De nieuwe weg
FEUILLETON
Vervolgverhaal door J. W. OOMS
, , Maar moeten wij verder niets doen? " vroeg de dominee, kennelijk teleurgesteld. , , Hebben wij hier als kerkeraad geen taak? "
, , Wij hebbén die mensen niet geroepen", zei Bart Kooijman met een effen gezicht, , , En het zijn geen leden van onze gemeente. Als ze uit Amsterdam vandaan komen, dan heeft de Amsterdamse kerkeraad allereerst een plicht. De eigen leden zijn immers het naast. Maar 't merendeel zal wel niet van kerk of Bijbel willen weten, want het is rauw volk".
, Ik zie het anders", merkte de dominee op. , , We zouden een avond in de week ons vergaderzaaltje beschikbaar kunnen stellen en die grondwerkers uitnodigen om te komen. Er zou een Bijbelgedeelte gelezen kunnen worden en nadien kan er eventueel nadere uitleg of een bespreking op volgen. En in de pauze zou de kosteres koffie kunnen schenken".
, , Dan wordt, het zoiets als de Mannenvereniging", merkte een kerkeraadslid op. , , En dat moet dus de Mannenvereniging maar ter harte nemen. Maar in de hooiböuwtijd vergadert die niet".
Er werd nog lang over het voorstel van de dominee gepraat, maar hij vond weinig bereidheid bij de mannen en er werd geen besluit genomen.
Toen Bart Kooijman thuis kwam, trof hij zijn vrouw en Martijntje met een hem volkomen onbekend manspersoon aan. Het was een jonge man, die halveravond reeds aangeklopt had, omdat hij Kooijman wilde spreken. Vrouw Kooijman had hem binnen genodigd en hem koffie gepresenteerd. Hij moest dan maar wachten tot Kooijman thuis zou komen.
Het had wel lang geduurd, doch de jongeman was met moeder en dochter in gesprek geraakt over zijn ouders en twee zusters en zodoende duurde het wachten betrekkelijk kort. Ja, onder 't genot van koffie en snijkoek was dit wachten hem zelfs aangenaam geweest, want hij wist 's avonds toch met zijn tijd geen raad. Hij had zijn bivak in een directiekeet, die hij deelde met een paar collega's. Die zaten echter avond aan avond te kaarten, en daar moest hij niets van hebben, zodat hij meestal na het avondeten de keet verliet en dan maar wat rondzwierf in het polderland.
Toen Kooijman binnentrad, stelde de jongeman zich voor.
„Mijn naam is Mienema, ik ben opzichter bij de wegenaanleg".
, , Zo", zei Bart. , , Dan ben jij waarschijnlijk de man, die ook bij onze dominee is wezen praten".
, , Ik ben in de pastorie geweest, ja., De dominee gaf mij uw adres ; hij zei, dat u ouderling was".
, , Dan weet ik al, waar je me over wilt spreken", zei Kooijman. , , Wij hebben 't er op de kerkeraad juist over gehad".
„Dus dan weet u al, waar hèt over gaat. Kan er iets gedaan worden? " vroeg de opzichter hoopvol.
, , Er is geen besluit genomen", antwoordde Bart stug. , , Wij als kerkeraad kunnen niet zomaar op losse schroeven iets op touw zetten voor mensen, die hier een blauwe Maandag werken".
Opzichter Mienema was zichtbaar teleurgesteld.
No. 17
(Wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 juni 1953
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 juni 1953
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's