KERKNIEUWS
BEROEPEN te :
Enschedé P. L. Schoonheim te Aalten — Sneek (toez.) (vac. J. N. de Ruiter) H. Sondorp te Hall — 's Grevelduin-Capelle J. Koele te Dirksland — Tolbert J. Sperna Weyland, cand. te Assen — Vinkeveen J. Zwijnenburg te Huizen (N.H.) ~ Poortvliet J. Boezer te Eethen.
AANGENOMEN naar:
De Meern J. Kwast te Hendrik Ido Ambacht .— Voorhout (toez.) E. H. Kalkman, cand. te Amsterdam.
BEDANKT voor:
Amersfoort (vac. Jac. Vermaas) W. Vroegindewey te Huizen (N.H.) — Woudenberg L, Blok te Kampen — Nieuwe Tonge J. C. Terlouw te Otterloo — Putten (toez.) (3e pred. pi.) J. H. Cirkel te Ede — Klundert J. Koele te Dirksland — Giessendam J. van den Heuvel te Schoonhoven.
LEERDAM.
Bevestiging en intrede ds. A. H. Sonnenberg. Zondag 24 Juni j.l. deed ds. Sonnenberg zijn intrede te Leerdam als predikant van Wijk West. In de morgendienst vond de bevestiging plaats door ds. C. Streefkerk van Spang (N.Br.)
Deze had tot tekst gekozen Ezechiel 3 vers 17 : „Mensenkind, Ik heb u tot een wachter gesteld' over het huis Israels ; zo zult gij het woord uit Mijn mond horen en hen van Mijnentwege waarschuwen". De bevestiger stond in deze predikatie stil bij de roeping en de opdracht. Na lezing van het formulier en het beantwoorden der vragen richtte ds. Streefkerk zich met een persoonlijk woord tot zijn vriend en collega, die hij nu voor de tweede maal mocbt bevestigen. Op verzoek van ds. Streefkerk werd ds. Sonnenberg toegezongen Psalm 20 vers 1.
Was 's morgens het kerkgebouw geheel bezet, 's middags moesten nog vele plaatsen meer worden bijgezet en waren ruim 1100 mensen aanwezig. Bij hetzefde hoofdstuk waaruit ds. Sonnenberg afscheid heeft genomen te Ooltgensplaat, bepaalde hij ook nu zijn gehoor, en wel bij het 8ste vers uit Hebreen 13 : „Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde en in der eeuwigheid".
Paulus — aldus spreker — zegt in het voorafgaande vers tot de Hebreen, dat zij acht moeten geven op de prediking van de voorgangers van eertijds, van hen, die het Woord Gods in geloof hebben uitgedragen. Dit was nodig, want die gemeente had dwaalleraars in haar midden, die hen af brachten van het enige fundament der zaligheid, n.l. Jezus Christus. Zij leefden niet van genade, maar van spijze. Zij onthielden zich van verschillende spijzen en het is funest en radicaal fout om bij spijze te leven door onderhoudingen en van het raakt niet en smaakt niet. Het hart moet gesterkt worden van genade en daar buiten te leven gaat niet. Hebben we daar allen niet mee te maken ? — aldus Spreker. Ja, allen !
In de tekst geeft Paulus de fundering en de grond voor zijn vermaan te vinden. Jezus Cliristus, dezelfde, gisteren, heden en in der eeuwigheid. Niet de Jezus, waar de mens van vandaag over spreekt; maar Jezus Christus, naar wie de ganse Oud-Testamentische gemeente heeft uitgezien. De van God gegeven Middelaar, waar Mozes en de Profeten over hebben gesproken. Het is de Christus, die noch het oude, noch het jonge leven afwijst. Zijn discipelen ergerden zich aan zoveel barmhartigheid. Ook vandaag nog. Maar Hij blijft een waarmaker van Zijn Woord. Van Hem is hulp en heil te wachten. Hij is een kracht Gods. Ook heden, en vooral in de toekomst, in de toekomende tijd. Ze praten vandaag over de jonge mensen, die hebben hun zorgen. Het Evangelie moet voor hen pasklaar gemaakt worden, zeggen ze. Maar bedenkt, dat Hij gisteren en heden dezelfde is. Achter dit alles moet zitten de geloofsstrijd van Gods strijdende kerk. Maar deze Christus zegent dan ook de verkondiging van Zijn Woord en is machtig groot en machtig heerlijk in dit werk, voor een vastgelopen mensenkind. Voor Hem is daar geen zonde te groot en geen ongerechtigheid te gruwelijk.
Na dankgebed en het zingen van Psalm 84 vers 3 richtte ds. Sonnenberg zich allereerst tot zijn vriend en bevestiger ds. Streefkerk, vervolgens tot ds. Van Dijk, zijn mede-ambtsdrager te Leerdam. Verder tot Classis, collega's van de Ring, Kerkeraad, Kiescollege, wijkbroeders, heren kerkvoogden, kosters, organisten, collectanten, jeugd en Jeugdverenigingen, catechisanten en , gem.eentei; tot het college van B. en W., afgevaardigde van de Kerkeraad en vrienden uit Ooltgensplaat. Z.Eerw. merkte hierbij op, dat hij hoopte het in Leerdam ook zo naar zijn zin te mogen hebben als in de Plaat. Hij verzocht de groeten aan allen over te brengen. Tot de vertegenwoordigers van het Rusthuisbestuur sprak hij nogmaals hartelijk dank voor de openheid en eerlijkheid en vriendschap, ondervonden. Zich tot zijn familie richtend, merkte Z.Eerw. op, dat regelmatig contact nu weer mogelijk is en dankte hen ook voor alles, daarbij ook denkende aan hen, die niet meer zijn. In antwoord hierop sprak allereerst namens de Classis de heer Verhoef, van Schoonrewoerd, een hartelijk en principieel welkomstwoord ; vervolgens ds. M. Brinkman van Asperen namens de Ring, die memoreerde hoe Z.Eerw. zich enkele wekep geleden heeft losgemaakt van de gemeente, die hem zo bekend is. Burgemeester H. Vlug sprak namens het gemeentebestuur. Dit deed Z.Ed. Achtb. op dergelijke bijeenkomsten voor het eei-st, daar voorheen B. en W. alleen door aanwezigheid bij intrede en afscheid blijk van hun belangsteling gaven. Thans gevoelde hij zich gedrongen om ook iets te zeggen.
De heer Van Willigen, sprekende namens de kerkeraad van Ooltgensplaat, hoopte dat de liefde, lust en ijver in Leerdapi dezelfde mocht zijn als eertijds in Ooltgensplaat. Hij wenste Z.Eerw. namens de oude gemeente Gods onmisbare bescherming toe.
Ds. Van Dijk sprak zijn voldoening er over uit dat in dé vacature van tweede predikant zo vlug is voorzien. De overgang van Ooltgensplaat (platteland) naar Leerdam (industrie) is groot. De kerkeraad telt 11 leden, de gemeente is zeer uitgebreid, enz. Hij hoopte op een prettige samenwerking. Ds. Van Dijk verzocht de gemeente ds. Sonnenberg staande toe te zingen vers 3 van de Morgenzang (gewijzigd).
Ds. Sonnenberg sprak hierna een woord van dank en legde voor het eerst de zegen op de gemeente van Leerdam.
Van de ringcollega's, die allen in toga volgden, merkten we op : ds. Pop van Schoonrewoerd, ds. Van der Graaf van Leerbroek, ds. Fokkema van Zijderveld, ds. Van Dijk van Leerdam, ds. Franke van Heukelum, ds. Brinkman van Asperen, ds. Van der Kam van Kedichem en de bevestiger ds. Streefkerk van Sprang.
De gemeente van Leerdam had een hoogtij Zondag.
AMERSFOORT. Afscheid ds. Jac. Vermaas.
Zondagavond 8 Juli nam ds. J. Vermaas afscheid van de gemeente van Amersfoort in een volle St. Joriskerk, waar hij zo menigmaal het Woord heeft mogen bedienen.
Nadat votum en zegengroet waren uitgesproken, zong de gemeente Psalm 89 vers 1 en 3. De Schriftlezing was Hebreen 10 vs. 19 v.v., waarna de scheidende leraar in den gebede der gemeente voorging.
In de inleiding van de prediking herinnerde ds. Vermaas de gemeente aan de tijd, nu vijf en een half jaar geleden, toen hij in Amersfoort kwam. Het was toen een tijd, waarin velen leefden in de gedachte : het zal nu wel beter worden in de wereld ; de mensen hebben wel geleerd door de oorlog en al de ellende, daaraan verbonden; de chaos zal nu wel verdwijnen. Maar nu, in 1951, is de toestand zó, dat alle signalen toch weer en nog op onveilig staan. Er is nood en zorg ; in brede lagen van ons volk is de naam des Heeren een klank, zonder meer. Toen spreker in Amersfoort kwam, heeft hij niets nieuws meegebracht, en als hij heengaat, dan blijft het Woord en dat Woord zegt: Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde en tot in eeuwigheid. Herinnerd wordt aan'het woord van de bevestigingstekst: Geef gij hun te eten; dat is mijn begeerte geweest, om allen volmaakt te stellen voor Christus Jezus, die het Brood des Levens is. Daar ligt een rijke troost voor arme en verslagen zielen. In Christus ligt voor ons alles. En met het Woord der waarheid doet de Heere Zijn werk. En Hij heeft dat gedaan, ook in deze jaren. Ook in deze afscheidsdienst zal dat Woord worden uitgedragen.
Zo komt spreker tot zijn tekst : Hebr. 10 vs. 23: Laat ons de onwankelbare belijdenis der hoop vasthouden (want Die het beloofd heeft, is getrouw). In het midden van deze tekst staat de belijdenis der hoop ; nu is er zo veel verwachting geweest, die nooit is vervuld, verwachting zonder grond, en niet te tellen zijn de mensen, die in het geheel geen uitzicht hebben. Waar gaat het nu in de belijdenis der hoop om? Wat is de inhoud van deze belijdenis? Belijden is naar het oorspronkelijke 'eigenlijk : hetzelfde zeggen. Het gaat er bij de belijdenis dus om, om hetzelfde te zeggen, wat God gezegd heeft, en dat ligt geschreven in zijn Woord. En in dat Woord is Christus de Hogepriester, het middelpunt. Christus laat Zich in de schuld en de chaos en de dood van deze wereld zenden. Kan dat nu niet met minder toe, dan met de dood van de 'Middelaar? Maar het is niet van betekenis wat wij daarvan denken, maar wel wat God oordeelt, dat geschieden zou. De grote Hogepriester heeft de schuld geboet, is de hemelen doorgegaan en is Boven de Voorspraak voor Zijn Kerk.
Die belijdenis hebben wij. Zij hebben Mozes en de profeten, en dat is een bezit, omdat de Heere dat heeft willen schenken. De onmisbaarheid en heerlijkheid van Christus moeten wij elkaar voorstellen. Zijn rijkdom is zó groot, dat die niet onder woorden te brengen is. In Hem ligt de zalige toekomst van al de Zijnen gereed. Immers het gaat over de belijdenis der hoop. Zeker, de Kerk des Heeren is verlost, maar de volle verlossing en zaligheid zal straks komen.
Het geschreven Woord mogen wij niet verwaarlozen. Als gij dat Woord hebt verworpen en verwerpt, is dat een grote misdaad tegenover God zelf. Wat God schenkt, dat moet in waarachtig geloof worden aanvaard. Dan eerst kunnen wij spreken van een hebben in persoonlijke, bevindelijke zin. Daarom moet de volle nadruk gelegd worden op het werk des Heiligen Geestes. Anders, dan praten wij maar na, dan zijn wij tweede-hands-christenen; dan kunnen wij wel voor het Woord vechten, maar dan zijn wij niet persoonlijk mét Christus verbonden. Zonder te buigen onder het Woord Gods, hebben wij een eigengemaakte Christus, wiens komst van geen enkele waarde wordt geacht.
Over het spreken wat God spreekt, moeten wij niet gering denken, want dan leer ik mijn eigen dood spreken. Het geestelijk hebben van deze belijdenis wordt voorafgegaan door het leren verstaan, dat wij niets hebben. In de weg van ontlediging leert de Heere amen zeggen daarop, dat ik alleen uit genade verlost word ; leer ik amen zeggen op het/werk van de Borg, met toepassing op mijzelf. Geen mens gaat als bezitter binnen. Het gaat or& het hebben in het geloof. Het gaat niet om het vechten voor de belijdenis met een onbekeerd hart, maar om te buigen onder het Woord des Heeren.
Dit Woord bevat een bevel en een opdracht. Wie de Heere vrezen, zullen dat beleven en dat uitdragen, in woord en daad. En dat zal alleen kunnen in de weg van gebed en van oefening des geloofs. Het vasthouden aan de belijdenis is geen rustig bezit. Maar hiermede wordt de Kerk in de strijd geworpen, want wij zijn arm en schuldig in onszelf. Zoveel wat in ons is, verzet zich tegen die belijdenis der hoop. De duisternis maakt zich op, om het licht weg te nemen. Ook in het eigen leven staan wij met onze ontrouw en afdwalingen. Dan is er de stem, die zegt : laat die belijdenis los, want gij bouwt op zand. De tijd kan komen, dat Gods kinderen deze belijdenis met hun bloed moeten bezegelen. Is dat onmogelijk? Is dat te zwaar? Komt daarvan niets terecht? Daar komt alles van terecht, niet om'dat wij niet bezwijken, maar omdat de Heere getrouw is. In de gemeente van de Hebreen is verslapping gekomen •; daarom dat deze brief geschreven is. Waar wordt dit beleefd? Wij zijn zo weinig adventsgemeente. Daar is zoveel afwijking en ingezonkenheid van waarachtig geestelijk leven. De opwekking is niet tevergeefs, want God is getrouw. Hij beloofde de Verlosser en Hij hield woord. Hij belooft : Ik zal u niet begeven en u niet verlaten. Dat zijn geen holle phrasen en grote woorden. Wij zijn zo dikwijls ingelopen met grote woorden en holle phrasen. Maar de Heere houdt zich aan Zijn Woord, want dat Woord is vast. (2 Petrus 1 vs. 19). Dat hebben wij ontmoet in de gemeente, in deze jaren, dat wij in uw midden waren. Mensen, wier levensschip de Heere had laten vastlopen, bij wie de golven over het hoofd heen spatten, die riepen : Haast U tot mijn hulp ! Heeft God het er toen bij laten zitten? Al de Zijnen komen er door. Hij maakt Zijn werk klaar. De dag van de glorie van Christus komt en daarmee de dag van de glorie van allen die Hem vrezen. Maar wie het Woord heeft verworpen, voor die blijft niet anders over dan de verschrikkelijke vergelding in het oordeel Gods.
Daarom heden, indien gij Zijn stem hoort, verhardt u niet, maar laat u leiden ! Wortel van alle ellende van deze tijd is het niet spreken van wat God spreekt en het niet luisteren naar Hem. Wij kunnen op Hem aan ! Waar wij blijven en waar wij gaan. Hij is getrouw ! Aan de hoede en aan de trouw Gods bevelen wij elkander aan.
Spreker eindigde met de woorden van de — berijmde — Psalm 27 vers 7.
Na dankgebed hield ds. Vermaas enige korte toespraken tot diverse colleges en personen. Ook hieruit bleek, welk een hartelijke band er om de wille van het Woord tussen gemeente en scheidende leraar is gevallen.
Spreker gewaagde ook hier van de zegen, op de arbeid ontvangen.
Op een samenkomst met wijkcollege, catechisanten en Verenigingen, die Donderdag in Filalethes -gehouden was, is wel gebleken hoe Amersfoort ds. V. node ziet heengaan.
Namens de kerkeraad en de gemeente dankte de praeses van de kerkeraad ds. Vermaas voor de arbeid, die deze in het midden der gemeente verricht heeft, herinnerende aan de goede verhouding, die er altoos was geweest en sprak uit, dat het Woord des Heeren niet ledig zal wederkeren.
Op verzoek van ds. Gerritsen zong de gemeente ds. Vermaas de zegenbede van Psalm 121 toe.
Na deze indrukwekkende dienst, die ook door twee wethouders als vertegenwoordigeras der burgerlijke gemeente werd bijgewoond, maakten velen van de gelegenheid gebruik om van ds. en mevr. Vermaas hartelijk afscheid te nemen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 juli 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 juli 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's