ONDERWIJS
NIEUWE SCHOOLGELDREGELING
Reeds meermalen is in en buiten de Tweede Kamer der Staten-Generaal de schoolgeldheffing een onderwerp van bespreking geweest. De meningen hierover waren verdeeld. Vooral van de zijde van de P.v.d.A. werd gepleit voor afschaffing van de schoolgelden en dus voor gratis onderwijs, liefst op alle onderwijsinrichtingen, van laag tot hoog. Bovendien moest dan een stelsel van beurzen het volgen van voortgezet tot hoger onderwijs bereikbaar maken voor alle lagen der bevolking.
De rechterzijde verklaarde zich over 't algemeen van dit gratis onderwijs voor allen geen voorstander. Natuurlijk moest er een grens zijn, waar beneden geen schoolgeld geheven werd, maar overigens achtte men een heffing naar draagkracht gewenst. Het grote belang van het onderwijs voor de kinderen rechtvaardigde h.i. ten volle, dat aan de ouders enige vergoeding in de vorm van schoolgeld werd gevraagd. Niet, alsof daarmede de kostprijs van het onderwijs zou worden betaald ; immers zou de totaal-opbrengst der schoolgelden slechts een fractie daarvan zijn. Wel echter was men overtuigd, dat, als men er iets voor betalen moest, men het ook meer zou waarderen. Terwijl tevens in overweging werd genomen, dat de ouders de eerst-verantwoordelijken zijn voor opvoeding en onderwijs van hun kinderen en dat zij er daarom ook wel wat voor over mochten hebben. Er werd reeds vermoed — naar aanleiding van uitlatingen van regeringszijde, dat de regering niet afwijzend stond tegenover de afschaffing der schoolgelden. Thans is aan de onzekerheid een einde gekomen, doordat de Minister van Onderwijs een wetsontwerp bij de Tweede Kamer heeft ingediend, waarbij ingrijpende verandering in de regeling der schoolgelden wordt voorgesteld. De bedoeling is :
ï. Afschaffing van schoolgeld voor de leerlingen binnen de leerplichtige leeftijd.
2. Verlaging van schoolgeld voor de niet-meer-leerplichtige leerlingen van U.L.O., M.O., V.H.O., Lager Nijverheidsonderwijs, Kweekscholen, Scholen voor uitgebreid Lager- en Middelbaar Nijverheidsonderwijs.
3. Invoering van eenzelfde heffingstarief voor alle takken van onderwijs.
Als we deze gegevens even nagaan, dan blijkt dat schoolgeldvrij zullen zijn:
a. de zes leerjaren van de L. S. ; b. de twee volgende leerjaren van V.G.L.O. (7e en 8e leerjaar) ; c. het B.L.O. ; d. de eerste twee leerparen van U. L.O., M.O., V.H.O. en Lager Nijverheidsonderwijs ; e. het 1ste leerjaar van het lager land- en tuinbouwonderwijs.
Van deze alle zijn de leerlingen als regel binnen de leerplichtige leeftijd (7—15 jaar).
't Lijkt, alsof de regering gedacht heeft : Deze kinderen worden door de Leerplichtwet gedwongen school te gaan, dus moet ook de wetgever zorgen dat dit zonder financiële verplichtingen hunnerzijds mogelijk is. Vermoedelijk zullen de ouders practisch wel geen bezwaren hebben tegen deze voorgestelde regeling. En theoretische, of wilt ge, principiële bezwaren? De tijd heeft wel geleerd, dat deze zo gemakkelijk vervagen of dat men zich er nogal gemakkelijk bij neerlegt. Denk maar aan leerplicht, inenting, schoolmelk, schoolartsen, schooltandartsen, schoolvoeding en kleding.
Misschien heeft iemand al gezocht naar de bewaarscholen in deze regeling en een ander naar het hoger onderwijs. Beide zijn niet in de afschaffing begrepen, evenmin als de niet onder a—d genoemde leerjaren der overige onderwijsinrichtingen.
Wat het kleuteronderwijs betreft, merkte de Minister op, dat bij de komende wettelijke regeling hiervan de financiële bijdragen van de overheid niet zó hoog zullen zijn, dat daarmee de exploitatie gedekt is. Schoolgeld zal daarbij niet kunnen gemist worden. We dachten het al, de kleuters zijn immers nog niet leerplichtig ! Niemand is verplicht ze naar school te zenden.
Het hoger onderwijs zal, wat de collegegelden betreft, apart worden geregeld, met de bedoeling om te komen tot verlaging van ƒ 325.— op ƒ 200.— per jaar.
Overigens komt voor de niet-meerleerplichtige, jeugd een verlaging van de schoolgelden. Er zullen daarbij natuurlijk ook gratis-gevallen zijn, voorzover het inkomen der ouders beneden een bepaalde grens ligt. De anderen zullen aangeslagen worden volgens een progressieve schaal, die gaat van ƒ 10 ƒ 200 's jaars.
Buiten deze regeling vallen :
a. land- en tuinbouwonderwijs voor niet-leerplichtigen, omdat hiervoor een nieuwe wettelijke regeling in voorbereiding is ;
b. avondscholen en dag- en avondcursussen.
Practische bezwaren maken hier een bindende regeling onmogelijk. Wel kunnen bij algemene maatregel van bestuur voorschriften worden gegeven, b. v. voor maximum- en minimum schoolgeld.
In de nieuwe regeling der schoolgelden blijft plaats voor het gezinstarief, d.w.z. dat reductie wordt verleend wanneer meer kinderen uit een gezin één der scholen bezoeken, die onder de schoolgeldregeling vallen, met inbegrip van het hoger onderwijs.
Ook onder de bestaande regeling was er reductie, maar de nieuwe voorstellen bevatten enige verandering, A.1. :
a) Wanneer thans 2 of 3 kinderen schoolgaan (hierbij mag het kleuteronderwijs niet meetellen) wordt voor elk kind 25% reductie toegestaan en bij 4 en meer kinderen 50%. Dit was onbillijk want bij 3 kinderen betaalde men dan 225% en bij 4 kinderen 200%. Dus bij 3 kinderen. meer dan bij 4. Dit wordt nu zo geregeld : bij 2 kinderen 25% korting, bij 3 kinderen 40% en bij 4 en meer kinderen 50%.
Financieel nadelig is de nieuwe regeling voor de gemeenten, die tot dusverre de inkomsten uit de schoolgelden genoten. De gemeentekassen lijden een schade van + 20, 4 millioen gulden.
Ook zullen de bijzondere scholen voor M. O. en V. H. O. en 't lager landen tuinbouwonderwijs er schade van ondervinden, omdat bij deze scholen de besturen zelf de schoolgelden ontvingen. Deze schade wordt geschat op 9 millioen. De regering stelt voor, deze rond 30 millioen gulden uit de rijkskas in het gemeentefonds te storten en aldus de voor gemeente en sommige bijzondere scholen ontstane schade van rijkswege te vergoeden.
Ziedaar de hoofdzaak van de nieuwe voorgestelde regeling. We zijn zeer benieuwd naar de discussies hierover in de Kamer.
De bedoeling is, deze voorstellen te doen gelden vanaf 1 Sept. 1953. Maar eerst moeten ze tot wet verheven worden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1953
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1953
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's