De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

ONTVANGEN BOEKEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ONTVANGEN BOEKEN

4 minuten leestijd

Dr. L. Praamsma. In enigheid des waren geloofs. Antwoord aan dr. H. Berkhof. Jan Haan N.V., Groningen. ƒ 0.90.

Dr. H. Berkhof leeft in het besef, dat voor de kerken vandaag de weg tot enigheid is de weg van de gespreksgemeenschap. In verband met het feit, dat dr. Berkhof bijzonder aan de Gereformeerde Kerken heeft gedacht, heeft dr. Praamsma zich klaarblijkelijk geroepen gevoeld om hem van antwoord te dienen.

Met dr. Praamsma zijn wij het eens dat de eenheid, welke dr B. op het oog heeft, van een idealisme uitgaat, dat met het geestelijk karakter van de eenheid des geloofs niet te vergelijken is. De gedachte aan een gespreksgemeenschap lijkt ons niet alleen mythisch, maar ten enenmale wat geheel anders dan de geloofsgemeenschap door Woord en Geest, welke de gemeente des Heeren over de ganse aarde verspreid, in enigheid des geloofs verenigt.

Dr. Praamsma gaat trouwens vrij uitvoerig op verschillende beweringen en gedachtengangen van dr. B. in : Met veel wat hij daartegen opmerkt, kunnen wij het eens zijn. Wij juichen het toe, dat ook van de zijde der Gereformeerde Kerken de discussie met dr. B. wordt aangegrepen. De gedachten van dr. B. worden ook bij anderen aangetroffen, zoals dr. Praamsma heeft opgemerkt. Het genoemde idealisme schijnt in de Hervormde Kerk zelfs de heerschappij, na te streven en hoewel de leidslieden de gereformeerde gezindte niet schijnen te kunnen begrijpen of waarderen, ontbreekt het niet aan tekenen, die er op wijzen dat zij toch besef hebben van de grote tegenstelling tussen de idee van de door hen gezochte eenheid en de geestelijke gemeenschap des geloofs.

Het boekje van dr. Praamsma, dat wij intussen aanbevelen, kan dat in ver­schillend opzicht aantonen.

J. Severijn.

Hoe leest de Christen het Oude Testament ? door prof. dr S. F. H. J. Berkelbach van der Sprenkel. Huwelijk en huwelijksrecht in de wereld van het Oude Testament, door dr J. Schoneveld. Uitgave Boekencentrum N.V., Den Haag.

De 's-Gravenhaagse Bijbelvereniging •organiseert iedere winter een reeks lezingen op het terrein van de bestudering van de Bijbel. Eén aantal van deze referaten wordt in brochurevorm gepubliceerd (iedere brochure telt 24 pag., prijs ƒ0.90). •

Met genoegen namen wij van de inhoud van de eerste twee dezer studiën kennis. In een twaalftal korte paragrafen behandelt prof. Berkelbach de vraag : hoe leest de Christen het Oude Testament ? Daarbij gaat hij op verantwoorde wijze in o.a. op de vragen: Jezus en het Oude Testament; de driezij digheid van de dienst Gods in het Oude Testament ; het profetisme, de cultus en het koningschap. In zijn betoog wijst schrijver er op, dat de Christen het Oude Testament moet „lezen vanuit Jezus Christus" ; haast zou schrijver zeggen, dat Jezus Christus het geïncarneerde Oude Testament is.

, , Het Oude Testament alleen zonder de bekroning in Jezus Christus en zonder de uitleg van het Nieuwe, roept om vervulling".

Over de verhouding van het Oude Testament tot het Nieuwe is in de laatste decenniën heel wat geschreven en onder deze studie's neemt ook deze brochure een eigen plaats in. Natuurlijk moest schrijver zich zeer beperken. Het is wel daarom, dat Paulus en Petrus (b.v. 1 Petrus 1 : 10 v.) niet aan de orde komen.

De tweede studie handelt over huwelij kspractijk en huwelijksrecht in de wereld van het Oude Testament. Allerlei bijbelse gewoonten en regelingen zijn voor ons gaan leven door wat wij te weten gekomen zijn van huwelijksgewoonten en rechten in de oud-oosterse wereld, b.v. door de wetten van Hammurabi, de Assyrische en Hethietische wetten. Schrijver wijst er op, dat godsdienstig het huwelijk in het antieke heidendom in een heel ander gedachtenklimaat staat dan in bet Oude Testament. Dat geloof ik ook, maar gaarne had ik gezien, dat deze stelling meer uitgewerkt was : gelijkheid tussen allerlei gebruiken en wetten ten aanzien van het huwelijk verwondert ons geenszins, want Israël heeft de invloed ondergaan van het cultuurmilieu, waarin het leefde, maar de Godsopenbaring maakte van dit volk een geheel ander volk, heeft Israël uitgetild boven het milieu van het heidendom en het aparte van Israël, het geheel enige komt dat nu ook uit ten aanzien van het huwelijk ? Hier en daar duidt schrijver deze dingen wel aan, maar het komt m.i. te weinig uit de verf. Bij de paragraaf over het Leviraatshuwelijk zette ik enige vraagtekens, ook in verband met het boek Ruth ; daarbij dacht ik aan een artikel van H. H. Rowley. Deze populaire referaten verdienen het, dat zij zijn uitgegeven.

H. Bout

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 november 1953

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

ONTVANGEN BOEKEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 november 1953

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's