De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

VERANTWOORDELIJKHEID

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VERANTWOORDELIJKHEID

6 minuten leestijd

   Verantwoordelijkheid, kerkelijke verantwoordelijkheid, verantwoordelijkheid voor elkander, ziedaar enige termen, die men ieder weekend bij het doorzien van de kerkelijke bladen nog al eens aantreft.
   Er is nog zo'n uitdrukking : verantwoord, op verantwoorde wijze, waarmede men paradeert, al is het verband niet altijd duidelijk.
   Zonder twijfel is verantwoordelijkheid een voornaam begrip en nog meer een belangrijke zaak in ons leven. Het behoeft daarom geen verbazing te wekken, dat ook de kerkelijke leiding een en andermaal een beroep op de verantwoordelijkheid pleegt te doen, en dat het in zekere kringen gebruikelijk werd van verantwoordelijkheid te reppen, als ware dat een afdoende argumentering ^m zijn gelijk te bepleiten. Het heeft dan ook geen evenredige uitwerking en dat kan ook niet.
   Verantwoordelijkheid zonder meer is immers niets, ook al zet men daarbij enige grote woorden als kerkelijk, voor elkander, enz.
   Verantwoordelijkheid is aan twee kanten gebonden. Men is verantwoordelijk d.w.z. rekenschap schuldig tegenover iemand en men is verantwoordelijk ten aanzien van personen of goederen, waarover men gesteld is.
   Verantwoordelijkheid onderstelt bepaalde relatiën, enerzijds tot een gezaghebbende, anderzijds tot een taak. Zo brengen de aardse verhoudingen mede, dat een man voor het hem toebetrouwde werk, voor de arbeid, die hij op zich genomen heeft, verantwoordelijk is aan hem, wiens werk hij doet.
   Derhalve komen ook de normen van het werk een woordje medespreken. Immers de verantwoordelijkheid brengt niet alleen mede, dat de arbeid geschiedt, maar dat het alzo geschiede, dat het werk de meester dient en hem looft. Het moet overeenkomstig de wil des meesters zijn.
   Verantwoordelijkheid heeft met de wil des meesters te doen en sluit dus gehoorzaamheid in, en het heeft met bestemming van doen.
   In hoogste instantie heeft verantwoordelijkheid dus met de wil Gods van doen en heeft betrekking op ons ganse leven en onze bestemming. Dit maakt onze verantwoordelijkheid zo bijzonder gewichtig. Wij hebben in alle dingen met de wil des AUerhoogsten te maken als die rekenschap zullen geven voor Zijn aangezicht, want Hij is onze Schepper en Hij alleen is Souverein.
   Als wij nu doen, als de deïsten — en dat geslacht is nog niet uitgestorven — dan trekken wij alle aardse zaken in een vrijheidssfeer, waarin verantwoordelijkheid en gehoorzaamheid van haar wortelwerk zijni losgemaakt.
   Het behoeft niet gezegd, dat men godsdienstige en kerkelijke zaken bezwaarlijk zo armoedig kan voorstellen, omdat zij met de Godsopenbaring en met de gemeenschap mei de God der openbaring van doen hebben.
   Zo komen wij dus weer wat dichter bij de kern der zaak : Immers het gaat over het kerkelijk leven. De mensen praten over onze „gemeenschappelijke kerkelijke verantwoordelijkheid", of signaleren eigenlijk het gemis daarvan bij degenen, met wie zij het niet eens zijn. In dit laatste geval wordt het meer een dwaze aantijging, alsof zij ook nog rechters mochten zijn over het geweten. Dergelijke inmengsels in „het kerkelijk gesprek" kan men wegens de ernst der zaak beter negeren.
   Onze gemeenschappelijke kerkelijke verantwoordelijkheid !
   Wat wil men daaronder verstaan hebben ?
   Het gaat over de verantwoordelijkheid, welke wij als leden der kerk hebben. Wijl de kerk Gods kerk, Christus' kerk is, kan die kerkelijke verantwoordelijkheid dus geen andere zijn dan zulk een verantwoordelijkheid, welke op ons rust ten aanzien van de kerk van Christus en welke wij tegenover Hem dragen.
   Onze kerkelijke verantwoordelijkheid wordt alzo tweeledig op Christus en in Hem op God betrokken. Het gaat om Zijn kerk en om Zijn Wil omtrent die kerk, of wat hetzelfde is omtrent de Wil des Vaders.
   Men doet dus ten enenmale een slag in de lucht door zonder meer van verantwoordelijkheid te spreken. Dit zou immers onderstellen, dat de aangesprokene volkomen op de hoogte is.
   Zeker, het moest zo zijn, maar in de kerkelijke situatie, waarin wij verkeren, is dit niet het geval. Het ontbreekt maar al te zeer aan een gemeenschappelijke overtuiging! des geloofs omtrent de verhouding, waarin men verkeert, en van de in het geding zijnde zaken.
   Laat mij slechts stilstaan bij het telkens uitgedrukte streven om „kerk te zijn". „Wij moeten weer kerk zijn", zo wordt gezegd. Dat wil dus enerzijds zeggen, dat de kerkelijke situatie niet overeenkomt met, wat men als ideaal op het oog heeft. En als men dan een beroep doet op allen, die daarbij betrokken worden of zijn, en wel op hun verantwoordelijkheid, dan wordt aan een gemeenschappelijk ideaal gedacht en aan een gemeenschappelijke weg om dat te kunnen verwezenlijken. Anderzijds stuit men op de veelheid van meningen en strevingen, en allerlei critiek, zodati het beroep op de verantwoordelijkheid geenszins tot gemeenschappelijk optrekken kan leiden.
   Niet dat het aan verantwoordelijkheidsgevoel ontbreekt, maar, omdat het in zijn gebondenheid anders wordt gericht.
   Om ons nu maar bij het „kerk-zijn" te bepalen. Wij spraken van ideaal. Dat is een erg menselijk woord. Wat stellen wij ons daarbij voor ? Misschien is het eigenlijk zó, dat wij bij deze vragen het meest worden geleid door allerlei, wat ons treft, als zijnde niet in overeenstemming met wat het moest zijn.
   Niet, zoals het moest zijn ! Dat is een pijnlijke zaak. Daar achter kan heel wat goede bedoeling verborgen zijn. Maar, hoe moet het dan zijn ?
   Hoe was het dan vroeger in dagen van krachtige geloofsopenbaring ? Och ja, als wij op het mensenwerk zien, was het toen ook al niet ideaal. Weer het woord ideaal. Neen, als de mensen de kerk overeind moesten houden, zou er geen kerk meer zijn. Daarin wordt juist het goddelijke, het wondere openbaar, dat er altijd nog een kerk is, d.w.z. dat het nog in velerlei openbaar wordt, dat er een kerk i
   Maar dan kunnen wij mensen voor de kerk en voor het „kerk-zijn" ook niet verantwoordelijk worden gesteld. Onze verantwoordelijkheid in betrekking tot de gemeente van Christus is daarin gelegen, dat wij schuldig zijn de gehoorzaamheid te brengen, welke God van ons vordert, zo in het gehele leven, als ook in de openbaring Zijner gemeente op aarde, in de bediening des Evangelies en de onderhouding van de Dienst. En wij zullen dat alleen gevoelen en betrachten in en door het geloof.
   Hoe anders zouden wij Gode behagen dan in het geloof door de Heilige Geest, wijl alles wat niet uit het geloof is, zonde is ?
   Zo komt heel het beroep op de verantwoordelijkheid neer op de gehoorzaamheid des geloofs en deze zal nimmer als gemeenschappelijk gevoeld en betracht worden, dan in de gemeenschap van ons allerheiligst Christelijk geloof, waarvan de kerkelijke belijdenis getuigenis geeft naar de Schriften.
   Kerk-zijn is geen ideaal. Kerk-zijn is een feit in de gemeenschap met Christus. Kerkzijn is gemeenschap aan het Lichaam van Christus. De kerk is een schepping Gods. Die in Christus is, is een nieuw schepsel.
   Hoe dat is en wat dat is, staat niet aan ons menselijk oordeel uit te maken, want de kerk is des Heeren en Christus is de Weg en de Waarheid en het Leven.
      Als wij over kerk-zijn spreken, kan dat alleen betrekking hebben op de arbeid in Gods; akkerwerk, waartoe ieder op zijn plaats geroepen is, en welke vervulling vindt in gehoorzaamheid aan Zijn wil.
   In dit verband kan zeker van een verantwoordelijke taak gesproken worden, zo men wil van een kerkelijke en gemeenschappelijke taak.
Dat onderstelt echter een gemeenschappelijk geloof en een gemeenschappelijke belij­denis.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 februari 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

VERANTWOORDELIJKHEID

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 februari 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's