Eén naam...
Kent gij de vreugde van 't zalige leven
— heilig mysterie — van't leven in God ?
Hebt ge aan Hem U al overgegeven,
werd Hij de weelde, de lust van uw lot?
Kent gij het léven, 't leven in God?
Weet ge ied're polsslag van Hem U gegeven
heeft al Zijn glorie de schaduw verdreven,
die er eens rustte op uw leven en lot?
Scheen in uw oog al dat wondere licht?
Hebt gij het levende water gedronken,
weet g 'u in eeuwige armen gezonken,
hebt gij aanschouwd Zijn godd'lijk gericht ?
Kent gij het leven, 't leven in God?
Daalde in uw harte Zijn vrede reeds neder,
spelt gij één naam als geen ander
zo teder schoon er de wereldse wijsheid mee spot?
Zalig, wie 't eigene leven verloren
— leven dat wegzinkt in eeuwige dood
— en zich de Heere des levens verkoren.
Die ons — al stervend •—• Zijn hemel ontsloot
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 juli 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 juli 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's