„Hervorming”
31 October is de jaarlijks terugkerende datum, waarop wij de zegen herdenken, die de Hervorming van het jaar 1517 heeft gebracht. Onze oude Kerk draagt in haar naam nog altijd de herinnering aan deze geweldige tijd, waarin zo velen hun leven moesten verliezen terwille van hun geloof. In die jaren zijn machtige daden verricht!
Wanneer wij de geschiedenis der Hervorming lezen, kunnen wij er slechts stil onder worden. De Bijbel was opnieuw ontdekt en de geest der Hervorming — de Geest van Christus! — brak als een machtige vuurzee door onder alle volkeren van Europa.
De mensen hoorden alom de rijkdom van het Evangelie verkondigen in hun eigen taal. Is het teveel gezegd, wanneer wij menen, dat het enigermate een herhaling is geweest van het Pinksterwonder?
Maar....... dat is nu al weer vier eeuwen geleden. Onwillekeurig dringt zich daarom de vraag op: Wat is er van over gebleven? Ja, het goud der Hervorming is wel verdonkerd onder alle rangen en standen van de volkeren in Europa. De oude maarschalk Petain klaagde in 1940, toen Frankrijk door de Duitsers onder de voet was gelopen: „Frankrijk is verloren, omdat het geen kinderen heeft!” Met deze woorden legde hij de vinger op een wondeplek in het volksleven. En deze aanklacht geldt waarlijk niet alleen van Frankrijk!
Ook wanneer wij ons bepalen tot ons eigen land en volk, kunnen wij helaas niet anders bespeuren dan een geweldige teruggang in de eeuwen na de tijd der Hervorming. Niet alleen theologisch was er weldra een afbuigen van de reformatorische belijdenis, waardoor reeds een eeuw later scheuring ontstond tussen Remonstranten en Contra-Remonstranten, terwijl nog later allerlei theologieën opgeld deden in onze Kerk, waaruit de onzalige richtingsstrijd ontstond, maar ook op ander terrein werd het pad der Hervorming verlaten. Duizenden onder ons volk hebben God verlaten en nog eens duizenden weten van het Evangelie totaal niets meer af, zodat wij zelfs Zending moeten drijven onder eigen landgenoten.
En onder hen, die nog tot een Kerk behoren, heerst grote verdeeldheid. Onze eigen Kerk heeft meer dan honderd jaren het gelaat vertoond van een schijndode. Het Evangelie werd nog wel verkondigd, — al was het vaak onder een deksel, om met Paulus te spreken —, doch het leek wel of er geen kracht van uitging. Slechts aan Gods genade is het te danken, dat naast duizendtallen, die voor de Kerk verloren gingen, anderzijds nog zovelen zijn behouden,
In de oorlogsjaren is er echter beweging gekomen in het verstarde lichaam van onze oude Hervormde Kerk. Men leerde weer verstaan, dat er getuigd moest worden tegen de verderfelijke leer van het nationaal-socialisme. Maar juist daardoor is de geestelijke armoede van ons kerkelijk leven eerst ten volle openbaar geworden. Dat heeft er toe geleid, dat men wilde breken met een reglementenbundel, die op geen enkele wijze opkwam voor de eer van onze Heere Jezus Christus.
Zo is het streven gegroeid om een nieuwe kerkorde op te stellen, waarover in onze kerkelijke pers al zoveel pennen in beweging zijn gekomen.
In de loop van de volgende maand zal de Synode wellicht een gewichtige beslissing nemen.
Toch heeft mij het hele verloop van deze aangelegenheid steeds doen denken aan het visioen van Ezechiël 37. De beenderen kwamen tot elkander, vlees groeide er over en straks weefde zich een huid om het geheel, maar....... het voornaamste ontbrak nog: de geest, en dus het leven.
Om duidelijker te zijn: het is soms 20 moeilijk te geloven, dat hier altijd heilig vuur brandde op het altaar.
Wat in de loop van vele jaren gegroeid is, kan men maar niet in een handomdraai doen veranderen. Daar is méer voor nodig. Een radicale bekering, maar dan naar God toe en naar Zijn Woord alleen.
Het is noodzakelijk, dat wij allen — zonder onderscheid — van links naar rechts, ernstig nadenken over de vraag, wat de Hervorming van Luther en Calvijn te zeggen heeft voor onze theologische gedachten en stelsels, of deze nu Piëtistisch. Kuyperiaans of Barthiaans getint zijn.
De Hervorming roept heel onze Kerk in al haar geledingen toe: terug naar het Woord. Daarom zullen wij allen, persoonlijk, zowel als groep of richting, ons als voor Gods Aangezicht moeten afvragen, of wij werkelijk in heel onze geestelijke en kerkelijke levenshouding de toets van het Woord Gods kunnen doorstaan. En het is nodig, dat wij allen ons de ernstige woorden van Christus herinneren, dat in de dag des oordeels mensen zullen verschijnen, die in de Naam van Jezus Christus grote dingen hebben verricht en die nochtans verwezen worden naar de buitenste duisternis met de woorden: „Ik heb u nooit gekend”.
Wij kunnen dus blijkbaar geweldig ijveren voor de dingen van Gods Koninkrijk, terwijl alles slechts verstandswerk is en de levende band des geloofs met de Heere ontbreekt.
Terug naar het Woord. Dat was de kern der Hervorming en dat kan ook nu voor onze Kerk de enige weg zijn tot herstel.
De Hervormde Kerk zal waarlijk niet alleen echt Kerk worden door een nieuwe kerkorde, hoe belangrijk deze op zichzelf ook moge zijn. Ook de Dordtse kerkorde heeft onze Kerk voor verval niet kunnen behoeden.
Alleen dan zal onze Kerk waarachtig Kerk worden, wanneer allen, die tot onze Kerk behoren, zich gehoorzaam buigen voor het Woord des Heeren, met loslating van eigen ideeën en stelsels, om enkel te vragen: „Heere wat wilt Gij, dat ik doen zal”. Maar dan zal het ook nodig zijn, dat vanuit onze Synode en vanuit elke kerkeraad de roepstem van Godswege verkondigd wordt: bekeert u van de afgoden van deze eeuw, want de Heere onze God is een enig God.
Deze roepstem moet in de eerste plaats vernomen worden binnen onze Kerk op alle fronten, want dan eerst kan de Kerk haar aangezicht wenden tot overheid en volk, om ook hun toe te roepen in de Naam des Heeren: bekeert u!
Want niet alleen de andere landen van Europa zijn op weg naar de (geestelijke) ondergang, maar ook ons eigen land. Jeremia heeft eens zijn volk moeten toeroepen: O, land, land, land, hoor des Heeren Woord. Deze stem is nu weer nodig, ook voor ons land en volk. God heeft ons volk zwaar gekastijd in de oorlogsjaren, maar wat heeft het gebaat! „Ik heb u geslagen, maar gij hebt geen pijn gevoeld”, moest de Heere eens klagen over Israël. Geldt dit woord ook óns niet? Zeker, er zijn nog vele kerken en kerkgangers in ons land. Maar kerkgaan en Gode gehoorzaam zijn, is niet hetzelfde. Gehoorzamen is beter dan offerande. Wat is er bitter veel vormelijkheid in ons kerkelijk leven van Nederland. Waar is de „vreze des Heeren”? In en buiten de Kerk zijn er duizenden, die zich aan Gods gebod niets gelegen laten liggen.
Denkt u misschien aan de Zondagsheiliging? Waarom zou ik niet evenzeer aan de andere geboden denken?
Wat is er van de Hervorming overgebleven in onze gezinnen, die nog wel naar de kerk gaan? Mag ik enkele vragen stellen! Wordt de Bijbel nog dagelijks gelezen? Onze vaderen sloten immers de kerk in de week, omdat zij vertrouwden, dat de gemeenteleden thuis het Woord Gods zouden horen.
Zijn onze mannen werkelijk priester in hun gezin? Gaan zij steeds voor in het gebed? Houden de ouders de belofte, die zij bij de Doop hebben afgelegd, ten aanzien van hun kinderen? Geeft men zijn kinderen werkelijk een opvoeding, die hen tot God brengt? Neen, niet door allerlei strenge maatregelen maar gedreven door de liefde van Christus en door een leven, dat van levend geloof getuigt?
Wat voor geest heerst er in onze gezinnen: de Geest van Christus of de geest van deze tijd?
Wij allen, die ons willen buigen voor de H. Schrift als het Woord Gods, zoeken wij waarlijk in alle dingen de gehoorzaamheid aan dit Woord, of stellen wij eigen ideeën misschien toch nog boven de Schrift? Is misschien heel ons strijden voor de eer van Gods Woord slechts een leuze?
Is ons geloof misschien alleen maar traditioneel of is het werkelijk als het zuurdeesem dat heel het meel doorzuurt?
Zenden wij onze kinderen nog naar catechisatie, of heerst bij ons de geest van Eli, die zijn zonen niet eens zuur aanzag?
En wanneer onze kinderen zich voorbereiden op een huwelijk, welke maatstaven leggen wij hun aan? Geeft de geldelijke of maatschappelijke positie van de „aanstaande” de doorslag, of letten de ouders vóór alles op het geestelijk belang van hun kind?
Wellicht heb ik al genoeg genoemd, waardoor vele ouders (of anderen) moeten zuchten: ja, het moest eigenlijk anders, maar..... Ja, zij dronken een glas en lieten het zoals het was!
Als Luther en Calvijn ook eens zo gezucht hadden, dan was er menselijkerwijs gesproken niets van de Hervorming terecht gekomen.
Neen, zij hebben de goddelijke opdracht tot Hervorming niet slechts aangehoord, maar ook vervuld. Zij hebben het Woord Gods gehoorzaamd, al kostte hun dat veel strijd en verdriet.
Maar zij wilden liever kwalijk bejegend worden, dan een gemakkelijk doch zondig leven leiden.
En, God van de hemel deed het hun gelukken. Niet in eigen kracht hebben zij gearbeid, doch in de Naam des Heeren en biddend om kracht.
Dat wil de Hervorming ons weer herinneren.
Terug naar het Woord. Gehoorzaam aan Gods opdracht: doet de afgoden uit uw midden weg. Dat is de opdracht voor onze Kerk en voor alle Kerken.
Dit geldt voor ons volk en voor alle volken.
Dit geldt voor onze Hervormde gezinnen en voor alle gezinnen.
Dit geldt voor gehuwden en ongehuwden, ouderen en jongeren in en buiten de Kerk.
Dit geldt voor heel het huwelijks- en gezinsleven, voor het maatschappelijke en het sociale leven. „Tot de Wet en de getuigenis! Zo zij niet spreken naar dit Woord, het zal zijn, dat zij geen dageraad zullen hebben”. (Jesaja 8 vs. 20).
Dit waren zo enkele gedachten over Hervorming.
Laten wij nu eens niet aan anderen denken, maar de hand in eigen boezem steken. Wanneer wij eens voor Gods Rechterstoel staan, kunnen wij ook niet op anderen wijzen.
Hervorming betekent vandaag Gods roepstem tot inkeer en omkeer.
Wie de stem des Heeren niet gehoorzaamt, zal eens uit Zijn mond moeten horen: „gij hebt niet gewild, dat Ik Koning over u zou zijn”.
Ik vrees, dat er zijn onder rechts en links in onze Kerk, die dit eens zullen vernemen. Laten wij ons daarom liever verootmoedigen en bidden voor onze Kerk, voor ons volk, voor onze gezinnen, voor onze jeugd, voor elkander en voor onszelf.
Veni, Creator Spiritus! Ja, kom, Heilige Geest en doorwaai deze hof!
Vlaardingen.
W. J. KOLKERT.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 november 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 november 1950
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's