De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit ordinantie no. 3

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit ordinantie no. 3

5 minuten leestijd

Verkiezing door de lidmaten naar geographische indeling (Art. 6)
   1. Plaatselijke regeling. (Zie Artikel 3, ord. 1).
   De kerkeraad kan de gemeente indelen in een aantal geographische onderdelen.
Het aantal ouderlingen, kerkvoogden en diakenen in ieder dezer onderdelen te kiezen, wordt zoveel mogelijk evenredig met het in die onderdelen wonende aantal „bevoegde" lidmaten bepaald.
   Bij ieder geographisch onderdeel behoort: a. een nauwkeurige beschrijving der grenzen ;
   b. een opgave van het aantal ,,bevoegde" lidmaten.
Deze bepaling kan dus worden toegepast, indien de vergadering van „bevoegde" lidmaten te groot zou worden.
Zij kan ook dienen, in geval een deel der gemeente in een buurt of gehucht wat ver afwoont en aldaar een geschikte gelegenheid, b.v. een school is om te vergaderen
De geographische delen kiezen dus voor een en dezelfde kerkeraad, maar men verdeelt dat naar evenredigheid van het aantal ,,bevoegden" en het aantal te kiezen ouderlingen, of kerkvoogden, of diakenen.
   Zeg b.v., dat de kom der gemeente tweemaal zoveel ,,bevoegde" lidmaten telt als een verder, afliggend deel der gemeente, dan zal de kom zoveel mogelijk ook 2/3 van het aantal ouderlingen, kerkvoogden of diakenen kiezen en het afgelegen gedeelte 1/3.
   Dat zal wel zelden precies uitkomen, maar de ordinantie zegt dan ook „ten naasten bij".
In gemeenten, wier grootte of geographische ligging daartoe aanleiding geeft, doet de kerkeraad dus verstandig zulk een indeling te overwegen, •— indien althans de verkiezing aan de lidmaten komt
Anders is dat niet nodig.
Bij zulk een indeling behoort dus te worden vastgesteld :
   a. de afgrenzing der delen :
   b. het aantal ouderlingen, kerkvoogden en diakenen, door ieder onderdeel te kiezen ;
   c. het aantal ,,bevoegde" lidmaten in ieder onderdeel.

Deze indeling blijft gedurende de zes lopende jaren geldig.
Indien na afloop van de zes-jarige periode de lidmaten wederom, de verkiezing aan zich houden, worden dé onder a, b en c genoemde bepalingen naar omstandigheden gewijzigd.

Opmerking :
Bij uitbreiding van het aantal ouderlingen, kerkvoogden of diakenen, gedurende de lopende periode van zes jaar, wordt het aan ieder onderdeel toegewezen aantal gewijzigd, maar het overige blijft.
Stemming oyer gehele of gedeeltelijke machtiging van de kerkeraad. (Art. 7).

Het gaat hier om twee dingen :
   a. de kerkeraad wordt geheel gemachtigd, d.w.z. hij vult zich zelf aan na aanbeveling gevraagd en daarvan kennis genomen te hebben. Hij is dus aan die aanbevelingen niet gebonden ;
   b. de kerkeraad wordt gedeeltelijk gemachtigd : d.w.z. de kerkeraad heeft alleen het recht van voordracht, waaruit de ,, bevoegde" lidmaten kiezen.
Het eerste en tweede geldt telkens voor een periode van zes jaar. Het is dus duidelijk, dat eerst de zesjaarlijkse stemming moet plaats hebben.
Daarin wordt beslist, of de verkiezing van ouderlingen en diakenen aan de lidmaten of aan de kerkeraad zal zijn voor de volgende zes jaren.
Daarna wordt zo mogelijk in dezelfde vergadering gestemd over bovengenoemd geval a of b. De stemming hierover geschiedt met gesloten briefjes. De meerderheid van stemmen beslist. Bij staking van stemmen blijft het recht geheel aan de kerkeraad.
Op voordracht van de kerkeraad. (Art. 8).
Ten minste vier weken vóór de te houden verkiezing, nodigt de kerkeraad ,,bevoegde" lidmaten uit binnen acht dagen aanbevelingen schriftelijk en ondertekend in te dienen, voor iedere vacature afzonderlijk

(Uitnodiging geschiedt schriftelijk of' mededeling in kerkblad en afkondiging in een kerkdienst).
Voor iedere vacature stelt de kerkeraad een dubbeltal in alphabetische volgorde uit de aanbevelingen voor die vacature.
Betreft het een kerkvoogd, dan wordt het dubbeltal door de kerkeraad opgemaakt op voordracht van het college van kerkvoogden (c.q. wijkraad van kerkvoogden).
Dit geschiedt uit de aanbevelingen voor de vacaturen kerkvoogd, die bij de kerkeraad ingekomen, aan kerkvoogden tevoren worden toegezonden.
De verkiezing uit de door de kerkeraad gestelde dubbeltallen, geschiedt door de ,,bevoegde" lidmaten.
Deze worden daartoe minstens acht dagen van te voren geconvoceerd.
Zij zijn aan de dubbeltallen gebonden. Verkiezing door de kerkeraad. (Art. 9).
Als de verkiezing van ouderlingen en diakenen aan de kerkeraad is, worden bevoegde lidmaten minstens twee weken voordat de kerkeraad een of meer vacatures voornemens is te vervullen, uitgenodigd, op dezelfde wijze als elders omschreven, voor elke vacature afzonderlijk aanbevelingen in te zenden. Dit binnen acht dagen, schriftelijk en ondertekend.
De kerkeraad gaat na kennisneming dezer aanbevelingen over tot verkiezing.
De aanbevelingen voor een kerkvoogd worden door de kerkeraad doorgezonden naar het college van kerkvoogden (c.q. wijkraad van kerkvoogden).
De kerkeraad gaat tot vervulling van de vacature over op voordracht van het college van kerkvoogden, c. q. wijkraad van kerkvoogden.

Opm. : Voor de in deze artikelen bedoelde vergaderingen van ,,bevoegde" lidmaten is geen quorum bepaald.
De meerderheid der geldig uitgebrachte stemmen beslist.
Blanco stemmen tellen niet mee.

De bepalingen omtrent de verkiezing van ouderlingen en diakenen, welke hierboven werden behandeld, zijn niet van toepassing voor de verkiezing van ouderlingen en diakenen met bepaalde opdracht of voor bijzondere werkzaamheden.
De ouderlingen en diakenen met bijzondere opdracht worden door de centrale kerkeraad gekozen, die met een bepaalde opdracht door de centrale kerkeraad tezamen met het betrokken orgaan van bijstand. (Art. 10).
Hij, die gekozen is tot ouderling of diaken, ontvangt van de kerkeraad daarvan schriftelijk bericht onder mededeling, dat hem een tijd van beraad wordt gegeven van zeven dagen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 1951

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Uit ordinantie no. 3

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 1951

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's