De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

OORLOG EN VREDE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

OORLOG EN VREDE

5 minuten leestijd

Dr. A. J. Rasker geeft wat hij zelf noemt een in zekere zin persoonlijke interpretatie van het herderlijk schrijven van de Synode van 3 Juli '52. Genoemde schrijver heeft veel lof voor dit herderlijk schrijven. Hij zegt : „De Synode spreekt in dit stuk klare en duidelijke taal, en zij zegt ook eerlijk, in welke opzichten en in welke mate zij niet klaar is met deze allergrootste en gevaarlijkste vraagstukken. Het antwoord is niet bevredigend, ook voor de Synode zelf niet. Het is vol onrust, en het wekt onrust. Dat beseft de Synode goed, en dat wil zij niet anders".

Naar wij veronderstellen, zijn er niet zo heel veel mensen, die het zo eens zijn met de synodale brief als dr. R. Hij zelf deelt mede, dat het stuk in de boezem van de commissie, die het opstelde, en in de vergadering der Synode een compromis was. Dat betekent immers, dat èn in de commissie èn in de Synode verschil van mening is geweest, zodat de leden het niet zo onverdeeld eens kunnen geweest zijn.

Het verschil zal wel overeenkomen met de tegenstelling, waarmede dr. R. zijn artikel aanvangt : , , Mensen, die overtuigd zijn, dat vdj het erfgoed der vaderen, dat wij onze Christelijke cultuur, dat wij het , , Christelijke Westen" zo nodig met geweld van wapenen moeten verdedigen". Dat is één kant.

.„maar wanneer wij ook telkens en telkens mensen tëdenkomen, die vragen of al dat verdedigen en al dat bewapenen eigenlijk nog wel enige zin heeft". Dat is de andere kant.

, , Of de Christelijke Kerk nu werkelijk géén ander antwoord heeft dan dat we er wel aan moeten meedoen — ja, wat moeten, wij zieleherders, dan eigenlijk zeggen? " En dus vervolgt dr. R. : , , Wee dé. ambtsdrager, voor wie deze vraag niet althans een grote onrust en een angst in zijn geweten is".

Ziedaar de stelling. En nu de interpretatie van dr. R. Hij erkent, dat de Synode eigenlijk geen oplossing heeft gegeven.

Dat is ook zo. Het eerste standpunt wordt noch met kracht van argumenten ondersteund, noch afgebroken.

Het tweede standpunt, in vragende vorm voorgesteld, wordt min of meer toegelicht, doch vindt geen weloverwogen verdediging. Op zijn minst is deze zeer aarzelend en zeker niet doeltreffend.

Wij halen een zinsnede aan : , , Óok al vrezen wij, dat we ons aan deze bewapeningswedloop niet kunnen onttrekken, schamen wij ons dan niet diep, tot in het diepste van onze ziel, voor Hem, die ons gezegd heeft, dat zij, die naar het zwaard grijpen, door het zwaard zullen vergaan? "

Er is ongetwijfeld veel in ons persoonlijk en gemeenschappelijk leven, waarover wij ons diep hebben te verootmoedigen voor de Heere God. Dat is er ook in de onderlinge verhoudingen der volkeren en niet het minste in de ontstellende ontkerstening van de Westerse volken.

Dr. R. spreekt van , , heidense Christenen van het moderne Westen", die de Romeinen nazeggen : , , Als gij de vrede wilt, bereid u dan ten oorlog".

Wij laten in het midden, of zij , , heidense" Christenen worden genoemd, omdat zij dat de Romeinen nazeggen, dan wel, of zij dat nazeggen, "omdat zij heidens zijn. Edoch, hoezeer wij de verschrikkingen van de oorlog verafschuwen, kunnen wij het toch niet eens zijn met hen, die de weerloosheid willen aanprijzen of verdedigen.

De door dr. R. aangehaalde Schrift ; , , Zij, die naar het zwaard grijpen, zullen door het zwaard vergaan", kan bovendien niet overtuigend zijn en is zelfs niet van toepassing. Het gaat hier over mensen, die naar het zwaard grijpen. Dat zijn dus niet de mensen, n.l. de overheid, aan wie God het zwaard in de hand heeft gegeven en dat tot Zijn dienst. (Rom. 13 vs. 1—7). De overheid grijpt niet het zv/aard, maar zij moet het hanteren. Het woord van Christus betreft het particulier gebruik !

Dat Christus ook zelf dit onderscheid erkent, kan duidelijk worden, als wij op een ander woord van de Heere Jezus Christus wijzen : , , Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld. Indien Mijn Koninkrijk van deze wereld ware, zouden Mijn dienaren voor Mij gestreden hebben". (Joh. 18 VS. 36).

In het Koninkrijk Gods dus geen oorlog. Doch het Koninkrijk Gods is niet van deze wereld en ook de kerk kan men niet vereenzelvigen met het Koninkrijk Gods. 

Dit betekent echter niet, dat de beginselen, waaruit de kerk leeft en welke zij ook predikt, onverschilligheid tegenover de gruwelen van de oorlog zouden beyorderen. 

Integendeel, haar prediking stelt alle gruwel en ellende, ook van de oorlog, in het licht van de ontstellende werkelijkheid, waaronder de mensheid leeft, n.l. de verwoestende werkelijkheid der zonde.

Het Evangelie aanvaardt die werkelijkheid en het predikt de openbaring der eeuwige Liefde, waarvan het Kruis getuigenis geeft, dat over die wereld een glans van een eeuwige vrede doet opgaan door de prediking der verlossing. Doch de kerk verwacht geen vrederijk op deze aarde.

De dienstweigeraar, of liever dienstweigering, is een onderwerp, dat op zich zelf reeds op een conflict wijst. Dienst wijst op een dienstverband, waarin men verkeert, en dit verband wijst op een gezagsverhouding. Hier geldt het overheidsdienst en overheidsgezag. Dienstweigering betekent alzo weigering van overheidsdienst en van erkenning van overheidsgezag. Dat kan ! Dat kan zelfs — mits voor persoonlijke verantwoordelijkheid van de weigeraar en in een bepaalde situatie — een geloofsdaad zijn. Doch volstrekt niet altijd en onder alle omstandigheden !

Op zichzelf reeds is daarin de grond gegeven, waarom de kerk geen uitspraak kan doen in het algemeen en het uit den aard der zaak ook niet in het algemeen voor de dienstweigeraar, kan opnemen.

De kerk verwacht geen vrederijk op deze aarde en kan dat ook niet prediken, maar de levende God kan de vrede over haar uitstrekken als een rivier.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 februari 1953

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

OORLOG EN VREDE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 februari 1953

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's