De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Gesprek met de lezer

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gesprek met de lezer

5 minuten leestijd

II

En dan wil ik dit keer slechts één ding opmerken. Als er nu eens geen besluit was, doch God verkoos nu er heden, die Hij wilde, om redenen buiten de mens, wat voor verschil maakt dit eigenlijk? Dan ontfermt zich God nog dien Hij wil. En heeft ons aanbod van genade nog deze grens. De grens ligt óf bij de mens óf bij God. Wil prof. Van Niftrik leren, dat de mens in dezen beslist? Vindt u niet, lezer, dat deze vragen de moeite waard zijn om dieper op in te gaan? Men spreekt gaarne van filosofie, waardoor de Dordtse Leerregels beheerst zouden worden. Wordt men zelf niet teveel door het moderne levensgevoel beheerst, waarin de mens zichzelf God heeft gemaakt?

En nu vind ik mij ineens verplaatst meer dan 20 jaar terug. Een dominee uit de confessionele modaliteit stelde toen reeds de vraag: „Heeft de Dordtse Synode een nadere hervorming van node? " Hij beriep zich in dit artikel op Kohlbrugge, die in 1835 schreef over de Synode van Dordt: ,,Waarom heeft men zich laten verschalken en afbrengen van de justitia Christi tot de praedestinatie, waardoor de Synode van 1618 zulk een ongelukkige houding heeft verkregen, moetende de Remonstranten uitwerpen, waar zij met de prediking der justitia Deï et Christi de Remonstranten op de loop gejaagd zou hebben, en veler monden voor het toekomende gestopt waren geweest". Dit is weer een nieuwe aanval, ziet u wel? Had ik gelijk, toen 'k rapporteerde, dat er veel strijd was te zien? En hier hangt een boeiende vraag mee samen. Heï is de vraag, wat er in het middelpunt moet staan: de wedergeboorte of de rechtvaardigmaking, en ook nog een andere vraag, die de volgorde betreft : Wordt de mens door het geloof wedergeboren, gelijk artikel 24 van onze Geloofsbelijdenis zegt, of kan alleen de wedergeborene geloven, gelijk men uit de Dordtse Leerregels wil opmaken? Ik heb wel eens gelezen, dat dr. A. Kuyper de wedergeboorte doet geschieden zonder het Woord. Er is in de wedergeboorte geen middellijke werking, van welke aard ook. Als God een zondaar ten leven wederbaart, doet Hij dit rechtstreeks en onmiddellijk zonder enig tussentredend instrument. Dus spreekt het vanzelf, dat niet de roeping aan de wedergeboorte, maar de wedergeboorte aan de roeping voorafgaat. Bavinck daarentegen ziet dit weer anders. Hij handhaaft de wedergeboorte in een bepaalde zin als een middellijke daad Gods, in zoverre de wedergeboorte geschiedt in verband met het Woord Gods en beide niet gescheiden mogen worden. Dus laat Bavinck de roeping door het Woord aan de wedergeboorte voorafgaan. Hij sluit zich hierin aan bij al de gereformeerden van vroeger dagen en verwijst voor zijn standpunt ook naar hetgeen de Dordtse Leerregels zeggen omtrent het gebruik des evangelies, hetwelk de hoogstwijze God tot een zaad der wedergeboorte en voedsel der ziel verordend heeft.

U ziet, dat ook dit boeiende vraagstuk met onze Canones te maken heeft, n.l. met Hoofdstuk III en IV.

En nu heb ik nog even tijd om naar Hoofdstuk V door te wandelen. Kijk, daar is een kleine mol aan de gang. Hij ondergraaft de vesting. Ik neem u n.l. even mee naar een catechisatie. Het spreekt toch vanzelf, zegt de leermeester, dat zo'n artikel als dat van de volharding der heiligen, als ge dat opvat als een systeem, de zorgeloosheid in de hand werkt. Maar de Schrift waarschuwt er juist zo voor, dat men kan afvallen. Hymenaeus is pok afgevallen en Demas heeft de tegenwoordige wereld liefgekregen. Hoor hoe hoofdstuk 6 van de brief aan de Hebreen vermaant, dat men oppasse, ook al is men verlicht geweest en heeft de hemelse gaven gesmaakt. Wie zal zeggen dat die beschuldiging van zorgeloosheid te verwekken, niet een zaak van belang is? Maar nu zijn we het oude kasteel rond. Dat was niet zo moeilijk. De verdediging zal moeilijker zijn. Daarom moet ge mij maar verontschuldigen als ik nu voor een poosje verdwijn om de invasie voor te bereiden.

Ik wil alleen nog op éen ding opmerkzaam maken om de actualiteit van deze dingen aan te tonen. U herinnert zich misschien mijn bespreking van het voorgestelde formulier ,,voor de openbare belijdenis des geloofs". Daarin luidt de tweede belijdenisvraag : Aanvaardt gij de roeping om, als lidmaat van de gemeente, die God zich in Christus ten eeuwigen leven verkoren heeft Daar hebt gij de eis, dat die jonge lidmaten belijden : ik ben een uitverkorene. Maar dat kan gemakkelijk bij de nieuwe opvattingen, want volgens deze zijn we allemaal uitverkoren. Men weet alleen niet, of men uitverkoren is tot het eeuwige leven.

Daar was een poosje geleden een lidmate bevestigd, die na de dienst pas goed ging begrijpen, wat ze eigenlijk had gezegd, toen ze antwoordde op de nieuwe vragen en die uitlegde volgens de gewone opvatting. Ze heeft toen de dominee onmiddellijk haar ontslag als lidmate aangeboden. Wees dus voorzichtig in deze dingen en spreekt van tevoren goed af.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 augustus 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Gesprek met de lezer

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 augustus 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's