De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

DE SYNODE SPRAK

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE SYNODE SPRAK

10 minuten leestijd

Hardegarijp und kein Ende

   Roma locuta, finis est.
   Indien de Paus ex cathedra een uitspraak heeft gedaan, dan heeft ieder goed Rooms-Kathohek dit maar te aanvaarden en is het einde der discussie bereikt.
   De Synode der Ned. Hervormde Kerk heeft het zijne gezegd omtrent de schoolkwestie te Hardegarijp en al wat daarmee samenhangt. We zijn daarmede niet aan het eind der discussie, integendeel ! Daar zijn we nu kinderen der Reformatie voor ! Dit klemt te meer, omdat de kerk der reformatie in onze landen gebonden was aan Schrift en belijdenis en niemand nog nauwkeurig kan navertellen in hoeverre de Synode gebonden is aan Schrift en belijdenis.
   Om onze overpeinzingen enigszins te ordenen, willen we eerst de lichtzijden dezer verklaring bezien en vervolgens de schaduwzijden. Het zal wel eens voorkomen, dat eenzelfde uitspraak op deze wijze tweemaal ter sprake komt, want het komt voor, dat er wat goeds en wat ongunstigs van te zeggen valt.
   De Ned. Hervormde Kerk draagt medeverantwoordelijkheid voor het onderwijs, dat aan de kinderen van ons volk wordt gegeven en ziet het als haar taak aan de kerstening van het onderwijs mede te werken.
   De geschiedenis leert, dat de Kerk der Reformatie zich in ons land onmiddellijk met de scholen heeft bemoeid. Zowel ouders als schoolmeesters worden in de Wezelse Artikelen van 1568 vermaand, de kinderen in huis en op school te onderwijzen in de Catechismus. De Dordtse Kerkorde bepaalt in artikel 54 : Insgelijks zullen ook de schoolmeesters gehouden zijn de Artikelen als boven (d.w.z. der Nederlandse Geloofsbelijdenis) of in de plaats van die, de Christelijke Catechismus te ondertekenen. Onze Hervormde Kerk blijft alzo in de historische lijn, wanneer zij de kerstening van het onderwijs voorstaat en bevordert.
   Verblijdend is de uitlating, dat zij niet kan berusten in de school, voorzover zij in betrekking tot het evangelie op zijn best een onvruchtbare neutraliteit betracht. De Synode is het dus niet onbekend, dat er op vele scholen ten opzichte van het evangelie op zijn best neutraliteit betracht wordt, m.a.w. het is haar niet onbekend, dat er ook wel eens een min of meer aan het evangelie vijandige mentaliteit heerst. In deze onvruchtbare neutraliteit mag niet berust worden. Het evangelie mag niet buiten de school gehouden worden.
   Uit de doopbelofte wordt geconcludeerd tot de verplichting tot een christelijke opvoeding thuis en óp school. Zij vermaant de ouders, die aan de bijzondere.christelijke school de voorkeur geven, er voor te waken dat het Evangelie van Jezus Christus heerschappij voert over daar gegeven vorming en de overhand houde over allerlei usanties en tradities. Indien bier uitsluitend bedoeld wordt weer te geven wat art. 7 Ned. Gel. Bel. zegt: Men mag ook niet de schriften van mensen, boe heilig zij geweest zijn, vergelijken bij de Goddelijke Schriften, noch de gewoonte bij de waarheid Gods, (want de waarheid is boven al), dan kunnen wij biermede instemmen.
   Met voldoening hebben wij kennis genomen van de uitlatingen der Synode omtrent het christelijk onderwijs. Zij erkent met grote dankbaarheid het zegenrijke werk, dat in het verleden werd en in het heden kan worden verricht door de oprichting van en de arbeid aan christelijke scholen.
   Wij kunnen instemmen met de dankbaarheid, dat aan 120.000 kinderen van openbare lagere scholen wekelijks godsdienstonderwijs wordt gegeven en ook wij willen waarderen, dat christelijke onderwijzers aan openbare scholen hieraan medewerken. Wij stemmen er mede in, dat dit onderwijs zoveel mogelijk uitgebreid worde, en dat zo mogelijk op alle openbare scholen dit godsdienstonderwijs gegeven worde.
   Het stemt tot dankbaarheid, dat de Generale Synode een voorbehoud maakt ten aanzien van de argumentatie, door de kerkeraad van Hardegarijp gegeven, en dat zij betreurt de ernstige misverstanden, welke daaruit zijn voortgevloeid. Er is niet gepubhceerd op welke argumenten hier gedoeld wordt, doch als ik het wèl heb, valt er ook onder het beroep; op de eenheid van de Avondmaalstafel, welke eenheid in H. al niet meer bestond. Ik acht dit belangrijk, omdat dit argument allerwegen aangevoerd zou kunnen worden tegenover de oprichting van vrijwel elke christelijke school.
   Waar ik nu de lichtzijden in hoofdzaak naar voren heb gebracht, wil ik overgaan tot het bezien van de schaduwzijden.
   Een der eerste schaduwzijden van de verklaring is wel de uitspraak : De Ned. Hervormde Kerk kan en mag in net huidige tijdsgewricht niet in het algemeen een voor allen geldende keuze doen tussen het bestaande openbare en bestaande christe­lijk onderwijs. Op grond van haar Belijdenis immers, o.a. ook in verband met de verhouding van Kerk en Overheid, kan en mag zij de vraag naar de kerstening van het onderwijs niet tot volledige oplossing zien komen, tenzij tevens een principiële herziening van de wettelijke kaders voor het onderwijs binnen 't gezichtsveld komt.
   De eerste zin zou vrij onschuldig uitgelegd kunnen worden door te zeggen, dat men geen algemene regel wil geven, omdat er ook wel eens enkele uitzonderingen zijn. Dit is echter klaarlijk niet de bedoeling, zoals ook later blijkt. De Synode wenst de kerstening van bet onderwijs door een herziening van de onderwijswetgeving, die breekt met de neutrale staat. Hoezeer wij daar in principe mee instemmen, moeten wij toch zeggen, dat er in politicis geen schijn van kans op een dergelijke herziening binnen afzienbare tijd is. Het is mij wèl, dat de Synode het ideaal hoog wil houden en zich niet bij de feitelijke situatie wil neerleggen, maar ik kan er niet mee accoord gaan, dat zij zolang deze feitelijke situatie bestaat, geen richtlijn wenst te geven hoe te handelen. Een belangrijk deel der Synode behoort tot degenen, die veel sympathie hebben voor een theologie, die voortdurend spreekt van „Hier en nu". De Synode behoorde dan ook in de concrete situatie het amendement van ds. Kievit uit Putten aanvaard te hebben, waarin vermeld stond (ik citeer uit mijn hoofd) dat in de concrete situatie de Ned. Hervormde Kerk een bijzondere betrekking heeft tot het christelijk onderwijs. Door dit amendement te ver­ werpen blijft er een kloof bestaan tussen de meerderheid der Synode en de voorstanders van het christelijk onderwijs. F. H. L. geeft mij de vrijheid de uitspraak der Synode onklaar en dubbelzinnig te noemen. (In de Herv. Kerk van 19 April). Ik heb geen behoefte aan deze vrijheid. Ik meen, dat de uitspraak voldoende duidelijk is. De Synode heeft baar waardering voor het christelijk onderwijs, maar ook voor het openbaar. Wat in een concrete situatie de aanhangers dezer mening bij een schoolstichting zullen doen is onzeker, soms zullen ze de stichting van een christelijke school bevorderen, misschien wel meermalen, maar ze zullen het ook wel eens niet kunnen doen. Een gewaarsohuwd man geldt voor twee, wie in een concrete situatie met deze mensen te werken heeft moet er dan maar rekening mee houden.
   Het is duidelijk, dat ik ook een schaduwzijde aoht de verklaring, dat de Kerk de verantwoordelijkheid van de ouders bij de schoolkeuze niet van hen kan en mag overnemen. Dit ligt in het verlengde van hetgeen hierboven besproken is. Het behoorde geen vraag te zijn welke school het meest aan de eis ener christelijke opvoeding beantwoordt : een christelijke met vele uren bijbelsohe geschiedenis, waarin de christelijke vormen in acht worden genomen, waarin christelijk personeel bij alle vakken van onderwijs zich voor het christendom niet schaamt; of wel een openbare, met op zijn best een enkel uur godsdienstonderwijs en een steriele neutraliteit bij alle andere vakken. De Synode wenst echter geen keuze te doen, en laat deze aan de ouders over.

   De ouders, die aan de bijzondere christelijke school de voorkeur geven dienen er voor te waken, dat het Evangelie de overhand houde over allerlei usanties en tradities. Ik ben over de bedoelingen van deze zinsnede niet helemaal gerust. Vooral niet, omdat prof. van Niftrik een en andermaal hierover geschreven heeft op een wijze, die mij wantrouwen heeft opgewekt.
   Het is ondoenlijk hierop thans breed in te gaan, maar ik citeer uit ,,Wending" van Sept. 1950 : „Het probleem van de Heilige Schrift is volop aan de orde, als men het heeft over de Christelijkheid van de Christelijke School. Is het wereldbeeld van de Heilige Schrift voor ons verbindend ? Zijn de historische opvattingen van de Bijbel voor ons verbindend ? Zowel de aard als ook de omvang van het Schriftgezag komen dan in discussie". „Moet de Christelijke school niet vooral dienen tot propaganda en handhaving van een bepaalde levensstijl, een bepaald levensbesef, een geheel van overtuigingen en inzichten, dat wel met tal van bijbelse gegevens gelardeerd is, maar dat als geheel toch heel moeilijk met de eis en de wil van God gedekt kan worden ? Dit blijkt bijv. duidelijk uit de geschiedenisopvatting van de Christelijke school. Dit blijkt nog duidelijker uit de wijze, waarop men in de Christelijke kringen optreedt tegen degenen, die politiek de Christelijke partij hebben verlaten en lid zijn geworden van de P. v. d. A.".
  
   Wanneer deze opvattingen de achtergrond zouden zijn van deze uitspraak der Synode, dan heb ik daar ernstige bezwaren tegen, al zou ik ze formeel ook kunnen onderschrijven. Men behoeft dan heus geen Kuyperiaan te zijn om alarm te blazen, al wil men iedereen, die alarm blaast, maar al te gaarne als Kuyperiaan doodverven om hem in Hervormde kring onschadelijk te maken.
   Het zal duidelijk zijn, dat ik ook ernstig bezwaar heb tegen de conclusie om niet mede te werken aan de oprichting van een christelijk-nationale school te Hardegarijp.
   Uit een reportage in „De Spiegel" is wel gebleken, dat men van Gereformeerde zijde genoegen zou hebben genomen met een school van C.V.O., indien deze er geweest was. Nu dit niet het geval was sloot men zich aaneen om een chr. nat. school te verkrijgen. Ik kan het zeer wel verstaan, dat men in dit Friese dorp een eigen chr. school verlangde en zich liever niet genoodzaakt zag om zijn kinderen naar scholen te zenden, op 2 of 3 km. afstand. Wie enigszins het verschil bij ervaring kent, zoals schrijver dezes, zal dit begrijpen en billijken, al moet dan misschien een andere school een onderwijzer missen. Het was m.i. helemaal niet nodig geweest om hierover zoveel drukte te maken en de Synode heeft m.i. zeker niet verstandig gehandeld door in deze zuiver practische kwestie een uitspraak te doen.
   De Synode betreurt de ernstige misver­standen, die gerezen zijn, ik kan echter niet nalaten op te merken, dat de Raad voor Kerk en School hieraan mede schuldig is. Dit is nog verergerd door de toelichting die prof. van Niftrik weliswaar persoonlijk gegeven heeft, maar waarop ik thans niet wil ingaan.

   Als eindconclusie zou ik willen zeggen, dat de verklaring verschillende lichtzijden moge hebben, de schaduwzijden overheersen deze echter zodanig, dat al moge een en ander verhelderd en verduidelijkt zijn, de kloof tussen de aanhangers van 't meerderheidsstandpunt en die van ihet minderheidsstandpunt onoverbrugbaar is gebleven. Ik vrees, dat dit zijn consequenties in de schoolwereld met zich mee zal moeten brengen. Men kan dit willen of niet willen, men kan dit betreuren of niet betreuren, maar hierin ben ik 'ditmaal met prof. van Niftrik eens : „Dit, dat het feit. dat men bepaalde gevolgen van zijn standpunt niet wil, nog niet bewijst, dat die gevolgen niet inderdaad de logische en onvermijdelijke consequenties van het aangehangen standpunt zijn".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 april 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

DE SYNODE SPRAK

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 april 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's