De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

EVANGELISATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

EVANGELISATIE

10 minuten leestijd

Ook „crisis der middenorthodoxie".

Het woord „evangelisatie" heeft in gereformeerde bondskringen, en niet alleen daar een dubbelzinnige klank. We denken — mogelijk allereerst — aan minderheidsgroepen, die zelfstandig naast de plaatselijke godsdienstoefening in de bediening des Woords voorzien. Deze als „richtingsevangelisaties" gekwalificeerde verenigingen of comité's hebben hier en daar zo al geen relaties maar dan toch wel sympathieen in de richting van gemeenten van kleinere gereformeerde kerken als christelijk-gereformeerd, gereformeerde gemeenten, oud-gereformeerd e.d. Althans wat kerkgang betreft is er grensverkeer. Men moet niet verwonderd zijn, wanneer — soms uit arren moede, vaker wegens eerzuchtige motieven nopens de ambten — een kudde met herder overgaat tot een kerkje van zojuist genoemd allooi. Over evangelisatie in deze zin zal ik me nu maar niet verder uitlaten.

Evangelisatie noemen we ook de bearbeiding van het niet meelevende en vervreemde deel onzer gemeente. Voorzover we nog niet conform de kerkorde spreken van apostolaat. In enkele van de grotere Hervormd-Gereformeerde gemeenten heeft men kerkeraadscommissies voor deze taak. Geen kerkeraad mag deze belangen stiefmoederlijk behandelen. Een enkele slimme broeder wil het maar aan andere „modaliteiten" overlaten. Uit misplaatst minderwaardigheidsgevoelen. Inderdaad hebben andere groeperingen door een losser en wereldser levensstijl vaak vlugger entree en breder gespreksbasis om te beginnen. Maar onze gereformeerde theologie heeft momenten, die een belangrijk pré opleveren ten opzichte van actueler theologische stelsels.

Tussen deze beide fronten, beide aangeduid met een en hetzelfde woord begeeft zich en beweegt zich de gereformeerde bond op haar beurt als een soort middenorthodoxie. Het zal een heerlijk ding zijn, wanneer het de Gereformeerde Bond gelukt deze evangelisaties vast te houden m.a.w. dat het woord evangelisatie zijn dubbbelzinnigheid handhaaft voorshands. Want we zijn het er gauw over eens dat het een heilig ideaal bereikt, wanneer geen van deze beide acties zouden nodig zijn.

Er bestaat een spanning tussen beide werkelijkheden, die broederlijk dezelfde naam dragen. Allicht. Vandaar ook de crisis. Maar deze spanning is heilzaam zolang niet van overspanning gesproken moet worden. Enerzijds loert het gevaar dat het dogma der verkiezing, ofschoon het cor ecclesiae inderdaad, het — rationele — middelpunt van de prediking wordt, terwijl aan de andere kant het aanbod van genade niet zo voor de dag mag komen, dat een critiek, die nog niet eens zo gauw er bij is, gaat m.ompelen : , , algemene verzoening". Enerzijds dreigt het werk van de Geest het getuigenis van het Woord te domineren, aan de overzijde zou naast het Woord practisch geen ruimte meer blijven voor de werkzaamheid van de Geest. Enerzijds zou het bevindelijke en het onderwerpelijke dezelfde plaats innemen, die men ginds toekent aan verstandswerk en het voorwerpelijke. Juist in de eendracht van Woord en Geest en in het harmonieuse voor-onderwerpelijk karakter van de prediking is het heil gelegen. Misschien heb ik de verschillen over en weer te scherp getekend, maar de tendenzen liggen er toch inderdaad wederzijds. Daarom mogen we met de linker de ene en met de rechterhand de andere evangelisatie niet laten schieten.

Misschien zullen aasgieren op deze alinea's neerschieten om met leedvermaak te constateren, dat zo tussen de regels door te lezen valt, dat er zoveel als een linker en rechter fractie zou bestaan zelfs in de Gereformeerde Bond. Inderdaad, maar dat is overal het geval. waar maar twee of drie samen gaan. Daarom vind ik het van menige collega onnozel en pedant als hij met een suikerzoet en geheimzinnig glimlachje komt verklaren : , , voor de een ben ik te zwaar en voor de ander te licht in mijn gemeente". Hij moet heus niet denken dat hij zich daarmee het brevet van ware rechtzinnigheid uitreikt. Want nagenoeg ieder kan dit zeggen. Waar hij ook staat in het kerkelijk leven.

Voorlijke leerlingen.

Het evangelisatiewerk in de laatste zin, namelijk als verbreiding van het evangelie onder de vervreemden mag onder ons niet al te haastig verdacht gemaakt worden. De Waarheid gaat ons voor en spreekt van vloeibare en vaste spijze. Nu ben ik de laatste om met een gemakkelijk citeren van deze tekst de hele kwestie af te doen. Niet al wat vloeit is vloeibare spijs. We mogen gerust dit schriftgegeven nauwgezet exegetiseren. Maar hoe, de uitkomst van dit hangende onderzoek ook wezen mag, er is een verschil. Iemand die boven de ladder (of moet ik zeggen onder aan de ladder) staat mag niet ongeduldig verlangen dat een beginneling in het geloof en de genade aanstonds naast hem staat. Hij mag ook niet vergeten hoe hij zelf vaak al op en neer gaande langzaam gevorderd is tot de stand, waar hij zich nu bevindt. Aan een kind wordt het evangelie, ook anders gezegd, al is het een en hetzelfde evangelie, dan aan ouderen. Wanneer twee hetzelfde zeggen is dat lang niet altijd hetzelfde. Wat voor een buitenkerkelijke soms een heel belangrijke uitspraak is, waartoe hij niet dan na lange strijd gekomen is, dat is een dubieuse uitspraak soms van de lippen van een belijder van voor lange jaren. Met Nicodemus spreekt Christus over de wedergeboorte en met de Samaritaanse over 't water des levens. Hij weet wat voor beiden nodig is.

Wanneer men in tehuizen of dergelijke als ambtsdrager huisbezoek doet in een grote kring — soort groot-huisbezoek dus — dan kan het gesprek, dat als evangelieverkondiging bedoeld is, soms totaal mislukken. Men begint van de grond af als er vele onwetenden in de kring zijn. Maar wanneer iemand, die wel heel wat van het geloof afweet en die in de kleine gemeenschap bovendien een zekere positie inneemt, in de rede valt 'met een opmerking, die zakelijk zeer juist kan zijn, wordt het betoog ineens omvergeworpen. Het is te begrijpen. Deze man of vrouw is vaak eenzaam en verlangt naar een gesprek over geestelijke dingen. Maar door zijn woorden slaat hij een band rondom de predikant of ouderling en hemzelf, terwijl die tegelijk fungeert als afscheiding van de rest. Een sfeer van onbehagen ontstaat en de huisbezoeker zit in de moeilijke positie of hij zich met de eenling of met de massa solidair moet verklaren. Nogmaals de vrouw of man heeft vaak wel gelijk, maar eerst moeten verschillende, noties aangebracht zijn aleer een buitenkerkelijk publiek hier aan toe is. Om een voorbeeld te noemen. Men kan het gezelschap wijzen op de noodzaak van het geloof. En dan komt onze „ingewijde" om de hoek en zegt: , , Ja maar het moet je toch maar geschonken worden" of , , Daar kom je zo maar niet toe" of , , als je gelooft ben je er nog niet, dan begint de strijd pas".

Of „er is zoveel schijngeloof". Er is heel wat wijsheid nodig om dan tussen de klippen door te zeilen en bovenal om tegelijk en allereerst het Woord recht te snijden.

Zulke momenten besef je als zielezorger, waarom onderwijzers wel eens het land hebben aan voorlijke leerlingen. Je begrijpt waarom meester of juffrouw niet zo enthousiast is als vader en moeder, die trots getuigen, dat zoontje- of dochtertjelief al zowat aan de stof van tweede klas toe is, terwijl het kind voor de eerste klas wordt opgegeven.

Op school is het ook zo, dat er wel eens iets bijgebracht wordt, dat niet volledig is. Maar eerst moeten deze begrippen op deze wijze worden bijgebracht, wil men in een volgende leergang de stof enigszins complementeren en corrigeren zo nodig. Ik hoop dat ik me niet te ver gewaagd heb in de methodiek en onze paedagogen, die op dit terrein heer en meester zijn, zij ervaren genoeg om de bedoeling te vatten.

Zo ligt het ook bij de evangelisatiearbeid. De trouwe kerkgangers kunnen dat en dit wel eens wat oppervlakkig achten of al te populair uitgedrukt vinden, maar laten ze ook begrip tonen hoe moeilijk het is om de aandacht van de afgedwaalden te boeien. Weest u vooral eerlijk in uw beoordeling. Het is me wel eens gebleken, dat mensen die strenge critiek hadden op allerlei arbeid en bewoordingen, soms ontzettend soepel en gemakkelijk waren, waar het eigen kinderen of kleinkinderen gold. Soms was nauwelijks een dominee goed genoeg. Maar liep het gesprek over dochter of zoon ergens in de vreemde, zie dan was u toch maar blij, dat hij of zij nog naar de kerk ging al was de dominee nagenoeg vrijzinnig. Toch beter dan niets. Ja dat zei u. Of wat deed u uw best niet om uw kleinkind gedoopt te krijgen al was het bij wie weet welke predikant. Ik zal er niets van zeggen. Dat past me niet. Het beste praten hebben rechtzinnige lieden zonder kinderen. Bovendien ben ik ook niet verlangend naar een soort rechtzinnigheid, waarbij elk greintje gevoel van natuurlijke liefde is gesmoord. Sommigen kunnen met een afgrijselijk welbehagen vertellen hoe afgestorven betrekkingen liggen te branden in de hel. Dat is niet langer vroom. Dat is niet schriftuurlijk. Dat is goddeloos. Ook al wordt men geheten een ingeleide, volkomen aan eigen ik en het eigene verstorven. Hoogstens voegt een stilzwijgen. Een moeilijke zucht. Al wat daaraan voorbij gaat ligt er ver beneden. Men kan het in de theorie prediken, dat we met welbehagen met Christus onze, eigen familie in de dag der dagen zullen verdoemen. Maar ik meen, dat we dan de bodem van het geloof hebben verlaten. Zoiets behoort tot de geestelijke acrobaterij. Ik zou zeggen : „ik weet dat ook wel, maar zwijgt gij stil, profetenzonen!" Hoedanigen we zullen zijn, is niet geopenbaard.

Onze lering is intussen dat we heel voorzichtig zijn in onze beoordeling van wat gedaan wordt in de arbeid der evangelisatie. Het gaat mogelijk ook om uw dochter of uw kleinzoon, die naar U genoemd werd. Bij heel veel critiek was er in de beginne de antipathie. Daarna werden de argumenten gezocht. Het is tegenwoordig al niet meer : , , ik ben heiliger dan gij", maar we zijn gezakt tot een , , ik ben rechtzinniger en zuiverder in de leer dan gij".

Allerminst is mijn bedoeling elke uiting en elke actie in bescherming te nemen. Maar laten we ons oordeel bescheiden in de geest der liefde ter plaatse brengen, waar de bedenking eerst thuis hoort. De jong-bekeerde Augustinus, de pas-gegrepen Luther hebben ook wel eens een en ander beweerd, dat ze naderhand hebben teruggenomen, rechtgezet of voor misvatting gevrijwaard. Zo gaat het ook in het evangelisatiewerk.

Nogmaals de crisis.

We spraken over tweeërlei evangelisatie en we vonden dat het een zegen zou betekenen, wanneer we beiderlei beweging mogen vasthouden. Dat betekent niet, dat het aanbeveling verdient om voor beide terreinen specialisten aan te wijzen. Dat kan de eerste stap zijn op het pad van de verwijdering. Ik zou willen dat er velen te vinden zijn, die zich geroepen voelen om te gaan staan in de branding van beiderlei evangelisatie.

Een nieuw evangelisatieblad.

De pers meldt, dat onze Hervormd- Gereformeerde Bond voor Inwendige Zending stappen heeft ondernomen om te komen tot een eigen evangelisatieblad. Dat betekent dat men geen volledige verantwoording kan nemen voor wat er verschijnt met hetzelfde doel. Daarop is terecht critiek geoefend. Maar er zouden criticasters kunnen zijn, die nu alles onder schot nemen en ondoordacht en ongefundeerd straks deze periodiek torpederen. Ik vraag alleen : denkt u in hoe moeilijk het is, denkt u in dat het misschien ook gaat om uw kinderen, denkt u in dat deze arbeid ook namens u geschiedt. Worstelt mee met de redactie. Brengt uw critiek op het juiste adres.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 augustus 1953

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

EVANGELISATIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 augustus 1953

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's