Een domine vertelt
Niets zonder gebed
XXII
Nu ga ik u iets vertellen, wat gij allen evengoed weet, namelijk, dat wij geen ding, ook in ons ambtelijk leven, zonder gebed moeten verrichten. Het woord van Paulus komt hier tot zijn recht: ''Bidt zonder ophouden !"
Het is een goedkoop kunstje, om het zout ook hier smakeloos te maken. Hoe menigmalen is dit tekstwoord al geprofaneerd. Onverschillig en koud heeft men wel gevraagd : ,,hoe kan dat nu? " Kan een mens dan de gehele dag door bidden ? Wanneer hij aan één stuk door bidden moest, zou er van zijn dagelijks werk niets terecht komen.
Waar zien dezulken Paulus voor aan? Heeft hij gewerkt of niet ? Ik zie hem al de gehele dag met een gebedenboek over de weg lopen.
Neen, hij bedoelt niets anders, dan dat al ons werk biddend behoort te geschieden. Niet alleen de gewichtige werkzaamheden, maar ook de heel gewone de dagelijks wederkerende. Niet alleen aan de voet van de kansel, maar ook op weg naar een zieke moet er gebeden wórden ; d.w.z. al deze werkzaamheden behoren gedragen te worden door en uit te gaan van het gebed.
Ik zeide, dat wij dit alles goed weten. Jammer maar, dat het telkens weer vergeten wordt.
Wij zijn somtijds als paarden, die gaarne wat al te los aan de teugel lopen. Het is zo goed voor ons, wanneer de Heere ze in liefde weer eens wat aanhaalt.
Ik denk hier aan een kleine gebeurtenis in mijn ambtelijk leven.
Eens had iemand mij valselijk beschuldigd. Een predikant van grote naam preekte op een; Woensdagavond in mijn nieuwe Gemeente, waar ik pas een paar dagen geleden gearriveerd was. Ik had nog geen intree gedaan.
Zelf was ik die avond verhinderd, om in de kerk aanwezig te zijn, daar ik als consulent ener naburige Gemeente beloofd had, tegenwoordig te zijn bij het bezoek van een beroepen predikant.
Dit was nu in mijn nieuwe Gemeente verkeerd uitgelegd. Iemand had gezegd, dat ik met opzet en uit vijandschap weggebleven was en maar een reden had verzonnen.
Ware het nu een gewoon gemeentelid geweest, die het had verteld, ik zou de zaak zo gelaten hebben. Nu het evenwel een Kerkeraadslid was, stond de zaak anders en besloot ik, onmiddellijk er op af te gaan, om ze recht te zetten.
Enigszins vertoornd en driftig ging ik op stap.
In het huis aangekomen, vroeg ik naar de man en vader, die aanstonds geroepen werd.
Toen hij mij zag, bemerkte ik duidelijk dat hij lont rook. Ik viel dan ook met de deur in huis en zei, dat ik gekomen was, om recht te zetten, wat hij verteld had aangaande mijn wegblijven uit de godsdienstoefening op Woensdagavond.
,, Heel goed, dominee, maar dan geen leugentjes", antwoordde hij onmiddellijk. Ik moet eerlijk bekennen, dat ik een ogenblik totaal overrompeld was. Wat ik verwacht had, maar niet dat.
Juist had ik onderweg er over nagedacht, om de man zelf op zijn leugens en verdachtmakingen te wijzen, en nu keert hij het precies andersom : nu was ik de leugenaar, en hij de waarheidspreker.
Daar had ik niet in het minst op gerekend en er vielen harde woorden. Tegenover laster en verdachtmaking baat het toch niet, of men de dagen al uiteenzet, zoals zij geschied zijn; de lasteraar wil toch gelijk hebben.
Gelukkig was de vrouw des huizes er ook nog bij tegenwoordig. Zij leed onder dat twistgesprek en was althans het middel, dat het niet tot erger kwam.
Gekalmeerd heb ik 't huis verlaten, al was ik geen duimbreed opgeschoten. De leugen laat zich niet gemakkelijk ontmaskeren.
Gij denkt misschien : Waartoe dit lange, vrij onbeduidende verhaal?
Voor mij was deze gebeurtenis toch zo onbeduidend niet. Ik heb ze u dan ook verteld om deze reden :
Bij het naar huis gaan dacht ik, hoe het toch kwam, dat dit onderhoud feitelijk op niets was uitgelopen? En ineens viel het antwoord zwaar als lood in mijn ziel: „het was, omdat gij zonder gebed er heen zijt gegaan !"
Dat voorval is mij tot grote lering geweest. Af en toe opent de Heere onze ogen er wel eens voor, dat we zonder gebed vooral niets ondernemen moeten. Wij vergeten het altijd weer en als het ons in gedachten komt, dan willen wij er niet aan. Daar zijn dingen, waarbij wij God eigenlijk niet nodig hebben. Die zaken knappen wij liever zelf op. Wij hebben dan, o zo parmantig, onze eigen maatregelen genomen en denken : dat kan niet mislopen.
Maar o wee ! daar overvalt ons plotseling iets onverwachts en al onze plannen zijn in de war gestuurd en onze berekeningen falen.
Welnu : de onverwachte dingen zullen ons niet overrompelen, wanneer wij alles aan de Heere opgedragen hebben en de uitkomst van ons werk in Zijn handen leggen. Dan ligt daar tevens in opgesloten, dat het ons er niet meer om te doen is, ons eigen eer tot elke prijs te verdedigen en zo angstvallig vast te houden. Immers, dat komt alles wel terecht.
Datzelfde geldt ook van al onze werkzaamheden ; ook van die dingen, die elke dag weer terugkeren en waarin altijd weer de sleur dreigt binnen te dringen.
Bidt vóór uw catechiseren ! Bidt vóór uw geregelde preekarbeid !
Laat ieder bidden voor het werk, dat hij dagelijks onderneemt!
Hoe komt het, wanneer ons werk niet gelukken wil? Wij hadden ons verstand aan het werk gezet. Wij dwongen ons, een preek op het papier te krijgen of in schets weer te geven, maar wat er opkwam, voldeed ons niet.
Bidt toch uw lusteloze stemmingen weg! Ga u zelf nu niet wat wijs maken met uw gereformeerde dooddoeners : „de Heere moet het doen!"
Wees eerlijk voor God en ook voor u zelf: meendet gij dat nu ook, wat gij daar dacht? Wij mogen aan onze stemmingen niet toegeven.
Hoezeer verandert toch de aard van al ons werk tot in de kleinste kleinigheid toe, wanneer het gebed er aan voorafgaat. Wanneer het door het gebed wordt beheerst.
En God de Heere, Die Zich in kleine dingen menigmaal zo groot betoont, geeft ook hierin zulke wondere uitkomsten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 juni 1952
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 juni 1952
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's