KERKNIEUWS
Drietal:
te Amsterdam-Watergraafsmeer (vac. A. D. Meeter) : G. W. Korevaar te Zwolle ; J. de Vries te Apeldoorn en G. A. Waardenburg te Emmer Compascuum.
Beroepen :
te Nijkerk G. Willemsen te Hierden — te De Heij-Heijplaat F. J. Sinke te Heteren — te Groot Ammers J. C. Stelwagen te Wezep (Gld.) - te Midwolda (Old.) H. J. N. Zuidersma te Birdaard — te Driesum G. H. van Kooten te Brandwijk — te Minnertsga (toez.) A. Postma te Kamperland — te Loon op Zand J. Arendsen te Blauwkapel — te Hein-
kenszand (toez.) dr. A. F. J. Klijn, cand. te Doorn - — te Bodegraven (vac. H. Roelofsen) H. N. van Hensbergen te Schalkwijk — te Voorthuizen L. Brasser te Rijssen •— te Genemuiden (toez.) A: Wisgerhof te Oldebroek.
Aangenomen:
naar Waddinxveen J. van der Haar te Neerlangbroek '-^ naar Polsbroek C. van der Wal te Daarle — naar Hummelo (toez.) F. }. Dun, vlootpred., woonachtig te Amsterdam - het beroep tot predikant in algem. dienst (voor de geestelijke verzorging van de Rekkense Inrichtingen) ds. K. G. Eckenhausen te Brouwershaven — naar Arum G. W. Scholten te Oost- en West- Blokker.
Bedankt:
voor Genemuiden (toez.) G. H. van Kooten te Brandwijk — voor Westbroek J. Vermaas te Amersfoort — voor Gouderak A. L. van der Smit te Onstwedde (Gr.) — voor Hedel W. Kranendonk te Hagestein — voor Beverwijk (4e pred. pi.) H. L. van Zijll Langhout te Lemmer — voor Rijssen W. L. Tukker te Delft.
DRIESUM.
Wegens vertrek naar Hoevelaken nam ds. Laurense Zondag 4 Febr. afscheid van de Ned. Herv. gemeente te Driesum, met een predikatie naar aanleiding van Hand. 20 vs. 32 : ,,En nu, broeders, ik beveel u Gode en den woorde Zijner genade, die machtig is u op te bouwen en u een erfdeel te geven onder al de geheiligden". Stilstaande bij Paulus, die 3 jaren gewerkt had in zijn zelf gestichte gemeente Efeze, wees spr. er op, dat ook deze afscheid moest nemen. Hij had er gewerkt vol liefde, gedreven door de Heilige Geest, zelfs in tranen, nacht en dag. En nu moet hij afscheid nemen, zijn taak is hier geëindigd. Zo gaat het met Gods dienstknechten, het is een voorttrekken van de ene plaats naar de andere. Zoals het in Efeze verging, zo gaat het ook hier. Vele banden zijn door God zelf gelegd, niet alleen aardse banden, maar bovenal geestelijke banden des geloofs.
Ook wij kunnen niet anders dan deze gemeente Gode aan te bevelen. Waar zijn ze veiliger ? Ook als de wolven komen, die proberen de kudde te verstrooien. Satan probeert alles, vooral dan als een herder en leraar vertrekt. Sluimerende plannen worden dan omgezet in daden.
God alleen is machtig om te bewaren, maar ook om op te bouwen.
Een ernstig woord werd gesproken tot de ouderlingen der gemeente. Groot, zwaar is hun taak, vooral nu. Zij moeten het onderwijs voorzetten.
Gode zij dank is er een fundament gelegd en hierop zal een gebouw verrijzen, groot, kostelijk, deugdelijk, omdat God zelf hiervan de bouwer is.
De God van Paulus — aldus ds. Laurense — is ook hier geen onbekende. Ook in Driesum was God met ons, gevende ons Zijn Woord en het was steeds mijn begeerte om alleen dat Woord te brengen, vanaf Genesis tot Openbaringen. Steeds hebben wij de zonde bij name genoemd op de kansel, alsook aan de huizen. Moge de Heere ons voor de uitwendige godsdienst en vormelijkheid, hetwelk zo algemeen is in onze dagen, bewaren. Wij mochten door Gods genade u verkondigen een eeuwig wèl of een eeuwig wee. Menigmaal probeerde men mij daar af te brengen. Er is maar één weg ter zaligheid en nooit op een Barthiaanse wijze.
Ik heb u gesproken, naar hetgeen ik van Hem ontvangen heb. God lokt nog dagelijks, jong en oud. Hij wil het u allen schenken. Zie naar Hem op, loopt Hem aan. Hij kan u ailen schenken het tijdelijke, maar bovenal het eeuwige, het beste.
Na de predikatie richtte ds. Laurense zich allereerst tot de kerkeraad. Spreker bracht dank voor de innige omgang in deze jaren. Aan kerkvoogden werd dank gebracht voor de zorg en toewijding in onderhoud van kerk en pastorie. Ringcollega's werd dank gezegd voor hun aanwezigheid. Ook richtte spreker zich tot de kerkeraad van Wouterswoude en het bestuur van de Evangelisatie op Geref. grondslag te Kollum. Als persoonlijk vriend richtte spreker zich tot de heer Kortenhoeve, van Leeuwarden ; daarna tot de koster en de organist en alle opvoeders van de jeugd. Tenslotte richtte ds. Laurense zich tot de gemeente. Spreker dankte allen voor het innige meeleven met hem en zijn vrouw. Van vreugde en droefheid werden we deelgenoot gemaakt. Veel is er gebeden, maar ook gedankt, tranen geschreid, maar ook lofpsalmen gezongen.
Een vraag werd nog gesteld: Hebt gij spijt om weer samen te komen onder de aloude reformatorische prediking ?
Het is de volle waarheid Gods. We kunnen met minder niet toe.
Namens de ring sprak ds. Lootsma van Rinsumageest enkele woorden van dank voor de samenwerking onderling en wenste de scheidende leraar verder sterkte toe in zijn arbeid.
Ook de kerkeraad van Wouterswoude sloot zich hierbij aan, gedenkende het werk, in deze gemeente verricht.
De heer Kortenhoeve sprak als vriend en schetste de innige band tussen hen. Geestelijke banden, die niet kunnen verbroken worden, daar ze door God zelf gelegd zijn. Afscheid nemen valt zwaar, doch er blijft een aangename herinnering achter.
Als zegenbede werd ds. Laurense toegezongen Psalm 121 VS. 4.
De heer Tj. Bosgraaf, voorzitter van de Evangehsatie te Kollum, sprak een dankwoord tot de scheidende leraar.
De heer Wiersma sprak namens kerkeraad, kerkvoogden en Mannen vereniging. Spreker dankt ds. Laurense voor de vriendschappelijke omgang. Wat is afscheid? , aldus spreker. Hier scheiden wij van vrienden en van vijanden. Daar, waar u naar toe gaat, zijn het weer vrienden en vijanden. Een afscheid is er, waar de grote scheiding komt, dan vallen alle vijanden weg •— doch de vrienden blijven over. Dat is bij de dood.
Gij hebt hier Gods Woord gepredikt, zonder onderscheid des persoons. De vrucht op dit werk zal de eeuwigheid openbaren. Spr. wenst ds. Laurense rijke zegen op een nieuw arbeidsveld. Toegezongen werd nog Psalm 119 VS. 17 (gewijzigd) : ,,Leer hem, o Heer, de weg, door U bepaald".
Ds. Laurense bracht alle sprekers dank en liet tenslotte zingen Psalm 133 vs. 3 : „Waar liefde woont, gebiedt de Heer de zegen".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 februari 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 februari 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's