De nieuwe weg
FEUILLETON
Vervolgverhaal
door J. W. OOMS
, , Ja, zo denk ik er ook over, " stemde Arend toe. Doch daarna kon hij zijn heimelijke angst niet langer verbergen en weifelend zei hij, wat hem zo zwaar op het hart lag.
, , Ik ben zo bang, dat Martijntje toch niet helemaal tevreden is, Kooijman Ik ben zo benauwd, dat ze op een keer tóch weer zal zeggen, dat het uit moet zijn tussen ons."
Bart Kooijman dacht lang na over dit woord. Het maakte hem onrustig. Hij had het weer zo mooi bijeen gekramd .... zou Martijntje nu andermaal stukken gaan maken ?
, , Hoor eens. Arend. ... jij moet je op dit punt niet bezorgd maken, " zei hij langzaam. , , Ik heb mijn meidje jou ten gerieve weer op het goeie spoor geholpen en zij zal daar wijders vast niet meer van afstappen. Maar ik zei al, dat een frullie nu eenmaal heel anders is dan een man. Als jij het zekere voor het onzekere wil nemen, zou jij zo zoetjesaan zonder de zaak te forceren eens over trouwen kunnen gaan praten. Jouw vader wil immers gaan rentenieren mettertijd ? Dan zou jij mooi op de hofstee van de ouwelui kunnen gaan boeren. Maar begrijp me goed, ik wil jou niet opjagen. Jullie zijn nog jong genoeg. Maar je wordt vaneigens ouder, waar ? En daarom zou 't niet gek zijn, als je aan trouwen ging denken."
Arend Langerak werd vuurrood in zijn gezicht.
, , Ik heb daar al eens over gepraat met Martijntje, " bekende hij. , , Maar toen begon ze te schrouwen als een klein bakerkeind."
Kooijman schrok van deze mededeling. Het werd hem ineens klaar en duidelijk, dat zijn dochter dus nog niet de ware betrekking op Arend Langerak had. Zouden zijn verwachtingen dan toch nog onvervuld blijven ? Dat zou bar jammer zijn. ... Arend was immers zo'n degelijke jongen en bij de Langerakken zat veel geld, 't was een geslacht dat als uiterst rechtschapen bekend stond.
Om Arend moed in te spreken — en daarmede tegelijkertijd zichzelf — zei hij zo rustig mogelijk :
"Geloof me, jongen, Martijntje wil jóu hebben en niemand anders !" , , Zou 't waar zijn ? " vroeg Arend hoopvol. , , Vast en zeker. En ik ben er ook nog."
Nadien had Bart Kooijman er toch zijn sombere gedachten over. — Grote kinderen grote zorgen, dacht hij soms. En die zorgen zouden blijven tot op het ogenblik, dat Martijntje en Arend naar het gemeentehius zouden rijden om te worden getrouwd. Dan pas zou hij geheel gerust zijn en zou zijn wens in vervulling zijn gegaan.
Op de vergadering van de Kerkeraad vroeg Kooijman, wat de dominee er van zou denken als deze de oude Mink Noorloos weer eens bezocht. Mink stond om zo te zeggen met één been in het graf — , , dat staan wij allemaal, " merkte diaken De Graaf op — en daarom moest de dominee de oude man geestelijk voedsel geven en sterken op zijn ziekbed.
No. 14
(Wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 mei 1953
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 mei 1953
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's