HERE OF HEER?
In het weekblad van de Nederlandse Hervormde Kerk van 10 November 1951 komt in het artikel van Maaïid tot Maand van N. G. J. van Schouwenurg, o.m. het volgende voor:
En de vrolijke noot: een predikant, die voor het I.K.O.R. een dienst vervulde, kreeg — zo schrijft hij in „In de Waagschaal" — enkele dagen later een gedrukte kaart, vrij kwistig bestrooid met teksten, die hem aan het verstand wilde brengen, dat hij wel zeer van het rechte pad was afgeweken, nu hij in zijn preek „Heer" had gezegd inplaats van „Here".
Er zijn in kerkelijk Nederland vreemde schutters. Ze luisteren blijkbaar al op een zeer vreemde manier naar een preek en horen er waarschijnlijk niet veel meer van — in het onderhavige geval — of het met de stomme e's wel in orde is. En zo niet, om dan naar een voorraad kaarten te stappen en de betrokken dominee onmiddellijk voor twee cent (plus de kaart) een réprimande toe te dienen. Vreemdsoortig genot! Maar bepaald toch een genot. Ook om het stapeltje kaarten te zien slinken en straks tot een herdruk te moeten overgaan, omdat het betichte euvel nog maar steeds niet uitgebannen is. Gelukkig vaart er dan een drukker wèl bij. En dat is óok van belang, vooral wanneer het een Hervormde is!
Deze kwestie is niet van vandaag of gisteren. Het moest reeds lang overbodig wezen een en ander toe te lichten. Als men het echter nodig keurt om er in „In de Waagschaal" over te schrijven en; als de Kroniekschrijver het nodig oordeek .om; het over te ne^mgn in, het officieel orgaan van onze kerk, dan achten we ons genoodzaakt om nog eens even op deze kwestie terug te komen.
Men kan het belachelijk vinden of niet, maar het recht in deze zaak is aan de kant van het gereformeerde volk, hetwelk „Here" zegt.
We spreken van Huize Staverden onder Ermelo en bedoelen daarmee geen gewoon huis, maar het mooie Veluwse kasteel. We zetten boven een stulpje geen opschrift : Huize Staverden.
We schrijven aan een adellijke vrouw : Vrouwe.
De taalgeleerden, die zich over het feit, dat men gereformeerd, ethisch of vrijzinnig is, volstrekt niet bekommeren, erkennen zonder beding de betekenis van die zogenaamde stomme „e" achter het woord huis of vrouw, als een middel om uit te drukken, dat we maar niet een gewoon huis en een gewone vrouw, maar een kasteel en een aanzienlijke dame bedoelen.
Waarom zullen we dan geen gebruik maken van de stomme „e" in het woord Here, om tot uitdrukking te brengen, dat we niet met een gewoon heer, maar met de Heere God te doen hebben?
Ik erken, dat er mensen zullen zijn, die van der jeugd afaan gewend zijn geweest om Heer te zeggen en het toch goed bedoelen. Maar dan moet men het ook kunnen verstaan, dat er mensen zijn, die Heere zeggen, omdat ze daarmee juist de Heero der Heeren willen even. En ik kan het mij heel goed indenken, dat iemand, die gewoon is „Heere" te zeggen, het onaangenaam vindt als anderen „Heer" zeggen.
In elk geval is het ongepast om er „een vrolijke noot", van te maken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 november 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 november 1951
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's