De Puritein van de Hertenpolder
44
Jeremia's zielesmart is wijd uitgestrekt ; hij, die zó teergevoelig was. Wat drukt de zwaarte, de ontzaglijke zwaarte van zijn ambt hem zwaar de schouder. De spot van het volk wil hem als een valse profeet bestempelen.
Maar hij kent de Heelmeester, zoals wij zien in hoofdstuk 17 vs. 14 : Genees mij, Heere ! dan zal ik genezen zijn ; help mij, dan zal ik geholpen zijn ; want mijn lof zijt Gij", naar de vertaling van Ridderbos. Dat is genade en gunst !
Even is het stil.
Deze woorden en zaken maken stil. Daar is een tijd, dat het vanzelf spreekt om stil te zijn. .Om na te denken.
Mia staat op en komt even later met een schaaltje suikerperen. terug
— Kom, dominee, laten we daarvan opsteken, zegt ze opgewekt.
— Ik heb geen bezwaren, Mia. Als dominee Greenveld er een mooie van onderhanden neemt, zegt hij : Danke !
— Terzake, Veldstroo, ik ben vanavond even aangekomen om u te betuigen dat het mij zeer leed is, dat er over u en om uw persoon zo ontstellend gelasterd wordt.
Janus glimlacht weemoedig.
— Maar niet minder wil ik zeggen, dat ik weet dat alles ongegrond is. Wat dunkt u, zouden we pogingen in het werk stellen deze laster te achterhalen ?
Even is het weer stil.
—Dat is helemaal niet meer nodig, dominee. Het is Gieson, gint tegenover me ! antwoordt Janus bitter.
— Is Gieson de man, die dit ongure spel bedrijft ? Ik heb er over horen mompelen, maar definitief wist ik het niet. Zo, zo. Zou u 't de politie in handen geven ?
— Nei, dominee, daor veul ik nieveul veur. De minse zulle zelf wel gaon inzien, dat ut anders is. Ut repalje blieft toch onhaandelbaor en onwies. En as ik ur waark van maok, laoit t' vuur mer op.
— 't Is waar, Veldstroo, ik weet ook wel dat u gelijk hebt. Maar ik zou er graag definitief een eind aan maken Gieson staat niet zo gunstig bekend, en toch gaan de mensen er maar op in.
— De minsen ! jao ! Op dit gebied zin d'r weinig vurstaandige minse, dominee. Mer ik zal effe de geschiedenis van Aoldert van Janna vurtelle. Die hé 'k vandaog meegemaokt.
— Zo, zo, vertel die, ik luister ! zegt dominee Greenveld.
Janus verhaalt het geval met Aldert en Hent Gieson, zoals hij het gezien en begrepen heeft. Heel de barre werkelijkheid van de gebeurtenis, welke zich in 't weilapd van Gieson afspeelde.
Dominee Greenveld is een ogenblik verbaasd.
(Wordt vervolgd.)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 april 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 april 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's