De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Hofnar van Gelre

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Hofnar van Gelre

Een verhaal uit het begin der 16e eeuw

3 minuten leestijd

Hoor, wat is dat ? ! Zijn ze daar reeds, de plunderaars ? Hoor, de klopper valt neer en men ringelt aan de kruk der buitendeur.

Neen, ze zal maar niet opendoen. Hoe gelukkig, dat ze zoeven de deur goed heeft gegrendeld ! Als de soldaten bemerken, dat ze niet zo gemakkelijk kunnen binnenkomen, zullen ze mogelijk wel van gewelddadigheden afzien en voorbijgaan.

Maar neen, men houdt aan.

„O ! als dat maar geen Oostenrijkers zijn !" krijt Stijntje angstig, „Vader zei: we moesten de deur maar op 't nachtslot houden."

Anna maakt evenwel bij zichzelve de opmerking, dat plunderende soldaten wel ruwer te werk zouden gaan.

„Wacht, kind, 'k zal 's effen gaan kijken : 't kon wel 's wat anders wezen."

Ze voegt de daad bij het woord. Doch, nauwelijks heeft ze een voet in de winkel gezet en gezien, wie zich voor de straatdeur bevindt, of ze slaakt een kreet van blijde ontroering. Met zenuwachtige haast schuift ze de grendel weg en — onder de juichtoon: ,,Moeder, daar ben ik weer !" stormt Siebe naar binnen.

,,Siebe, m'n jongen, ben jij daar !" roept Anna uit, terwijl ze haar zoon in de armen drukt, „o !"

,,Moeder, ik breng goed nieuws !" zegt Siebe na de eerste begroeting. „Kijk 's, wie daar komen !"

Anna ziet naar buiten en •— bijna te sterk is thans haar blijdschap : niemand minder dan haar dierbare man verschijnt in de deuropening, enkel gevolgd door neef Resius.

„Occo, jij óók ? !" juicht ze, terwijl ze op de meester toevliegt. „Ben je vrij, Occo ? voor goed vrij? "

„Gelukkig ja, Anna", antwoordt meester Occo niet minder ontroerd, terwijl hij zijn vrouw hartelijk begroet. „Dat heb ik aan onze neef en Siebe te danken."

,,Welkom, neef: 'k zou je in m'n geluk nog vergeten. Welkom hier. — Maar kom, laten we naar binnengaan ; dan kunnen jeluil me alles vertellen. Kom, ook ik heb veel nieuws, en goed ook."

Hoe allen zich gelukkig gevoelen !

Vooral is het Siebe aan te zien, hoezeer hij zich verblijdt in 't geluk zijner ouders. En dat geluk danken zij nu mede aan hem, die zich vroeger'zo onverschillig voor hen betoond heeft. Want ja, die onverschilligheid van vroeger, hoe smart zij hem nog, nu hij door de Geest des Heeren geleerd heeft, wat waarlijk liefhebben is, en hij het zo diep gevoelt, hoe ondankbaar hij voorheen was, door de liefde zijner ouders te minachten.

Na enig vragen en antwoorden over en weer, zegt Resius :

„En nu zijt ge zeker verlangend te weten, hoe de Heere onze weg heeft gebaand. Hoort dan.

Wij kwamen op die bewuste avond ongedeerd buiten de poort: dat hadden we te danken aan die gewiekste, goedhartige zot van hertog Karel, die ons reeds in Arnhem uit de gevangenis geholpen had, zoals ge weet."

„Wacht 's, " dus valt Anna eensklaps haar neef in de rede. „Die zot ken ik. Heet hij niet Ogeüs ? "

„Ja, juist, dat is z'n naam, moeder, " antwoordt Siebe, terwijl hij Anna verwonderd en vragend aankijkt. „Maar hoe kent u hem ? "

(Wordt vervolgd)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

De Hofnar van Gelre

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 1952

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's