DOOD EN LEVEN
En Hem gegeseld hebbende, zullen zij Hem doden ; en ten derden dage zal Hij weder 'lopstaan. I Lucas 18 vers 33.
Goede Vrijdag en de dag der opstanding zijn zeer dichtbij gekomen. Nog éénmaal zich voorbereiden op de lijdensprediking en in de stilte van deze Vrijdagavond in gedachten staan op Golgotha's kruisheuvel om te overdenken al wat daar vol smart zuchtend is uitgeroepen, dan volgt de overgang naar het vreugdevolle, verrassende bericht van de Paasmorgen : „De Heere is waarlijk opgestaan".
De Heiland heeft Zijn lijden, sterven en opstanding in Zijn prediking niet verborgen gehouden. Menigmaal heeft Hij naar de Schriften gewezen en gelegd: ,,Die zijn het, die van Mij getuigen". De profeten hebben op duidelijke wijze van Hem gesproken. Denk aan Jesaja : „Waarlijk, Hij heeft onze krankheden op Zich genomen en onze smarten heeft Hij gedragen ; doch wij achtten Hem, dat Hij geplaagd, van God geslagen en verdrukt was.
Maar Hij is om onze overtredingen verwond ; om onze ongerechtigheden is Hij verbrijzeld ; de straf, die ons de vrede aanbrengt, was op Hem en door Zijn striemen is ons genezing geworden".
Zo spreekt Jesaja over wat met de Messias zal gebeuren. Daar er zoveel leugenprofeten waren onder Israël, heeft Jeremia gezegd : ,,Als het woord van de profeet uitkomt, dan zal die profeet bekend Worden, dat de Heere hem in der waarheid gezonden heeft".
Dit moeten wij vooral bedenken, nu wij luisteren naar het Woord van de grote Profeet en Leraar, die ons de verborgen raad en wil Gods aangaande onze verlossing volkomen geopenbaard heeft.
De Heiland geeft het bewijs, groter te zijn dan alle profeten, die vóór Hem geweest zijn. Hij spreekt van Zijn lijden, sterven en opstanding. Het is een voorrecht voor allen, die na het Paasfeest der opstanding leven, dat zij de woorden van de Heiland duidelijk in vervuhing zien gaan. De Gekruisigde heeft Zich als Overwinnaar geopenbaard en Hij is verhoogd tot Heere van de wereld, zittende ter rechterhand Gods.
Door vele getuigenissen en tekenen heeft Hij Zijn overwinning op de dood duidelijk bekend gemaakt.
Zo leefde Jezus in de toekomst en zag Zijn naderend lijden en Zijn overwinning. Toch trachtte Hij niet de gedachte aan het lijden van Zich af te zetten en alleen de overwinning te zien. Integendeel ! Hij is steeds met het lijden bezig en het uitzicht op de overwinning sterkt Zijn kracht. Het ervaren van de gunst Zijns Vaders wekt in Zijn ziel blijdschap en vuurt Hem aan zich uit te strekken als de loper in de loopbaan naar het toekomende.
Reeds van het begin af aan heeft Hij het volk toegeroepen : ,, Zie, Ik kom ; in de rol des boeks is van Mij geschreven". Naar de mate dat Zijn leven het graf nadert wordt Zijn lijden zwaarder. De toorn Gods tegen de zonde zal Hem in het bijzonder in het kruislijden drukken als een benauwende last.
Toch blijft Hij, de Zone Gods, in de weg door God Hem profetisch gewezen. Daarom juist kan Hij onze Borg en Middelaar zijn. Het was Hem bekend, dat men Hem zou slaan, bespotten en bespuwen. Toch zal Hij volbrengen, wat Hij op Zich heeft genomen.
Nog eenmaal in deze lijdenstijd zullen op Vrijdagavond de overdenkingen gericht zijn op dit Lam Gods; dat de zonde draagt.
Hoe is het mogelijk, dat wij niet altijd — laten wij maar zeggen, dat wij zo zelden vol zijn van Hem, die ons uit zo grote nood en dood heeft verlost ? Hoevelen zijn er, die in de lijdensweken zich niet bekommeren om Jezus' lijden, maar daarnaast óok velen, die op de lijdensZondagen wél onder de prediking neerzitten, maar op de Goede Vrijdag het met de dagelijkse beslommeringen te druk hebben, zodat zij niet in gedachten naderen tot de voet van het kruis. Het blijkt juist op deze dag zo pijnlijk, dat zo velen onzer in naam belijders van Christus zijn.
Wij hebben het werkelijk niet nodig, de lijdenstijd tot vastentijd te maken, opdat wij door elke maaltijd zouden denken aan de lijdende Heiland, maar ons past dan wél het gebed : ,, Heere, behoedt ons voor verwereldlijking, opdat wij waarlijk door Uw Geest geleid worden tot Hem, die leed en voor onze zonden".
Anderzijds is er het grote gevaar, dat in de plaats van lijdensmeditatie zal komen lijdenssensatie, waardoor wel het gevoel een ogenblik wordt geroerd, maar spoedig wordt vergeten, waarom de Heiland het kruislijden heeft getorst.
Volg de Heiland op Zijn lijdensweg tot het laatste toe ; zie hoe Zijn profetie in vervulling gaat, opdat gij óók leert vertrouwen op Zijn belofte, die Hij aan Zijn gemeente heeft nagelaten. Met zekerheid en niet vaag, spreekt de Zoon des Mensen er van, dat Hij zal overgeleverd, gespuwd, geslagen en gekruisigd worden. Het lijkt er op, dat Hij in Zijn lijden aan gruwzame mensen, Romeinen en Joden, onderworpen is. Maar neen, zo is 't niet ! Hij is niet willoos en machteloos overgeleverd. Hij buigt zich onder het oordeel Gods. Hij wordt overgeleverd en blijft toch meester van het terrein.
Bij de gevangenneming in de hof vallen de soldaten, die Hem willen grijpen, achterover. De gevangene spreekt: ,, Indien gij dan Mij zoekt, zo laat dezen heengaan.
De Heiland openbaart zich als de Machtige in lijden en dcK)d. Hij stond als Overwinnaar op. Hij toont het, dat de dood Hem niet overweldigt. Vandaar de vreugde na het lijden voor Hem, die overwonnen heeft en voor allen, die in Hem geloven.
Nu jaagt de dood geen angst meer aan. Want alles, alles is voldaan; Die in 't geloof op Jezus ziet. Die vreest voor dood en helle niet!
In zulke woorden mag de blijdschap des geloofs zich op de Paasmorgen in het bijzonder uiten. Dóét zij dat ook ? Of zijn wij nog zo blind als de discipelen, die uit de Schriften onderwezen waren, die uit Jezus' mond zelf duidelijke profetiën hadden gehoord en toch maar niet konden verstaan, dat de Messias een bange lijdensweg moest gaan ?
Wij zouden bij onszelf denken, dat wij, die achter de feiten staan, toch wel een duidelijker inzicht en beter begrip moesten hebben van deze dingen. Juist hier komt het openbaar, dat wij van nature even blind zijn voor de genade Gods.
Wij weten eigenlijk niet, wat wij aan Jezus Christus hebben ! Hoe zal Hij ook voor ons de schuldovernemende Borg kuaneni zijn, als wij ons niet van zonde en schuld bewust zijn ?
Wanneer het dan tot ons doordringt door de krachtige werking van de Geest, dat die Heiland leed en streed voor mijn en uw zonden, dan niet verslagen van hart van verre blijven staan, maar tot Hem gaan met blijdschap en dankbaarheid ! Heeft deze Jezus verdiend, dat gij aarzelend van verre toeziet ? Deze Jezus, die vrijwillig de lijdensweg ten einde tos bewandelde ?
O ! 'Kom tot Hem, gij allen, die eenzaam en verlaten zijt zonder de Heiland ; gij, die verstoken zijt gebleven van het Evangelie der verlossing in Jezus Christus ; gij allen, die Hem zoekt, vindt uw Heiland aan het kruis ; ziet uw Heiland met de kroon der overwinning. En zegt tot Hem: , , Ik zal U loven in eeuwigheid!"
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 april 1952
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 april 1952
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's