De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Voor de rechten der plaatselijke Kerk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Voor de rechten der plaatselijke Kerk

6 minuten leestijd

Hoedemaker geestelijk leidsman van , , de Gereformeerden, , in de Hervormde Kerk na de doleantie, schrijft Haitjema (De richtingen, blz. 174).

Derhalve men behoort een echte geestverwant van Hoedemaker te zijn, en zo niet, dan ben je Kuyperiaans, en krijgt ternauwernood een plaats onder de Gereformeerden. Prof. Gunning stond daar althans minstens zo dicht bij, zo niet dichter, als wij Haitjema horen.

Hoe de oprichting van de Gereformeerde Bond door prof. Haitjema wordt beschreven ? , , De juridisch-confessionele geest van het secte-type zou op Hervormd-kerkelijke erve het hoofd weer opsteken en in 1906 tot afzonderlijke organisatie van deze groep leiden". (Blz. 174).

Om aan te tonen, dat de Gereformeerde Bond, een reactie van het , , sectetype" is tegenover de , , Katholieke", oecumenische tendenties van Hoedemaker's theologie, wordt prof. Gunning te hulp geroepen.

Gunning, die, dat kerkbegrip van Hoedemaker eschatologisch heeft , , verdiept en verrijkt". (Blz. 176).

Haitjema citeert als volgt: „Het leven der gelovigen hier op aarde met en in Christus moet „een beginnende opvaart zijn". , , De steun der Kerk, die met hare genademiddelen, met hare belijdenis, met hare tucht, met de kracht ener in God gegronde gemeenschap ons draagt is nodig om staande te blijven", n.l. in , , de beginnende opvaart", in de. strijd der heiliging, die voor de enkele alleen te zwaar is. (Blz. 176).

, , Het uitgangspunt van dit kerkbegrip", zo vervolgt prof. Haitjema, in God, in Christus, niet in wat wij over God of Christus geloven" en dan volgt de conclusie : ,,Deze laatste zienswijze verraadt, zegt Gunning nadrukkelijk, dat men tegen wil en dank het slachtoffer is geworden van het individualisme, al vecht men nog zo hartstochtelijk voor de onvoor waardelijke eerbiediging der objectieve kerkelijke belijdenis".

Prof. Haitjema beluistert in deze woorden een heel duidelijk verzet te gen „het kerkbegrip van het secte-type, dat hij Kuyper altijd had horen verde digen". Dan waagt hij de onderstelling, dat niet Gunning de geesten rijp heelt gemaakt voor de Gereformeerde Bond, zoals hij bij ds. van Grieken meent te lezen, maar, dat de Gereformeerde Bond is ontstaan mede uit reactie tegen Gunning's kerkherstel-ideaal na 1900". (Blz. 176).

Wij geloven zeer wel, dat de samen werking van Hoedemaker en Gunning vele gereformeerden heeft afgestoten. In onze dagen zien wij een parallel ver schijnsel, of zou prof. Haitjema niet menen, dat de kerkelijke coalitie der confessionelen met de vrijzinnigen oorzaak is geworden, dat confessionele voorgangers en leden in verlegenheid komen, protesteren en zich in verschillen de gevallen van de Confessionele Ver eniging reeds afkeerden ? Aan de andere kant is het gereformeerde volk niet zo onnozel om verwachting te hebben van ijdele idealen, of zich te laten afschrikken door het dogmatisme van kerktype en secte type, dat misschien voor anderen bepalend is voor hun kerkelijk-politieke houding. Want een dogmatisme is het, zoal niet van Troeltsch, dan toch van prof. Haitjema. Onder de indruk van Doperse en piëtistische verschijnselen, die inderdaad sectarisch mogen worden genoemd, heeft Troeltsch verwantschap menen te ontdekken in Calvinistische kring en gesproken van secte-type. Tegenover het Lutherse kerktype lijkt dat een aardige vinding. Op grond echter van verwantschap, welke men ontdekt tussen genoemde groepen en het gereformeerde geloofsleven, zoals men dat bij Calvijn getekend vindt, kan men maar niet concluderen tot een secte-type. Enigermate reageert dit ongelijk in het bewustzijn van prof. Haitjema zelf, want hij gebruikt de uitdrukking „kerk begrip van het secte-type". (Blz. 176).

Nog duidelijker treedt dit aan de dag, als men zou moeten concluderen, dat er tweeërlei gereformeerd kerkbegrip is n.l. een kerkbegrip van het kerktype en een kerkbegrip van het secte-type. Het eerste zou dan echt gereformeerd zijn en het tweede zou niet zo echt zijn. Als het er op aankomt, is het door Haitjema als echt gereformeerde aan geprezen kerktype meer Lutheraans dan gereformeerd en nader verwant aan Roomse opvattingen, dan aan die van Calvijn, hetwelk Haitjema zo gaarne de stempel secte-type opdrukt. De gereformeerde kerkbeschouwing geeft veel meer aandacht aan de plaatselijke gemeente als zelfstandige open baring van het Lichaam van Christus, terwijl aan het kerktype de Troeltsche gedachte van het ,,Rijk" ten grondslag ligt. Vandaar de nadruk aan de zijde harer aanhangers op het eenheidsinstituut, zodat zij desnoods een modaliteiten vergadering aanvaarden, als de uitwen dige eenheid maar gezien wordt. De gereformeerde kerkbeschouwing met de eerbiediging van de rechten der plaatselijke gemeente is dientengevolge presbyteriaal en heeft recht op de waardering van het presbyteriale kerktype, als men dan toch van een type wil spreken. Niet in de eerste plaats sectariërs, maar vooral scheurmakers, maken daar van gemakkelijk misbruik n.l. van het echt gereformeerde d.i. presbyteriale type. Sectariërs voelen gewoonlijk niet kerkelijk en hechten niet aan kerkelijke ambten en vormen. Men zie slechts een boekje over secten en stromingen in onze dagen in : Jehovah-getuigen, Hei ligen der laatste dagen, enz. In onze tijd horen wij weer van een secte van gebedsgenezingsbeoefenaren en ook het Leger des Heils b.v. valt onder de secten. Maar een groepje scheurmakers, die naar hun mening zuiver staan in de leer, misschien zuiverder dan anderen naar hun inzicht en gevoelen, is nog geen secte. Het kan een secte worden, maar het is een groep scheurmakers, die kerk je gaan spelen, of, zoals Calvijn het uit drukken zou, die zich kerk noemt, zon der het aanzien en de waardigheid der kerk te hebben. Nog eens de gereformeerde kerkbe schouwing, de eerbiediging van de plaatselijke kerk, het presbyteriale beginsel, kan dat kerkje spelen van scheurmakers wat vergemakkelijken, en de verdediger van het kerktype kan dit mogelijk aanwenden om dergelijke en andere consequenties, welke de echt gereformeerde kerkorde zou kunnen heb ben, te verhinderen, maar dan moet hij terwille van het eenheidsinstituut de binding aan de belijdenis afwijzen en een modaliteitenkerk voor goed nemen. Een en ander brengt vanzelf mede, dat het presbyteriale karakter niet tot zijn recht komt. De. huidige kerkorde geeft daarvan een typerend voorbeeld. Wij wijzen derhalve de waardering „secte-type" van de hand, als ten on rechte aan onze kerkbeschouwing door prof. Haitjema opgedrukt. Onze actie is positief gericht op een presbyteriale kerkorde, die niet krachteloos gemaakt wordt door een hiërarchie van raden en commissiën, die de rechten en bevoegd heden der grondvergaderingen aan zich trekken en aan een gereformeerd ker kelijk leven in de weg staan. 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 februari 1954

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Voor de rechten der plaatselijke Kerk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 februari 1954

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's