De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

EEN DOMINE VERTELT

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

EEN DOMINE VERTELT

XIL DE PREEK

7 minuten leestijd

4. CATECHISMUSPREDIKING.

   Het is een goed gebruik, dat nu al eeuwen geleden in de Kerk der Reformatie werd ingesteld en dat tot op heden in de meeste plaatsen nog gehandhaafd bleef, om namelijk in de middag- of avond godsdienstoefening Catechismusprediking te houden.
(Dus niet in de morgengodsdienstoefening, want het Woord gaat voor en blijve het uitgangspunt. Plaatselijke afwijkingen daarvan zijn niet aan te bevelen).
   De Gemeente heeft het nodig, onderwezen te worden in de leer der Kerk, want zonder leer kan er ook geen leven zijn.
   Wij stemmen gaarne toe, dat een Kerk met het bezit van een belijdenis niet klaar is. Dat een Gemeente zelfs dood kan zijn, ook al bezit zij de gereformeerde belijdenis. Dat men er heel ver van afgedwaald kan wezen, terwijl men zich toch altijd weer op de naam „gereformeerd" beroept.
   Een belijdende Kerk staat hoger dan een Kerk met een belijdenis, wanneer die laatste haar belijdenis althans niet beleeft.
   Toch is het evenzeer waar, dat een Kerk eerst een belijdenis moet bezitten, om haar te kunnen beleven. Ik wil maar zeggen : zij moet haar geschonken zijn.
   En hierin ligt de grond onzer waardering voor hetgeen historisch geworden is. Dus ook voor onze Belijdenisschriften, al stellen wij ze niet op één lijn met Gods Woord.
   Wij hebben het nooit als een knellende band gevoeld, ons aan deze Belijdenisschriften gebonden te achten. Wij waarderen ze als kostelijke erfstukken onzer vaderen, die deze belijdenis met hun bloed hebben bezegeld, maar wij achten ze vooral hoog, omdat daarin voor ons zijn weergegeven de hoofdwaarheden van de Heilige Schrift. Hun inhoud is ons dierbaar.
   Misschien zijn zij hier of daar voor aanvulling vatbaar. In geen geval echter mogen andere Belijdenisschriften of Proefnemingen de oude verdringen.
   In de Gemeenten, waar het gereformeerd beginsel leeft, wordt de Catechismusprediking dan ook zeer gevwaardeerd en het is aldaar wel terdege te bespeuren, wanneer zij jaren lang in de gezonde leer werden onderwezen. Daaraan konden de stadsgemeenten wel een voorbeeld nemen.
   De bewering, dat de Catechismusprediking lege middag- en avondbeurten maakt, is onjuist. Dan moet gij maar eens in de gezond gereformeerde dorpen zien.
   Ook in. de steden hebben de predikanten, die Catechismus preken, des avonds het grootste gehoor.
   Wat is het dan jammer, dat deze prediking aldaar hoe langer hoe meer verwaarloosd wordt. Dat vele predikanten zich laten verleiden, om ook des avonds „vrije stof" te behandelen.
   Men wil tot elke prijs de kerken weer vol hebben, maar men vergeet, dat men langzamerhand, ook door het geheel of gedeeltelijk afschaffen van de Catechismuspreek, de Belijdenis buiten de Kerk zet.
   Menigmaal kwam het voor, dat gemeenteleden mij vroegen : „domine, waarom neemt u 's avonds geen vrije stof? , dat is toch veel mooier!"
   Men wil u wijs proberen te maken, dat men de Catechismus nu zo zachtjes aan wel kan dromen.
   Och, ware het zo! Immers dan zouden wij nog zeggen : „Gij kent dus de Catechismus? Het is wèl! Maar nu zijn er uwe kinderen nog. Nu zijn er de jonge mensen nog, die ook broodnodig er in onderwezen moeten worden. Wij gaan stil door".
   Daar is in het stadse kerkelijk leven zoveel grootdoenerij. Als een predikant uit een dorp komt, dan heeft hij wel eens hoge ideeën van de stadse kerkgangers, alsof deze wel door en door op de hoogte zijn. Maar wat valt dat tegen. Velen nemen het air aan, of zij alles „door" hebben, maar wanneer men dezulken zo eens langs de neus weg even aan de tand voelt, men houdt zijn hart vast.
   In een goed onderlegd dorp zal men een predikant er wel op attent maken, wanneer hij zich inzake het een of ander punt van de gereformeerde leer minder juist heeft uitgedrukt. In een stad behoeft hij zich niet al te bezorgd te maken, dat zijn dogmatische vergissing werd .opgemerkt. Daar worden vaak hele ketterijen met huid en haar geslikt.
   Neen, praat mij niet van de dogmatische geleerdheid van de stadse kerkgangers. Zeker zijn er wel onder, die op de hoogte zijn ; maar velen zou men alles wijs kunnen maken.
   De grote kerkelijke massa in de steden bestaat uit morgerekerkgangers. De avondkerk bestaat voor de meesten niet. Dat is niet omdat de Catechismus gepreekt wordt. De avond is voor bezoek en visites.
   Hoe zal men in die kringen, die overigens niet gaarne als onkerks geboekt staan, de belijdenis kennen?
   Met dat gevolg, dat er dan ook zoveel afdwalen gevonden wordt naar andere kerken en secten. Dat men gehoor geeft aan allerhande soorten van „apostelen", want men heeft tegen hen geen verweer.
   Waar zullen wij aan de mensen dat verweer beter geven dan in de kerk? Juist ook in de middag- of avonddienst? Gods huis is de plaats, om dat nu eens aan alle mensen bij elkaar te zeggen.
   Dikwijls kwamen er bij ons op het spreekuur, die vroegen : „domine, hoe zit dat nu toch eigenlijk met de Kinderdoop? Of met het houden van de Zaterdag als Rustdag? " Telkens komt dan weer de gedachte bij mij op : hoe zal ik nu toch met een paar volzinnen als antwoord, hier goed kunnen maken, wat jarenlang verwaarloosd bleek? Ik heb zulke bezoekers wel eens gevraagd : „Komt gij in de avonddiensten? "
   Meestal zeggen zij : „Neen!" of : „Niet vaak!"
   En dan beginnen wij weer : „Wanneer gij geregeld de Catechismusprediking bijwoondet zoudt gij het weten, wat gij nu vraagt. Immers daar worden die vragen behandeld". Natuurlijk trachten wij dan in korte trekken het antwoord toch te geven. Het moet ons niet verdrieten, de dingen ook persoonlijk op het spreekuur of van huis tot huis te zeggen. Ook hier ligt een taak der Kerk. Maar toch zeker nog veel meer in de avondbeurt op de Zondag! En daarom mag dat uur van rustige onderwijzing der Gemeente tot geen enkele prijs haar ontnomen worden!
   Doet men dat toch, door welke plaatsvervangingen ook, dan zou dat meer en meer de kennis der Belijdenis ondermijnen en velen zullen tenslotte niet eens meer weten, waarover men het heeft, wanneer er sprake is van „de Belijdenis", of van „de bodem der Belijdenis", om het woord „grondslag" niet eens te noemen.
   Ook in gereformeerde Gemeenten is de prediking van de Catechismus broodnodig. Gevaar voor afzakking en ziekelijke verschijnselen dreigt immers overal en ook daar.
  Wanneer men sommige mensen hoort in hun betuigingen of bevindingen, dan gelijkt dat niet veel meer op de taal, waarin de Catechismus spreekt. Het kan althans genezend werken, wanneer hun de Heidelberger voor ogen wordt geplaatst.
   Hadden wij het gezegd, dan zouden zij ons temeer verdacht hebben. Nu de Catechismus het zegt, moeten zij tenminste zwijgen. Al betekent dat zwijgen lang altijd geen toestemming.
   De jonge ambtsdrager weet dus, vooral in de eerste jaren wel, wat hij inzake preekwerk te doen heeft. Er is veel tijd nodig ter voorbereiding, zowel voor de morgenpredikatie als ook voor de Catechismus. Maar in zijn latere ambtelijk leven zal hij er profijt van hebben, zo hij met de behandeling van de Heidelberger ernst maakte. Het zal voor zijn dogmatische vorming veel bijdragen, temeer, waar hij deze op de Academie nog weinig ontving.
   Hij zal dan beter beslagen ten ijs komen, wanneer gemeenteleden onschriftuurlijke of ongezonde dingen naar voren brengen.
   Als hij de Catechismus dan tenminste ook behandelt eri niet inplaats daarvan over een toepasselijke tekst preekt in verband met het onderwerp, dat aan de orde was, waardoor men dan toch weer min of meer om de leer heendraait.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 juni 1951

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

EEN DOMINE VERTELT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 juni 1951

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's