De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

ONDERWIJS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ONDERWIJS

5 minuten leestijd

De schoolkwestie

Afgewezen beroep.

De Raad der Friese gemeente Tietjerksteradeel had overeenkomstig art. 72 der L.O. wet 1920 besloten om medewerking te verlenen aan de stichting van een Bijz, Lagere School te Hardegarijp. Zo men weet, betreft het hier de oprichting van een Christelijk Nationale School.
   Tegen dit besluit van de gemeenteraad waren 17 ingezetenen van deze gemeente in beroep gegaan bij Gedeputeerde Staten van Friesland.
   Juist lees ik vanavond in „De Rotterdammer", dat Gedeputeerde Staten dit beroep ongegrond hebben verklaard en dus de medewerking tot stichting alsnog kan doorgaan. Er is nog één mogelijkheid dat er beroep wordt ingesteld bij de Kroon en dan moet ook deze beslissing nog worden afgewacht. Er mag echter wel worden aangenomen, dat de aanvrage van het bestuur der Vereniging voor Chr. Nat. Schoolonderwijs nu zó zal zijn ingericht, dat er ook formeel wettelijk geen redenen zullen zijn om een eventueel hoger beroep gegrond te verklaren. Ik .geloof, dat we kunnen aannemen, dat Hardegarijp z'n Chr. Nat. School krijgt.
   Bij aanvragen om schoolstichting aan de gemeenteraad gaat het tenslotte alléén om de wettelijke voorschriften. Hebben de aanvragers overeenkomstig daarmee gehandeld, dan is 't wel mogelijk dat om een of ander formeel foutje de beshssing wat vertraagd wordt, of zelfs kan men de risico lopen dat er in hoger beroep een afwijzing volgt, maar als uiteindelijk de aanvrage geheel volgens de wet is, dan wordt de aanvrage ingewilligd.
   Het is daarmede ook duidelijk, dat heel de beweging, die over deze zaak in den lande is ontstaan, op de einduitslag geen invloed uitoefent. Ook adviezen van de kerkeraad of andere kerkelijke of niet-kerkelijke instanties leggen hierbij géén gewicht in de schaal.

De Synodale verklaring.

In , ,De Waarheidsvriend" van 14 dagen geleden gaf ik weer de hoofdinhoud van de , , Verklaring", die de Synode in haar vergadering van 3 April heeft aangenomen. Over deze verklaring is al weer heel wat te .doen geweest. In het nummer van 24 April zijn aan deze kwestie in dit blad niet minder dan vier artikelen gewijd. We zullen er - daarom nu niet verder op ingaan en u alleen het volgende nog doorgeven. ' ]

Het Moderamen der Generale Synode belegt namelijk op 25 April een conferentie, een bespreking over de vragen, betrekking hebbende op dfe verhouding van Kerk en School. Deze samenkomst hgt dus nog, terwijl ik dit schrijjf^in 't verschiet, maar wanneer dit numnuer van" ons blad verschijnt, zal ze reedsl gehouden zijn en zullen we er meer vai^ kunnen weten.

Uitgangspunt van de bespreking zal zijn de bovengenoemde' „Verklaring". Uitgenodigd zijn :

Ie. een aantal leden van de Raad voor de zaken van Kerk en School;

2e. een aantal Hervormden, die betrokken zijn bij het Bijzonder Chr. Onderwijs, zoals dit door verschillende verenigingen wordt behartigd;

3e. enkele personen, die door perspubhcaties en anderszins in de discussie over de schoolzaken gedurende de laatste maanden naar voren zijn gekomen.

Ongetwijfeld is het houden van deze samenspreking een gevolg van art. 5 der conclusie over Hardegarijp, dat met algemene stemmen door de Synode werd aangenomen en aldus luidt: De Generale Synode spreekt de wenselijkheid uit van een conferentie van de leden van de Hervormde Kerk in verschillende instanties, die bemoeienis hebben met de schoolzaken.

Men zal moeten erkennen, dat het Moderamen van de Synode met bekwame spoed in deze zaak heeft gehandeld.

En toch hoor ik stemmen, die zeggen, dat zulk een conferentie had moeten gehouden worden vóór de Generale Synode tot haar beshssing in de schoolkwestie kwam, dat 't wel goed zou geweest zijn, als eerst eens nauwkeurig nota was genomen, in een sfeer van kalme bespreking, over wat er omtrent de verschillende schoolverhoudingen leeft onder oris Christenvolk en dan speciaal in de Hervormde Kerk.

Anderen vinden het tijdstip voor een dergelijke conferentie nu nog te vroeg en zouden liever wachten tot een rustiger bezinning mogelijk zou zijn. Zij vinden allei nog te vers.

Mij dunkt, dat alles er van afhangt, wat de bedoeling van deze bespreking eigenlijk is. Wat stelt de Synode er zich van voor? 't Kan zijn, dat hierbij ook de meningen uiteenlopen, en wel in twee richtingen.

We moeten aannemen, dat de voorstemmers ter Synodevergadering gaarne willen zien, dat er algemeen in Hervormde kringen begrip, beter begrip zal komen ten opzichte van de schoolkwestie, en wel in de richting, zoals de „Verklaring" die aangeeft. Dan zou de conferentie als een nadere, verklaring van de „Verklaring" kunnen dienen en opheldering kunnen geven over verschillende kwesties, die er nog altijd zijn gebleven, en als velen nog , , in de mist" rondtasten, zou misschien een poging gedaan kunnen worden, om de mist te laten optrekken.

Anderzijds zijn er ook, die op 't ogenblik wel de massa van de voorstanders der Chr. School aan hun kant hebben. Deze zouden ongetwijfeld niets hever zien dan dat de Conferentie een zodanig verloop had, dat alsnog zou blijken dat een ondubbelzinnige uitspraak van voorkeur voor de School met de Bijbel een betere oplossing van de kwestie ware geweest.

Ook zal men er niet aan ontkomen, om na te gaan of art. 5 der Kerkorde inderdaad nu het doen van een keuze verhindert of bemoeilijkt. Is dit inderdaad het geval, dan blijft nog altijd de mogelijkheid open van herziening

Laten we echter niet verder op de weg der onderstellingen doorgaan. „De tijd zal 't leren".

IA vérband met de bestaande kwesties lijkt het me dringend nodig dat in ons blad de theologische voorlichting niet ontbreke. En ik ben er dankbaar voor dat de Hoofdredacteur reeds een begin heeft gemaakt, en wel met z'n artikel in het nummer van 24 April over : , , De Hervormde Kerk verantwoordelijk !? "

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

ONDERWIJS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's