Onderwijs
Als dit nummer van de Waarheidsvriend verschijnt, zijn de vacanties op de Scholen al weer voorbij. En ik hoor in gedachten menige huismoeder zeggen : ,,Gelukkig wel." Ik kan dat verstaan. Voor de Lagere Scholen en Nijverheidsscholen duurt de zomervacantie ongeveer een maand, voor U.L.O. 1 1/2 maand en bij het M.O. en V.H.O. staan de lessen wel bijna 2 maanden stil. En ik kan me goed voorstellen, dat het vooral voor moeders van grote gezinnen een hele opluchting is, als de school haar deuren weer openzet en de scharen van kinderen weer regelmatig binnen haar muren opneemt. Wel wordt er hier en daar nogal wat gedaan, om de jeugd een geschikte vacantie-besteding te bezorgen. Vooral geldt dit met betrekking tot de stadskinderen." Maar toch lijkt het me niet overdreven om te beweren, dat een zeer groot percentage de vacantie moet doorbrengen in de stad zelf, d.w.z. op straat en bij ongunstige weersgesteldheid in huis, wat voor de moeders heel wat aparte moeilijkheden met zich meebrengt en haar verlangen naar het einde van de vacantie op z'n zachtst uitgedrukt zeer verklaarbaar maakt. Vroeger duurde de vacantie veel en veel korter. Twee weken zomervacantie en langer niet! Dit weten de ouderen onder ons zich nog wel te herinneren. En niettemin geloof ik, dat zowel de jeugd als de leerkrachten deze vrije tijd hard en hard nodig hebben. Onze gecompliceerde tijdsomstandigheden en de geaardheid van de oorlogse en na-oorlogse jeugd spreken hier een ernstig woordje mee. Daarom is in 't bijzonder ook voor het personeel onzer scholen de vacantie heus niet te lang: Het komt nogal eens voor — ik merk het hier in m'n omgeving, dat leerkrachten enige tijd extra-rust moeten houden wegens overspanning, of dat vervroegd pensioen moet worden aangevraagd door nervese storingen. Vorig jaar waren hier in de straat naar ik meen, vier Hoofden van scholen die met ziekte-verlof liepen te wandelen. Op 't ogenblik zijn ze alle vier afgekeurd en met invaliditeitspensioen gegaan, terwijl ook verschillende onderwijzers dezelfde weg gingen.
Gelukkig heerst op de scholen in de regel nog behoorlijke orde, maar wat kost het aan energie om 't zover te brengen en zo te houden, en bovendien dan nog de klas op peil te brengen en op peil te houden. We willen immers hebben, dat de kinderen wat leren, dat ze net werk leveren, kortom, dat het onderwijs in de klas en de ontwikkeling van de klas de toets kan doorstaan.
Nu is 't niet mijn bedoeling, om een zwaarwichtig pleidooi te houden over het nut en de noodzaak van vacanties. Wat ik er hier over beweer is alleen ervaring uit de practijk. Vele moeders, vooral van niet te kleine gezinnen hebben me volmondig toegegeven, dat 't zo is, ziende op de moeilijkheden in haar eigen gezin. Vraag het verder maar eens aan b.v. de leiders van speeltuinen, van wie er één me laatst een boekje opendeed over zijn ervaringen met de jeugd van vandaag èn met de ouders. Laat ook de leiders van Zondags scholen en Knapenverenigingen maar eens spreken. Ik heb telkens weer een zekere bewondering en eerbied voor deze mensen, die geheel vrijwillg en belangeloos hun tijd en kracht geven aan dit werk, om Christus' wil en voor de moeilijkheden niet uit de weg gaan. Want die moeilijkheden, ze zijn er genoeg.
Ook op de dorpen, ook op het platteland. Het kwam me nog dezer dagen ter ore, toen ik de stad uit was, dat op een knapenvereniging de jongelui, die regelmatig in de consistoriekamer der kerk vergaderden hun leider eenvoudig een keer onder de tafel werkten en hem daar zó lang hielden, tot de vergadertijd voorbij was. En nu wil ik niet generaliseren, natuurlijk niet, ik wil zelfs aannemen dat dit tot de uitzonderlijke zeldzaamheden behoort, maar dat het voorgekomen is, zegt al genoeg.
Heus, ook voor de leerkrachten is de vacantie dringend nodig, wat trouwens ook wordt erkend door de autoriteiten. In elk beroep of bedrijf is het nodig, dat men er eens even uit is, dat 't gestoorde evenwicht weer wordt hersteld, opdat men straks met frisse krachten opnieuw kan beginnen. Maar vooral geldt dit m.i. waar men werken moet met „levend materiaal". Welnu, onze leerlingen hebben hun tijd van rust weer gehad, de meesters en juffrouwen hebben eens fijn kunnen ,,uitblazen". Sommigen zijn grotendeels thuis of dicht bij huis gebleven, 't zij, dat hun portemonnaie niet al te veel uitgaan veroorloofde of dat ze nu eenmaal de rust thuis prefereerden, anderen zijn het land ingegaan, aan zee of in de bossen of elders, ver van de school en ver van het werk. Ze zijn eens met andere mensen in aanraking gekomen, en met andere toestanden en verhoudingen, en als 't wel is heeft het niet alleen hun krachten hersteld, maar ook hun blik verruimd : 't is wel eens heel goed, om uit je kringetje „uit" te komen. Nog weer anderen en dat zijn er werkelijk niet weinigen zijn de grenzen overgetrokken en hebben hun vacantie geheel of gedeeltelijk doorgebracht in de bergstreken van Zuid-Duitsland, Zwitserland, Oostenrijk, Frankrijk. Dat is mooi, als je dat doen kunt. Dan is de horizon werkelijk heel wat ruimer geworden en het schoolonderwijs kan er nog van profiteren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 1952
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 1952
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's