De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

BOEKBESPREKING

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

BOEKBESPREKING

5 minuten leestijd

VAN SCHEPPING EN VERLOSSING.

Prof. dr. Emil Brunner, Die Christliche Lehre von Schöpfung und Erlösung, Dogmatik. Band II.

Het eerste deel van Brunner's Dogmatiek verscheen in 1946 onder de titel: , „Die Christliche Lehre von Gott". Enige maanden geleden verscheen het tweede deel onder bovenaangehaalde titel.
   Een werk vol discussie aangaande de actuele vragen in de theologische wereld van vandaag.
   Op het eerste gezicht zou men geneigd zijn om op te merken, dat er nog al een en ander aan de orde komt, dat men in een „Christelijke" Leer der Schepping niet direct verwacht, hoe veelomvattend deze, op zichzelf genomen, ook moge zijn.
   Men vergete echter niet, dat Brunner over „Schepping en Verlossing" handelt. Dat wil zeggen, dat hij deze beide in één verband ziet en dan wel vanuit het centrale gezichtspunt, vanuit de Christusopenbaring, zoals hij die verstaat. Het getuigenis van de Schepping, waaraan wij ons volgens hem hebben te oriënteren, staat niet in Genesis 1, maar in Johannes 1. (S. 7).
   Vandaar dat dit werk in menig opzicht wat anders biedt, dan men, afgaande op de titel, zou verwachten, althans, indien men Brunner niet kent. De Christelijke leer van schepping en verlossing. Het gaat juist om die bepaling „Christelijke". Het ligt voor de hand, dat iemand daaronder verstaat de Christelijke leer, zoals hij die van huis. uit geleerd heeft. Hij verwacht daarom een uiteenzetting in aansluiting op zijn belijdenis en mogelijk een critische beschouwing.
   Zonder beding passen de begrippen uiteenzetting en critische beschouwing beide op 't werk van deze Zwitserse theoloog, hoewel in andere zin dan de confessioneel geschoolde lezer zulks verwacht. Niet de Christelijke leer volgens de Lutherse of enige andere kerkelijke confessie, maar de Christelijke leer, zoals de auteur haar vanuit wat voor hem het kernpunt is, verstaat. De Christelijke leer, zoals die volgens hem verschijnt, als zij ontdaan is van al het bijkomstige, het oneigenlijke, het speculatieve, hetwelk hem althans terecht of ten onrechte zo voorkomt.
   Het behoeft niet gezegd, dat de critische houding van de auteur allereerst de waardering van de Heiige Schrift geldt. De leer ener verbale (woordelijke) inspiratie, waarmede de confessionele Schriftbeschouwing wordt aangeduid, wijst Brunner, met zovele anderen, van de hand. Desniettemin past hij vaak een exegese toe, die soms verrassend aandoet en niet zelden orthodox klinkt.
   Kenmerkend voor Brunner's beoordeling van het Christelijk geloof zijn echter zijn beschouwingen over de Persoon van Jezus Christus, de menswording, de twee-naturenleer, opstanding en verhoging, „Theologisch" verstaan, weet de Schrift volgens hem niet van maagdelijke geboorte, erfzonde, ledige graf, lichamelijke opstanding. (Vgl. S. 375 ff).
   Het Christelijk scheppingsgeloof ontstaat daar, zegt hij, waar alle Christelijk geloof ontstaat, n.l. in de Godsopenbaring in Jezus Christus: ,,Ik, uw God, en Schepper" en niet: „Hij de Schepper der wereld". Het geloof in God de Schepper is „Waarheid als ontmoeting, n.l. ontmoeting in Zijn Persoon- Woord, Jezus Christus". (S. 10).
   Men ontdekt hier het ik-gij-schema en van uit dat standpunt ook dat der Schriftwaardering. Niet van de Schrift naar Christus, maar van Christus naar de Schrift. De ontmoeting is het punt, waar het geloof begint. Een ander geloof valt derhalve buiten de waardering geloof.
   Wij zijn gewoon met de Catechismus van waar geloof of waarachtig geloof te spreken, als wij het ,,zaligmakend" geloof bedoelen. De Heilige Schrift geeft ons trouwens genoegzame stof aan de hand, om het geloof onderscheiden te zien. Gijlieden gelooft in God, gelooft ook in Mij. (Joh. 14 vs. 1). Calvijn maakt dan ook onderscheid in geloof en geloof en houdt niet alles voor zaligmakend geloof.
   Brunner wil slechts één geloof erkend zien, n.l. dat bij de „ontmoeting" begint. Dat woord ontmoeting is niet onschriftuurlijk (vlg. Amos 4 vs. 11), maar de Schrift spreekt van bekering en wedergeboorte, als het gaat om de vernieuwing des levens.
   Indien wij ons rekenschap geven van Brunner's standpunt, dan moet het opvallen, dat met erkenning van het waarheidsmoment hetwelk er in is, hierin iets is, dat aan de doperse geest herinnert, die het innerlijk licht vóór de Heilige Schrift zet. Eerst licht en dan naar het Woord.
   Doch deze beschouwingswijze maakt de Heilige Schrift zoal niet overbodig, dan toch in ieder geval zó van bijkomstig belang, dat zij slechts in zoverre ernstig genomen wordt, als zij met het ontvangen licht-overeenkomt. Niet de Heilige Schrift is dan regel des geloofs, maar het innerljjk licht.
   Wij hebben er reeds op gewezen, dat. Brunner zeer vrij staat tegenover de Heilige Schrift, hetwelk ook nog wordt bevorderd door zijn streven om het Evangelie aan te passen bij de moderne mens. Hij wil dit mogelijk ter wille van het Evangelie doen, hoewel het naar onze overtuiging onder deze behandeling een ander evangelie wordt, dan ons in de Heilige Schrift wordt voorgesteld. Hoewel dit bezwar ons zeer ernstig weegt, erkennen wij echter gaarne de waarde en betekenis van dit boek, dat in verschillend op­ zicht onze aandacht verdient.
S.

HET CHRISTELIJK BEGINSEL en het onderwijs in de aardrijkskunde, door dr. A. van Deursen. No. 49, 1951. yoor onderwijs en opvoeding.

Uitgaven van het Gereformeerd School- verband.
Opzet van dit stuk : Het Christelijk geloof leert het wezen van de natuur kennen in haar relatie met de Openbaring. De schrijver illustreert dit op een schone en wel gedocumenteerde wijze. Onderwijs en opvoeding kunnen daarvan profijt trekken.

S.

„De Wijzen uit het Oosten" en „Met Jezus in een scheepje", door Anne de Vries, met tekeningen van Tjeerd Bottema. Uitg. J. H. Kok, Kampen.

   Dit zijn weer twee boekjes, zoals reeds verschillende verschenen, zeer verzorgd en mooi van tekening.
   Vooral ,,De Wijzen uit het Oosten" is bijzonder geslaagd ; de tekeningen van het Kindeke zijn gemakkelijker dan de figuur van de Christus, in ,, Met Jezus in een scheepje", waartegen sommigen wel bezwaar kunnen hebben.

C. S. S.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 maart 1951

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

BOEKBESPREKING

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 maart 1951

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's