De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

ONDERWIJS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ONDERWIJS

9 minuten leestijd

Uitgerangeerd ?

't Is nu vacantietijd en heel wat mensen zijn buiten hun gewone omgeving, in binnen- of buitenland.

Misschien mag ik van de Hoofdredacteur vandaag ook eens een keer buiten mijn gewone terrein gaan en ik vraag dat met des te meer vrijmoedigheid, omdat 't ten slotte toch eigenlijk ook weer gaat over „Onderwijs".

U hebt allen wel eens op spoorwegstations gezien, dat er lege wagons soms in vrij grote hoeveelheid bij elkaar, op dood spoor staan. Ze zijn uitgerangeerd ; op 't ogenblik heeft men ze voor het vervoer niet nodig en ze zijn daar nu, in afwachting dat ze weer gebruikt zullen worden. Tot zolang doen ze geen dienst.

Erger wordt het, wanneer de toestand van het materiaal zodanig is, dat het niet langer gebruikt kan worden. Dan is het voorgoed afgelopen. Dan is het ook uitgerangeerd, maar komt niet meer in het verkeer terug.

Zó kun je je zelf voelen, wanneer je na vele dienstjaren wegens het bereiken van een bepaalde leeftijd wettelijk genoodzaakt bent, je werk neer te leggen. Misschien is je lichamelijke of geestelijke toestand van die aard, dat ook deze een langer voortwerken niet mogelijk maken. Dan ben je met recht uitgerangeerd, 't Kan echter ook zijn, dat je nog fit genoeg bent, om heel wat werk te verzetten. Ja, dan zie je vandaag, dat tal van predikanten na bekomen emeritaat een vacante gemeente als hulpprediker gaan dienen. En onderwijskrachten na verkregen toestemming van het Departement van Onderwijs weer als tijdelijke onderwijzers de school ingaan.

Dit is dunkt mij, toch eigenlijk abnormaal.

Om nu speciaal bij het Onderwijs te blijven, moest er een zodanige aanvoer zijn van jong personeel, dat als regel gehuwde onderwijzeressen en gepensioneerden niet meer behoefden in te vallen voor tijdelijke diensten. Thans is het echter zo, dat de school er op drijft!

Maar afgezien daarvan behoeft het neerleggen van de betrekking bij het bereiken van de vastgestelde leeftijd nog niet te betekenen, dat men nu geheel van alles uitgerangeerd is. Wat is er nog een arbeid te doen, op het gebied van kerk en school en maatschappij. Heus, je gaat het als een voorrecht, een groot voorrecht beschouwen, dat je nog deel mag hebben aan het werk in ambt of bediening in de gemeente ; ook aan het werk voor het onderwijs in het algemeen ; aan de Evangelisatiearbeid in woord en geschrift. Dan is je leven ook na je 65 jaren niet leeg. Dan voel je je meer dan anders, omdat je nu meer tijd hebt, ingeschakeld in zo velerlei arbeid in Gods Koninkrijk, waarvoor de Heere nog altijd mensen gebruiken wil. 't Is mij tenminste een groot voorrecht en een reden tot grote dankbaarheid dat ik hierin nog een taak heb en God mij daartoe nog de kracht en de lust en ook de gelegenheid schenkt.

Dan gaat echter weer het sein op onveilig en weer word je op dood spoor gereden. Dat denk je tenminste.

De specialist, tot wien je je op raad van je huisdokter hebt gewend, adviseert je opname in het ziekenhuis voor onderzoek, met als vermoedelijk resultaat : operatie.

Dat kun je niet in de wind slaan en dus : 14 Juli 1953 in 't ziekenhuis.

Nu ben je toch wel helemaal, in elk geval voorlopig, uitgerangeerd. Je werk voor de gemeente in de kerkvoogdij — daar ligt het, je kunt er niets meer aan doen. Het Evangelisatiewerk waaraan je mee werkte om te starten met een nieuw begin — je kunt er niet aan meedoen. Inderdaad uitgeschakeld. Dat is moeilijk. Dat is erg moeilijk. Dan komt het , , waarom ? " én het , .waartoe ? " Totdat je in alle stilte je vragen aan de Heere voorlegt en. Hem alles bekend maakt. Of Hij in je nood wil voorgaan, of Hij je stil wil maken voor Hem en bereid, om ook in leed en smart Zijn weg te gaan. In vast vertrouwen, dat ook voor jou in Christus Zijn Woord ja en amen is.

Dan komt 't wel, dat je ook hier in het ziekenhuis nog helemaal niet uitgerangeerd bent. O neen, juist niet.

Op de kamer lagen we met ons vijven en in de twee zijkamers nog vijf. Dus totaal 10. Wie zijn dat allemaal? Wat voor soort mensen? Je weet het niet, natuurlijk weet je het niet. Maar je komt er wel achter ! Wacht maar even. Eer je een paar dagen verder bent, ben je wel op de hoogte.

Die eerste middag kwam het al en was je taak aanvankelijk al meteen aangewezen.

Een der patiënten zou de volgende dag geholpen worden. De zaalzuster trachtte op haar manier de geesten wat op te beuren, 't Waren immers heel knappe chirurgen aan dit ziekenhuis en je hoefde heus niet bang te zijn. Vertrouw daar maar op, 't komt allemaal best terecht. Je hoeft helemaal niet bang te zijn.

Wat moet je daarop nu zeggen? Niemand zei wat. Moet je dat zó maar laten gaan? Straks maar v/eer gaan slapen en dan naar de operatiezaal met het vertrouwen in de dokter en meer niet? Dan kun je opeens niet zwijgen en je spreekt het uit ten aanhore van allen, dat zulk een vertrouwen een mens toch niet helpen kan. Dat er een ander is, die nooit beschaamt, die op Hem vertrouwen. En die andere is God de Heere. Mensen kunnen zich vergissen, ook doktoren, hoe knap ze ook zijn, en dat zijn ze. Maar wie op de Heere vertrouwt, of dan de operatie gelukt of mislukt, die komt nooit beschaamd uit. En Hij is 't die juist in de nood van je leven je toeroept om 't op Hem te wenden, die in de Heere Jezus Christus voor armen, voor ellendigen een alles vervullend God wil zijn. Als je gaan zult door het water. Ik zal bij u zijn, of door het vuur, de vlam zal u niet aanraken.

Zo spreek je, slechts een paar woorden en dan is 't doodstil in de kamer. Zal er iemand op reageren?

Eindelijk hoor je de stem van de oudste patiënt van de zaal, een man van 80 jaar.

Weet je wat hij zegt? Luister : Ja, m'nheer, maar m'n geloof is dikwijls zo klein en m'n vertrouwen zo gering.

Dan ben je dankbaar en verblijd, dat er toch nog een antwoord was en nog dankbaarder ben je, dat je tot deze broeder kan zeggen, dat Gods genade in Christus groter is, dan de grootte of de kleinheid van ons geloof en van ons vertrouwen. Dat Hij zelfs de rokende vlaswiek niet uitblust en het geknakte riet niet verbreekt.

Dat heeft de oude man vertroost en gesterkt. En met te meer vertrouwen heeft hij al z'n noden de Heere voorgelegd.

Ben je dan toch nog niet uitgerangeerd?

En als je dan na twee dagen je bed uit mag, omdat je toch slechts voorlopig voor onderzoek hier bent, dan loop je eens bij de patiënten rond. En dan vind je een man van 73 jaar. Rooms geweest. Doet er niet meer aan. Als je dan vraagt, of hij zó het leven aan kan? Of hij zo straks de operatietafel op kan, zonder enig houvast, los van alles? Dan is zijn antwoord : Ze bidden wel voor me ! Toch nog niet alles losgelaten? Heel eenvoudig spreek je dan met die man en je wijst hem de weg, voor zover je dat kunt, om zelf te gaan, zelf zich voor God te verootmoedigen, zelf Hem alle noden en zorgen, alle schuld en zonde bekend te maken en zich aan Hem over te geven.

Of die andere patiënt, die eveneens Rooms was geweest en er niet meer aan deed. O, hij wist het allemaal zo best. Neen, je hoefde hem niets te vertellen, hij was best op de hoogte. Toch vertel je 't hem, maar hij geeft je niets toe. Na een uurtje komt hij naar je toe. 't Heeft hem blijkbaar toch niet losgelaten. , , U bent toch niet boos op me? " Neen, niet boos, maar ik ben bedroefd. Waarom? Omdat je 't, naar je zegt, zo goed weet, maar je gelooft er niets van.

Je hebt er niets aan. Je wilt het eenvoudig niet aannemen. En toch, nu is 't nog de tijd. Nu roept God nog. I

Er waren nog anderen. Maar waartoe alles te verhalen, 't Is genoeg om te laten zien, als je geen taak meer schijnt te hebben, er nog altijd een taak voor je is, al is 't maar met een simpel woord temidden van ziekte en ellende.

Nee, dat betekent niet, dat je de hele dag zo'n beetje loopt te preken. Absoluut niet. Maar zó, eenvoudig weg, eigenlijk ongezocht, zo'n enkel zaadje aan alle wateren, die binnen je bereik zijn, God de Heere weet, of Hij er wat mee doen zal en wat Hij er mee doen zal — Dat kun je veilig aan Hem overlaten.

Ik schrijf dit weer thuis. Na 9 dagen ben ik voor een paar weken weer naar huis gezonden om begin Augustus weer opgenomen te worden. Wilt u wel geloven dat 't nog een moeilijk afscheid was van de mede-patiënten? Nog voel ik de handdruk van de 80-jarige, die me dankte, terwijl de tranen over z'n hooggekleurde wangen liepen. Maar hij wist 't wel, en dat heb ik hem ook gezegd. God alleen komt de lof en de dank toe. Hij blijft, als allen weggaan. En vol vertrouwen heeft hij zich geschikt om ook in het leed en het lijden Gods weg te gaan. En maar neen, nu vertel ik niet meer.

Dit is zeker, ook als je uitgerangeerd ben, heeft de Heere nog werk voor je.

Ik heb eerbied voor het werk der predikanten, die de zieken in de ziekenhuizen bezoeken.

Ik heb eerbied voor de ziekenhuispredikanten, wier dagelijks werk het is om met de patiënten te spreken en te bidden.

Maar als een niet minder heerlijke taak heb ik het ondervonden, dat je als patiënt te midden der andere patiënten in het eenvoudige gesprek mag, maar ook moet getuigen van Hem, die het verlorene zoekt en het weggedrevene. Daar wordt nog naar geluisterd. Dat zal je zelf ook ten zegen zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 augustus 1953

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

ONDERWIJS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 augustus 1953

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's