Beroepingswerk in sommige steden!
Hier en daar gunt men nog wel een plaats aan een predikant, die tot de Geref. Bond behoort. Maar dan moet er onmiddellijk aan worden toegevoegd, dat, de uitzonderingen daargelaten, de keuze valt op diegenen, die maar met enkele draden zich nog aan de Gereformeerde Bond verbonden gevoelen. Vaak worden diegenen gekozen, van wie mag verwacht worden dat ze er geen bezwaar in zullen zien om straks een gezang te laten zingen. Meestal is dat laten zingen van een gezang een begeleidend verschijnsel van meerdere veranderingen in theologische zienswijze.
Wat is deze handelwijze van vele kerkeraden in grote steden diep te betreuren! Men meent de gereformeerde groep de mond te kunnen snoeren met het feit, dat er toch aan hun wens is voldaan. Ze hebben immers een predikant van de Gereformeerde Bond. Maar helaas is het in vele gevallen een predikant, die door de gereformeerde groep allerminst was begeerd. Die kerkeraden moeten zich echter niet verbeelden onze gereformeerde mensen zand in de ogen te kunnen strooien.
Die kerkeraden mogen het wel bedenken, dat door deze handelwijze honderden trouwe, kerkse mensen naar de gescheiden kerken worden toegedreven. Misschien dat men het niet eens zo erg vindt!
Die predikanten, die in zulk een plaats door een niet-gereformeerde kerkeraad in zulke gevallen als gereformeerd predikant werden beroepen, moeten er zich niet al te zeer over verwonderen, dat het gereformeerde volk zich aan hun prediking onttrekt.
Ze kwamen op die plaats, zonder door het gereformeerde volk begeerd te zijn. In deze moeilijke gevallen moet toch eigenlijk naar een eerlijke oplossing worden gezocht. Er zijn predikanten, die voor het lidmaatschap van onze Gereformeerde Bond eigener beweging hebben bedankt.
Dit heeft ons gespeten, maar anderzijds ons verblijd. Het is beter, dat zo iemand maar eerlijk voor de dag komt, hoe hij over de dingen, denkt. Dan hebben we dit tenminste gewonnen, dat zo iemand niet als gereformeerd predikant in de stad wordt beroepen in een plaats, waar een Gereformeerde Bonder werd begeerd.
Zouden bedoelde predikanten hiertoe zelf eerlijkheidshalve niet overgaan, dan zou het hoofdbestuur ernstig moeten gaan overwegen om de zodanigen niet langer als leden van de Gereformeerde Bond te erkennen.
We schreven „eerlijkheidshalve".
Nog altijd geldt toch; ook het woord, wat eenmaal door God tot Abraham werd gesproken: „Wandel voor Mijn aangezicht en wees oprecht".
TIMMER.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 april 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 april 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's