De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Puritein van de Hertenpolder

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Puritein van de Hertenpolder

48

4 minuten leestijd

— Ja, dominee, valt Mia bij. Ik meen, dat het ook voor een deel voortkomt uit afkeer van het geloof. Ik heb Gieson waargenomen, ook die eerste keer dat hij hier kwam om handel. Hij zag Janus met een oude foliant. Dat is een ander boek dan een romannetje van Courts Mahler of A. M. de Jong.

— U hebt gelijk, Mia, stemt dominee Greenveld toe. De mollen zijn in het donker niet blind !

Janus glimlacht om dit gezegde, dat nog al oorspronkelijk zal zijn.

De dominee rijst op.

— Blij, dat u er weer eens geweest is, dominee, zegt Moeder Wiedehng, opstaande. Ge weet, de deur staat altijd open.

Die Zondag preekte dominee Greenveld over Jacobus 3 vs. 6. Nimmer was hij zo vurig. Hij had gezien, hoe men trachtte het gezin op de „Amazone" te belasteren. Dit gezin, dat hij liefhad met al de vezels van zijn hart. Waar hij zo menig uur in sterke verbondenheid had doorgebracht.

Hij striemde de lasteraars en kwebbelaars, die maar napraatten en stelde de leugen aan de kaak in al zijn verschrikkelijkheid. Hij ontleedde het hart, waaruit de uitgangen des l, evens zijn en velde een vernietigend vonnis over deze boosaardige ongerechtigheid van laster en kwaadspreken van de naaste.

Tot zijn grote smart had hij gehoord, dat ook in de gemeente van Ringelberge ergerlijke daden van laster waren voorgekomen. Met een ernstige waarschuwing besloot hij de predicatie.

De mensen hebben er druk over nagepraat. Maar eer dat het gros van de dwaling des wegs bekeerd is, zal er een revival, een opwekking moeten komen, zodat ook de mond der enkelingen gestopt wordt. En opwekkingen behoren tot de bizonderheden van elke eeuw.

Het begrijpen van de noden van sommigen blijft altijd bepaald tot de enkele mens. De enkeling lijdt mede, als een vriend geplaagd en verdrukt wordt. De massa is doof, ja, de massa is blind, ook is de massa gevoelloos. Daarentegen de enkeling begrijpt, treedt toe en troost. De enkeling, dat is, de Moeder, de dominee, de zonderling.

*

X. Als een vriend geraadpleegd wordt.

Janus Veldstroo heeft buitengewoon veel genoegen gehad van de overkomst van Evert. Vertrouwelijk hebben ze met elkander gesproken over alle mogelijke dingen. Evert, de rustige figuur van het stemmige Veluwse land, heeft hem gesproken van de doorleving ener gemeenschap met Christus. Er zijn momenten geweest, die Janus in de grootste spanning hebben gebracht. Met zijn broer alleen hoefde hij zich voor niemand in te houden of te generen.

En ze hebben gewerkt als paarden, want Evert is: bij uitstek een werker. Hij is gewend te werken, zolang het dag is. Als hij bezig is, gebeurt er wat. Als hij klaar is, heeft hij tijd van praten. Alles heeft voor hem zijn bestemde tijd.

Met een hartelijke handdruk is hij weer weggegaan. Een volle week heeft hij geholpen.

De hooikamp, die was voorgeweid, is nu ook schoon.

De grote drukte is nu voorbij. Het rustige leven is weer begonnen.

Het komt Janus voor, dat 't op de Veluwe, in het Gelderse, beter paste ; maar al is het hier niet zo landelijk, toch kan hij ook hier wel zingen met de dichter Poot:

Hoe genoeg'lijk rolt het leven'
Des gerasten landmans heen ;
Die zijn zalig lot, hoe kleên.
Voor geen koningskroon wil geven.

Als Janus weer alleen moet werken in de polder, bekruipt hem vaak een gevoel van eenzaamheid. Hij heeft alles wat zijn hart begeren kan, maar toch mist hij de plekjes uit z'n kindertijd en de omgeving, waar hij z'n jongelingsjaren gesleten heeft. Hij is gelukkig met Mia, en Tante Ger is hem een ware Moeder, maar er is veel variatie nodig om zijn leven zo te vervullen, als in de Gelderse dreven 't geval was. Het ideaal van zijn jeugd is wel vervuld, maar de polder is zo groot en de hemel hier zo wijd.

Maar soms is het ook wel anders. Als hij 's morgens in de dauw, in het vroege uur, de polder indwaalt om de koeien op te halen, dan heeft hij ruime uitgangen des harten en is het soms, dat de goddelijke genade zijn hart vervult.

(Wordt vervolgd).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 mei 1950

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

De Puritein van de Hertenpolder

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 mei 1950

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's