De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Waarheen?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Waarheen?

6 minuten leestijd

Wederom is een jaar voorbijgegaan. Ook een jaar nieuwe kerkorde ! Als er een weinig vaart in de leiding is, moet dit kerkelijk jaar ons ook weer wat dichter bij het voorgesteld doel hebben gebracht.

Wisten wij nu maar, wat het voorgestelde doel is.

De kerk moet weer kerk worden, zo werd gezegd. Men zou daaruit opmaken, dat de kerk in het verleden betere dagen heeft gehad en dat er naar gestreefd moet worden, dat die betere dagen weer terugkeren.

Voorzichtig echter met dat woord terugkeren, want men is haastelijk gereed om te zeggen, dat de klok niet terug gezet kan worden. Maar de betere dagen zouden kunnen terugkeren zonder dat wij terugkeren. Men behoeft intussen om dat woord terugkeren niet zo angstvallig te doen, want het is heus niet onschriftuurlijk: Keer weder, gij afkerige kinderen. (Jer. 3:22).

En wij zijn er hartelijk van overtuigd, dat de kerk niet wederom kerk zal worden, zonder dat wij tot het geloof der kerk wederkeren. Het zal ook nodig zijn, dat wij dan eerst het geloof uit die betere dagen der kerk onderzoeken en ons daaraan conformeren, om dat voorts overeenkomstig zijn belijdenis tot uitgangspunt en draagvlak te maken van het kerkelijk handelen.

Eerlijk gezegd, is daarvan heel weinig gebleken, ja het mag niet worden verzwegen, dat veeleer daarmede strijdige strevingen aan de dag traden.

Wij herinneren aan de befaamde publicatie van dr. Berkhof over de middenorthodoxie, welke de kerk onder de leiding van Arminius naar het doel wil voeren, zij het dan geflankeerd door een naar omstandigheden zwenkende vrijzinnigheid, die haar kerkelijke positie meer dan ooit ziet versterkt worden, zodat zij thans op menige kansel verschijnt, waar zij in de glorietijd van het liberalisme nooit toegang vermocht te krijgen.

Prof. Brillenburg Wurth schrijft in een pas verschenen boekske over de , , Kentering der vrijzinnigheid", welke hij intussen ondanks alle waardering, moet afwijzen, dat de bewering van de middenorthodoxie, , , dat wij van rechts en links wederzijds in Schriftbeschouwing elkaar wel langzamerhand beginnen te vinden" ongegrond is. (Vgl. blz. 60). Als „links en rechts" bedoelen vrijzinnig en gereformeerd, zijn wij dat met hem eens. Die zullen het in Schriftbeschouwing niet eens worden, tenzij de vrijzinnigen het met 'de Nederlandse Geloofsbelijdenis eens worden. Doch als het op de Schriftbeschouwing der midden-orthodoxie aankomt, deze staat heus niet zo ver van de vrijzinnige af.

Midden-orthodox is nu eenmaal niet orthodox en kan evenzeer gematigd vrijzinnig worden genoemd. Het is tenminste tekenend, dat in het confessionele kamp, dat zich van meet af bij de z.g. middenorthodoxie heeft geschaard, thans stemmen van verontruste gemoederen opgaan omtrent het confessioneel karakter der Hervormde Kerk. Overigens vraagt men zich af, op welke gronden leidende figuren in de Confessionele Vereniging klaarblijkelijk de verantwoordelijkheid voor de gang van zaken op zich nemen en de verontrusten schier als een soort rebellen aanzien, die op de , , kerkelijke" weg moeten worden gewezen.

Een en ander schijnt er op te wijzen, dat de kerk toch éen andere kerk moet worden dan zij in de bloeitijd der reformatie is geweest. Deze gedachte wordt ook versterkt door verschillende publicaties, die van haar hoogste vergadering of van nevenorganisaties uitgaan : als b.v. de jongste herderlijke brieven en de ontwerpen voor liturgische formulieren. Het is niet nodig daarop terug te komen, want wij hebben de beoordeling van onze studie-commissie uitvoerig bekend gemaakt.

Over het karakter van de kerk, die men op het oog mag hebben, zullen wij verder niet spreken, maar de ervaring kan duidelijk leren, dat men het waarlijk reformatorisch karakter veeleer bestrijdt dan zoekt wat daaraan bevorderlijk zou zijn.

Verschillende handelingen der synode en van haar organen kunnen daarvan een sprekend bewijs leveren. Hoe weinig medewerking moeten wij telkens constateren, als een gereformeerde groep, welke n.b. krachtens haar belijdenis en de begeerte om naar die belijdenis ook kerkelijk te leven, in de allereerste plaats aanspraak mocht maken op medewerking der kerkelijke organen, op deze een beroep doet ? Zelfs als men zegt „begrip te hebben" voor moeilijkheden, die zich kunnen voordoen, bij de ongelukkige kerkelijke situatie, die hier en daar is ontstaan betekent dit nog niet, dat men daaraan ook tegemoet komt —' een gunstige uitzondering daargelaten, die dan wellicht van vrijzinnige zijde komt.

Wat voor soort kerk men eigenlijk nastreeft, kan dan ook alleen maar negatief worden uitgedrukt. Men schijnt heel goed te weten, dat men geen gereformeerd kerkelijk leven wil, althans niet overeenkomstig de gereformeerde belijdenis.

Sommigen koesteren de wens, dat binnen afzienbare tijd degenen, die zulk een gereformeerd kerkelijk leven wèl nastreven, op een of andere manier tot zwijgen gebracht, verdwenen of in het conglomeraat opgesmolten zullen zijn.

Het kerkelijk beleid laat dan ook niet na de zwakheid van zulk een negatief standpunt te vertonen en het schijnt in de leidende organen de aandacht te trekken.

Ds. Landsman schreef deze week een artikel in de Hervormde Kerk onder het opschrift: Is de Hervormde Kerk een Kerk en zal ze het blijven ? Dat is wel iets anders dan de forse aanhef van de reorganisatoren : de Kerk moet weer Kerk worden.

Ds. L. stelt die vraag klaarblijkelijk naar aanleiding van het , , Hilversumse Convent". Dit convent en inzonderheid ds. J. Loos, zo zegt hij, heeft de kerk voor kerkordelijke en theologische problemen gesteld.

Verschillende instanties en commissies blijken zich volgens zijn mededelingen met deze „problemen" bezig te houden.

De synode schijnt dus niet te verstaan, dat het karakter der reformatie en van een reformatorische kerk met die wijding en apostohsche successie gemoeid is en dat hier van geen problemen sprake behoeft te zijn.

In plaats van bij zo klare en duidelijke bedreiging van het reformatorisch karakter der Hervormde Kerk krachtig op te treden en overeenkomstig de gereformeerde belijdenis te handelen, gaat de synode over tot de orde van de dag, commissies houden zich bezig met de z.g. problemen en bezinnen zich over het ambt, terwijl ds. Loos met vacantie is als predikant en zijn convent organiseert.

Tot zulk een onzekerheid en laksheid komt men, als men de belijdenis der kerk loslaat en wat erger is, als men de Heilige Schrift niet meer ernstig neemt als Gods Woord. Want daarin ligt de eigenlijke kracht van het kerk-zijn en dat is ook het fundamentele beginsel van de reformatie, dat men buigt voor de Heilige Schrift als Gods Woord.

Met dat al is het wel duidelijk, dat de nieuwe koers naar een onjuist bestek is opgemaakt. Op deze wijze komen wij niet bij de kerk uit en men heeft klaarblijkelijk ook geen moed om kerk te zijn.

Waarheen dan ? Als het zo gaat naar een onkerkelijke chaos. Voelt de schrijver van bovenaangehaald artikel: „Is de Hervormde Kerk een Kerk en zal ze het blijven ? " er iets van, dat het verkeerd gaat ?

Hij zit dicht bij het Moderamen der Synode en bij de mannen, die in de eerste plaats verantwoordelijk zijn voor de gang van zaken. Zou het moderamen het ook gaan inzien ?

En de Synode ? De aarzeling in het geval Loos c.s. kan ook aantonen, dat voor midden-orthodoxe nazaten van Arminius en naar rechts kenterende vrijzinnigen het ja even moeilijk is als het neen.

Het reformatorisch karakter der Her­vormde Kerk is in het geding.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 januari 1953

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Waarheen?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 januari 1953

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's