De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Door genade alleen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Door genade alleen

5 minuten leestijd

De protestantse pers heeft rijkelijk belangstelling getoond voor het nieuwe dogma in de Roomse Kerk en niet zonder protest te laten horen.

In zekere zin moet die belangstelling worden toegejuicht. De protestantse wereld werd opnieuw bepaald bij het feit, dat de Roomse kerk zich gelijk blijft. Men wist dit eigenlijk toch wel, maar sedert de reformatie krachtig was doorgewerkt en heerschappij had genomen over de volkeren van het Westen, die in de nieuwe geschiedenis aan de spits traden, verloren de tegenstellingen allengs aan scherpte.

Op politiek terrein ontstond een toenadering, die zelfs samenwerking mogelijk maakte, en hoewel men elkander zo nu en dan aan de tegenstellingen in het geloof herinnerde, werd een gemeenschappelijk optrekken tegen het moderne humanisme verdedigd met een beroep op een gemeenschappelijke wortel. De geschiedenis toont aan, dat de verdeeldheid der volkeren in zake de godsdienst de grote politieke leidslieden steeds voor een moeilijk probleem heeft gezet.

Doch niet alleen het streven, dat zijn kracht putte uit politieke idealen en de politieke situatie van enige periode noopten tot toenadering. Er zijn daarbenevens oorzaken te noemen, die zulks mogelijk maakten en veel verder reiken. Het ontbreekt immers niet aan verschijnselen, die er op wijzen, dat protestanten van een toenadering dromen, welke zelfs een kerkelijke samenwerking wil beogen. Denk slechts aan de oecumenische beweging en de Wereldraad, die de Roomse kerk uitnodigde, aan het gesprek met Roomsen, om nog te zwijgen van „protestantse" leringen aangaande catholiciteit, sacrament en incarnatie, welke verwant aan de Roomse leer een bedenkelijke toenadering tot Rome moeten worden geheten.

Hoe protestantse harten daardoor kunnen worden ingenomen?

Wij raakten aan de vraag naar de oorzaken. Tot diep in de 17e eeuw waren de mannen der reformatie nog doordrongen van de tegenstellingen met de Roomse leer, zodat dit in de prediking niet onduidelijk uitkwam. Daarnaast hadden zij te strijden met de geest der libertijnen, die zich ook in de godsdiensttwisten tijdens het Twaalfjarig Bestand heeft geroerd. Men beweert, dat verschillende remonstrantse dominé's, uit die dagen als gewezen pastoors nog verknocht waren aan de Roomse leer van God wat en de mens wat, omdat zij tot de eigenlijke reformatie, de leer der souvereine genade Gods, niet waren gekomen. Doch, hoe het ook zij, het stuk der praedestinatie was, zoals wij weten, in het geding.

Het is er echter verre vandaan, dat de Remonstranten na de beslissingen der Dordtse Synode geen invloed meer zouden hebben gehad op de volksgeest. De geschiedenis leert wel anders. Hoewel het niet ontbrak aan gereformeerde predikers, die trouw bleven en zich dapper hebben geweerd, won toch die libertijnse geest allengs veld ook in de kerk. Hij predikte tolerantie (verdraagzaamheid) en onder dit motto werd een geesteloos protestantisme gekweekt, hetwelk, gemengd met een ruime dosis liberalisme, nog steeds gemerkt met het etiket gereformeerd of hervormd, in wezen verval van het geloof der vaderen betekende.

Een diep ingewortelde traditie heeft dit proces van verval, althans naar buiten, nog lange tijd geremd, maar de geestelijke vervlakking ging door met de ondermijning van de volkskracht, zodat zij ook de revolutie niet buiten de deur vermocht te houden. Zo sleet het bewustzijn der oude godsdienstige tegenstellingen met Rome af. Het besef, dat geheel de belijdenis van de gereformeerde religie één doorlopende tegenstelling en bestrijding der Roomse dwalingen is, ging zelfs in gereformeerde kring zo niet verloren, dan toch naar de achtergrond.

De Catechismusprediking raakte in vele gemeenten in onbruik, zodat men ook aan de meest sprekende stukken als Zondag 80, over de Paapse Mis, ontwende. Men kan kalenders en zakagenda's aantreffen, waarin heel gemoedelijk de Roomse heilige dagen naast de Protestants-Christelijke en Israëlitische feestdagen vermeld zijn, en zo vindt men op 15 Augustus: Maria hemelvaart, ten bewijze, dat het nieuwe Maria-dogma niet zo heel nieuw is, en als zodanig ook niet zo vreemd. Het ligt trouwens geheel in de lijn van de Roomse leer van het synergisme: „God en mens werken samen aan de zaligheid", de kenmerkende tegenstelling met de leer der souvereine genade Gods, die naar de Schrift is.

Hoewel wij geen aanleiding vinden om over dit Maria-dogma uitvoerig te handelen. wij] het vergeefs steun in de Heilige Schrift zou zoeken, kan er mogelijk van de pauselijke afkondiging van dit dogma nog een prikkel op het protestants gemoed uitgaan tot bezinning op de leer der reformatoren.

Indien de Heilige Schrift door Gods genade onder zovelen, die zich nog protestant noemen, hoewel zij verzonken zijn in onverschilligheid, twijfelzucht en ongeloof, weer haar goddelijk gezag mocht doen gelden tot een nieuwe gehoorzaamheid door de uitnemende kennis van de Christus, welke ons in het Evangelie wordt voorgesteld, zou dat niet alleen aan het kerkelijk leven ten goede komen en waarlijk reformatorisch leven wekken, maar ook weerstand bieden tegen verroomsing en ontkerstening. Het volksleven ook zou de invloed van zulk een vernieuwing ervaren.

De verroomsing toch begint niet bij de Maria-verering, maar bij de waan, dat de mens door de verdienstelijkheid zijner werken iets aan zijn zaligheid zou kunnen toedoen. Niet zonder oorzaak waarschuwt de Schrift tegen wereldgelijkvormigheid, want naarmate de wereld in de kerk heerschappij neemt, naar die mate wordt de leer der souvereine genade beknibbeld en beknot. De geest der wereld is er op uit de mens op een voetstuk te plaatsen, zodat hij zich verbeeldt zijn eigen toekomst te kunnen maken en zijn eigen geluksstaat te kunnen oprichten.

Daarom staat het humanisme dichter bij Rome dan de Reformatie, wijl het leeft uit de mens en op de menselijke geest zijn betrouwen stelt.

Maar het Evangelie is tegen de mens, het gaat tegen de zondige natuur en de menselijke waan in door hem aan zijn ware staat te ontdekken.

Het Evangelie is het Evangelie ener algenoegzame en alleen genoegzame genade.

S.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 november 1950

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Door genade alleen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 november 1950

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's