KERKELIJKE RECHTSPRAAK
In de Heilige Schrift komen meerdere plaatsen voor, die ons gebieden het recht te handhaven. In het bijzonder wordt deze eis gesteld ten opzichte van hen, die maatschappelijk gezien, zwak zijn en weinig invloed hebben. Zo wordt het volk Israël vermaand: Vervloekt is hij, die het recht van vreemdeling, wees en weduwe buigt. (Deut. 27). Zo zegt de profeet Jesaja: Wast u, reinigt u, doet uw boze daden uit Mijn ogen weg; houdt op kwaad te doen; leert goed te doen, tracht naar recht, houdt de geweldenaar in toom, doet recht aan de wees, verdedigt de rechtzaak der weduwe. (Jesaja 1).
Er zouden nog veel meer teksten te citeren zijn om duidelijk te maken, dat de Heilige Schrift het recht gehandhaafd wil zien. Dit heeft twee zijden: niemand mag eigen rechter zijn en de bevoegde rechter zal eerst na een grondig onderzoek het vonnis wijzen.
Deze gedachten zijn dan ook in de gehele beschaafde wereld, mede onder invloed van de Heilige Schrift, doorgedrongen, al wil ik niet uit het oog verliezen, dat ook de Romeinse rechtspraak op een zeer hoop peil stond. We zien dan ook in ons land, dat de rechtspraak nauwkeurig geregeld is. De beschuldigde wordt niet veroordeeld, zonder gehoord te zijn. De zaak is grondig en nauwkeurig onderzocht. De beschuldigde kan zich — ja, moet zich — doen bijstaan door een advocaat, die alles naar voren brengt, wat in het belang van de beschuldigde kan zijn, zodat de rechter een helder inzicht kan verkrijgen omtrent motieven en beweegredenen van de beschuldigde. Ook kan de advocaat waarschuwen tegen onjuiste toepassing der wet. Hij kan zo nodig zijn cliënt aanraden in ho ger beroep te gaan tot eventueel herstel van gemaakte fouten. Dit alles dient om de rechtspraak zo goed en zuiver mogelijk te doen plaats vinden. De overheid vervult op deze wijze haar goddelijke roeping zo goed mogelijk.
Ook op het terrein der kerk vindt een rechtspraak plaats. In onze kerkorde zijn daar voor verschillende regels gegeven. Deze kerkelijke beslissingen zullen een geestelijk karakter behoren te dragen overeenkomstig het karakter der kerk. Maar dit mag natuurlijk nimmer betekenen, dat de kerk in voorzichtigheid en wijs beleid achter zou mogen blijven bij de burgerlijke overheid. Waar de H. Schrift zo zeer de handhaving van het recht eist, mag toch zeker in de eerste plaats van de kerk, aan wie de verkondiging van de H. Schrift is toevertrouwd, verwacht worden dat zij overeenkomstig deze H. Schrift handelt en in de geest er van handelt, door zorg te dragen dat deze rechtspraak zo goed mogelijk geschiedt.
Ik heb echter tot mijn leerwezen menen op te merken, dat onze Hervormde Kerk gedurende de laatste tijd hierin tekort schiet. Laat ik als voorbeelden mogen nemen enige gevallen, die publiek in de kerkelijke pers vermeld zijn.
In De Waarheidsvroend van 17 Januari lees ik, dat in de Harderwijker kwestie de kerkeraad van mening is, dat de Provinciale Commissie zich niet voldoende van de situatie en het contract op de hoogte gesteld heeft
In het Gereformeerd Weekblad van 9 Februari lees ik, dat in de bekende kwestie IJzendoorn de Generale Commissie van bezwaren en geschillen heeft uitgesproken, dat cand. Schokking beroepen moest worden zonder de vier kerkeraadsleden, die hier bezwaar tegen hadden, te horen.
Ik lees daar ook, dat de Provinciale Commissie van opzicht deze vier kerkeraadsleden heeft geschorst, zonder deze broeders te horen.
In het Gereformeerd Weekblad van 8 Maart lees ik, dat in Boven-Hardinxveld de Provinciale Commissie voor bezwaren en geschillen zich niet houdt aan voorgeschreven termijnen en bepalingen, terwijl de kerkeraad zich daar wel aan houdt. De laatste wordt echter in strijd met de bepalingen der kerkorde in het ongelijk gesteld en zij, die ongelijk hebben, krijgen gelijk.
Ik moet tot mijn spijt constateren, dat de kerkelijke instanties hier nog veel kunnen leren van de burgerlijke rechtspraak. Deze voorbeelden tonen aan, dat er een schrille tegenstelling is tussen de burgerlijke rechtspraak en de kerkelijke, waarbij we moeten consta^ teren, dat in deze de kerkelijke rechtspraak ongunstig afsteekt bij de burgerlijke. En dat zou op zichzelf niet erg zijn, want het burgerlijk terrein is niet de maatstaf voor het kerkelijke zonder meer. Maar wie zal durven ontkennen, dat de burgerlijke overheid hier wandelt overeenkomstig de geest der Heilige Schrift, terwijl dit van de kerkelijke niet gezegd kan worden in deze voorbeelden, integendeel.
En dan is het een opvallend verschijnsel, dat we hier te doen hebben met Voorbeelden, waarbij de Geref. Bondsgroep in de kerk betrokken is. Het zou toch wel een zeer droeve zaak worden, dat wij bij alle verschillen en tegenstellingen, die we in de kerk al hebben, nog niet een zekere objectieve kerkelijke rechtspraak zouden kunnen opbrengen, die door iedereen gerespecteerd zou kunnen worden. We mogen dan van de reglementenkerk kunnen zeggen, wat we willen, er bestond althans een zekere objectieve rechtzekerheid, die door iedereen gerespecteerd kon worden.
Het is te hopen, dat de Generale Synode ten spoedigste maatregelen neemt, dat aan deze nonchalante handelingen in de kerkelijke rechtspraak ten spoedigste een einde worde gfemaakt. De onderscheiden modaliteiten hebben vele bezwaren tegen elkander en tegen de gang van zaken, maar als wij in één kerk zijn geplaatst, is toch wel het minste wat wij verlangen mogen, dat de rechtsprekende organen hun uiterste best doen inderdaad recht te spreken. Dit zal niet kunnen geschieden, indien zij daarbij niet alle' waarborgen in acht nemen, die daarvoor vereist zijn.
Tenslotte nog een opmerking. Er zijn vele eenvoudige kerkeraden, die maar moeilijk van de vele nieuwe bepalingen op de hoogte kunnen komen. De Synode moest voorschrijven, dat bij iedere beslissing, waarvan beroep mogelijk is, dit daarbij wordt vermeld met de termijn, waarbinnen in beroep kan worden gekomen en de instantie, bij wie in beroep kan worden gekomen. Om hieraan de nodige kracht bij te zetten, zou nog bepaald kunnen worden, dat iedere beslissing of aanschrijving, daarbij dit is nagelaten, zijn rechtsgeldigheid verliest
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 maart 1952
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 maart 1952
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's