De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Hofnar van Gelre

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Hofnar van Gelre

Een verhaal uit het begin der 16e eeuw

3 minuten leestijd

Dat laatste deed ik niet, om de nagedachtenis van m'n man. Misschien had ik 'm nog wel aan je man gegeven, als neef Occo mij indertijd niet had laten beboeten, voor dat geneesmiddel, je weet wel.

'k Was toen erg boos op hem ! 'k Zei bij mij zelf : Fij, neef Occo, mij zó te behandelen ! Nu krijg je de papieren zeker niet.

En pater Boudewijn porde mij nog meer aan ; zei, dat ik volkomen gelijk had, en dwong mij, alles wat ik door Cornelis van jullie kon te weten komen, aan hem te vertellen. 

Lacy ! Ik deed het; en als voor een paar dagen niet mijn stiefzoon Ogeüs — hij is de nar van hertog Karel — als Ogeüs, zeg ik, mij niet gedwongen had, om je zoon en neef Resius niet te verraden, dan waren beiden zeker al naar Arnhem opgestuurd

Och, arme, ik ben zo'n catijf, zo slecht zo ongelukkig? " eindigt ze zuchtend en afgemat van inspanning. En snikkend legt ze zich neer en verbergt, als schaamt zé zich voor Anna haar gezicht te vertonen, het hoofd in het kussen.

Anna heeft Marijke's bekentenis met toenemende spanning aangehoord. Dubbel medelijden gevoelt ze thans voor de arme vrouw. Echter, vóór allerlei gedachten, die haar hoofd vervullen, dringt zich een brandende vraag bij haar op, n.l. : waar zullen heden die papieren van neef Occo wel zijn ?

,,En waar zijn die stukken nu? " ,, 0 ja", antwoordt Marijke, nog steeds snikkende ; ,, 't is waar ook, dat zou 'k nog vergeten. Waar is het kleine doosje ? Was dat niet hier ? "

Anna neemt het van de tafel en biedt het Marijke aan.

't Blijkt ongesloten.

Marijke opent het en haalt, na enig zoeken tussen een mengelmoes van vergeelde papieren, de twee bewuste stukken voor de dag.

Anna voelt haar handen trillen, als zij ze van Marijke aanneemt. Ze kan zich van aandoening bijna niet beheersen, nu ze deze oude, doch kostbare, bewijsstukken van de onschuld haars mans in bezit heeft. Ze verslindt als 't ware de woorden, die Onno's bekentenis inhouden. Deze luidt:

,, In de naam des Vaders, des Zoons en des Geestes. Amen.

Ik, Onno Sijtseszoon van Emden, churgen 1) tot Amstelredam, verklaar bij alle Heiligen mijn cousin Occo Siebeszoon van Emden, meester droogscheerder, voorheen te Emden, valselijk beschuldigd te hebben van te heulen met de vijanden zijns heren, grave Edzard zaliger van Oost-Friesland ; op welke beschuldiging vóorzeide neve en diens vader zijn veroordeeld tot verbeurte hunner vaste have en tot levenslange verbanning.

den 1 van Spedmaand 2) CIDIDXVIII

, .Eindelijk ! Eindelijk !" komt het diep uit Anna's borst. „Wat zal dat voor Occo zijn ! O, was hij nou maar vrij !"

Dan zich tot Marijke kerende zegt ze ongeveinsd-hartelijk :

,, 0, Marijke ! Alles wordt weer goed gemaakt !"


1)Chirurgijn.

2)September.

 

(Wordt vervolgu)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 november 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

De Hofnar van Gelre

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 november 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's