog. Van Zijn woorden zal niet één ter aarde vallen.
Z.
H. H.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 maart 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 maart 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's