DE TERM „IN GEMEENSCHAP MET DE BELIJDENIS” IS REKBAAR ALS ELASTIEK
Wilt u bewijs, lees dan wat volgt.
De middengroep in onze kerk is het goed eens geweest met de vrijzinnigen in de formulering en vaststelling van artikel 10 van de nieuwe kerkorde. Toen ik als secundus enkele stemmingen bijwoonde in de Synode op Woudschoten, dacht ik bij de aanschouwing van de grote overeenstemming tussen de middengroep en de vrijzinnigen : „Het kon wel de oude Synode van Dordrecht wezen!"
Maar, helaas, 't was er ver vandaan, want bij alle eensgezindheid bij de stemmingen, bleven de vrijzinnigen vrijzinnig en de orthodoxen wilden orthodox blijven.
De vrijzinnigen (behalve de Zwingligroep) vrezen blijkbaar de leertucht niet. Ze zijn bepaald van verschillende zijden gerustgesteld, dat 't met die leertucht zulk een vaart niet lopen zal.
Het zou ook oneerlijk zijn van de middengroep, om later de vrijzinnigen, die hen zo schitterend geholpen hebben bij de totstandkoming van de nieuwe kerkorde, uit de kerk te zetten.
De practijk bewijst wel, dat de bovengenoemde beschouwing juist is. Er wordt geen ogenblik aan gedacht door de middengroep om zich van de vrijzinnigen te distanciëren. Zo is in Gouda vanwege de Synode weer een poging aangewend om voor de vrijzinnigen een modus vivendi te scheppen. Die zou dan gevonden kunnen worden in de benoeming van een vrijzinnig predikant in algemene dienst of een hulpprediker. Daarover is kort geleden met de kerkeraad vergaderd. Dr. Gravemeijer leidde de besprekingen in die richting.
Wat het resultaat zal zijn, is mij nog niet bekend.
De benoeming van een predikant in algemene dienst is een middel, wat al meer gebruikt is door de Synode. Ik denk aan Harderwijk. Daar werd ds. Snijders benoemd tot predikant om een minderheidsgroep van nietgereformeerden te verzorgen.
Er is volgens het Weekblad van de Ned. Hervormde Kerk in de notulen van de Synode medegedeeld, dat door die benoeming geen antecedent werd geschapen.
De toestand in Harderwijk moest volgens de Synode een unicum blijven.
Het blijkt echter dat het geval Harderwijk géén unicum blijven zal. Men stelt zich immers voor, dat langs dezelfde weg ook in Gouda de vrijzinnigen kunnen worden geholpen. Het nieuwe geval „Gouda" bewijst voldoende, dat de woorden „in gemeenschap met de belijdenis" ruim genomen worden. Ik ben geen bewonderaar van de weg, die de Synode thans in deze inslaat, afgezien nog van het feit van de eigenlijke verkrachting der belijdenis. Nu de Synode echter die kant uit wil, denk ik aan gemeenten in ons vaderland, waar ook een flinke minderheid van gereformeerden gevonden wordt. Laten die zich óok eens tot de Synode wenden, met het verzoek, dat er voor zulk een groep ook een predikant van de Gereformeerde Bond als hulpprediker worde benoemd.
Wat men aan één middengroep in Harderwijk heeft gegeven en wat men bereid is te willen geven aan een groep vrijzinnigen in Gouda, dat zal men toch óok aan een groep van gereformeerden ergens in den lande niet willen onthouden.
Of zouden de gereformeerden geen kans hebben ?
Lezers ik ben gaarne bereid om het ter bevoegder plaatse te brengen, als 't nodig is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 april 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 april 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's