LEERPLICHT
II.
Opmerkelijk is, dat reeds ten tijde van de Republiek der Verenigde Nederlanden een zekere vorm van Leerplicht bestond. Er was toen namelijk een bepaling, dat voor kinderen, die de leeftijd hadden, dat ze naar school konden, schoolgeld moest betaald worden. Of het kind werkelijk school ging of niet, aan deze verplichting moest voldaan worden. Dit zal wel bedoeld zijn als een aansporing, om de kinderen toch maar te laten onderwijzen ; betalen moest je toch, dus zullen verschillende ouders wel overwogen hebben, dat het dan maar beter was, als je nog waar voor je geld kreeg, al was 't dan maar in de vorm van wat lezen en schrijven en soms ook van rekenen. Men denke er echter wel aan, dat hier geen sprake was van een landelijke regeling, doch slechts van plaatselijke verordeningen en dan in de regel alleen in grote plaatsen.
We spraken met opzet van „een zekere vorm van leerplicht" ; we konden eigenlijk eer spreken van „Betaalplicht" want er was verder geen enkel gebod, dat men z'n kind naar school moest sturen.
Enigszins anders stond het bij de in enkele plaatsen opgerichte „Armenscholen", Hier konden arme kinderen gratis Onderwijs ontvangen, mits hun ouders onberispelijk van levensgedrag waren. Maar dan rustte op hen ook de verplichting, hun kinderen trouw de school te doen bezoeken. Werden lie door de Diaconie „bedeeld", dan werd bij eventueel schoolverzuim, de diaken, die met de „bedeling" belast was, van het verzuim in kennis gesteld. Dit kon dan de betrokken ouders op gedeeltelijke inhouding van hun wekelijkse uitkering te staan komen. Hier was de dwang heel wat groter, omdat ongeregeld schoolbezoek vermindering van inkomen tengevolge kon hebben. We zouden het kunnen noemen een boete voor ongeoorloofd schoolverzuim.
Deze en misschien nog andere soortgelijke voorschriften waren ongetwijfeld goed bedoeld, maar ze doen ons toch erg vreemd aan. Bovendien golden ze slechts hier en daar. De 19de eeuw gaf ons te zien de oprichting van organisaties „tot bevordering van getrouw schoolbezoek". Beloningen en ereblijken werden uitgeloofd, om het schoolverzuim te verminderen. Het werd echter 1901, eer er een Rijkswet op de Leerplicht werd ingevoerd.
In 1898 diende Minister Goeman Borgesius een Ontwerp van Wet bij de Tweede Kamer der Staten Generaal in. Het duurde tot Februari 1900, eer met de behandeling van dit Ontwerp werd aangevangen. Er was veel tegenstand. Op 30 Maart 1900 werd het Ontwerp aangenomen met 50 tegen 49 stemmen. De 5de Juli d.a.v. nam de Eerste Kamer de wet aan met 33 tegen 16 stemmen en op 1 Januari 1901 werd de Leerplichtwet ingevoerd.
Het schoolverzuim is een ernstige belemmering voor het Onderwijs, vooral, zolang het klassikaal gegeven wordt en dat zal in verband met verschillende omstandigheden over het algemeen nog wel enige tijd zo blijven. Het is erg jammer, dat er meerdere ouders zijn, die dit niet kunnen of willen begrijpen. En toch is het zo. Het werk gaat elke dag regelmatig voort en zelfs als de leerling er maar een dag uit is, komt er een hiaat in. Zijn het meer dagen, dan wordt de achterstand al groter, tot het tenslotte niet meer in te halen is en dan is Leiden in last. De Leerplichtwet heeft aan dit willekeurige verzuim geen einde kunnen maken. Om het kleinste wissewasje houdt men in sommige gezinnen een kind thuis. En dan een vermaning van de Commissie tot wering van schoolverzuim en 't is alweer voorbij, 't Komt niet zo erg gauw tot een proces verbaal en tot een veroordeling. En als 't gebeurt, dan komt 't soms voor, dat het kind reeds enkele weken van school af is, wegens „volbrachte leertijd". Er zijn nog heel wat „omstandigheden", die oorzaak zijn, dat het doel, hetwelk men zich bij de Leerplichtwet gesteld heeft, in zeer veel gevallen niet bereikt wordt. We zullen er niet al te diep op ingaan, omdat het niet onze bedoeling is, een cursus te geven in het ontduiken van de Wet. Slechts een paar voorbeelden.
Gerrie is pleegdochtertje in een kinderloos gezin. Blijft elke week 1 of 2 schooltijden thuis ; dit houdt verband met een oude vader, die bij hen inwoont. Het Hoofd der school denkt nog niet direct aan vervolging, maar wil even de kat uit de boom kijken. Vraagt echter wel elke week aan het kind, hoe het er mee staat, om te weten te komen, of nog altijd dezelfde reden geldt. Dit verveelt de pleegouders en ze verzoeken, het kind niet meer „lastig te vallen". En na enkele weken krijgt het Hoofd de boodschap, dat het meisje van school afgenomen wordt en op een andere school geplaatst. De bovenmeester van die school heeft gezegd, dat het helemaal niet geeft en dat Gerrie best voor dit doel thuis mag blijven.
Jaap wordt in Juli 14 jaar, mag dus met 1 September van school af. Echter van April af is hij slechts dan op school verschenen, als de politie hem toevallig op straat had aangetroffen. Overigens verdiende hij een mooie cent bij een opkoper van oud papier. Met trots toonde hij z'n vrinden z'n verdiende geld, dat zowat geheel door hem besteed werd en waarvan hij z'n moeder ook wel eens een keer wat gaf. Al die tijd is hij voor ongeoorloofd verzuim opgegeven, maar er kwam geen verandering in z'n schoolbezoek.
Nel werd in Juni 14 jaar, maar was leerplichtig tot 1 September. Echter sinds haar 14de verjaardag verscheen ze niet meer. Een onderhoud met de moeder hielp niet, hoewel deze heel goed begreep, dat het kind nog school moest gaan. Het verzuim werd voor ongeoorloofd opgegeven, wat ook hier geen verandering bracht. Met 1 September werd ze afgeschreven. Eind September kwam een officiële vragenlijst, zodat misschien, nu ze reeds meer dan 6 weken niet meer leerplichtig is en de school niet meer bezoekt en niet meer verplicht is te bezoeken, nog een vervolging zal worden ingesteld. Dit kan wellicht voor anderen preventief werken, maar voor dit kind helpt het niet meer.
Deze voorbeelden zouden nog met andere vermeerderd kunnen worden, maar voor ditmaal genoeg.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 oktober 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 oktober 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's