Aphorismen etc. III
Dicht bij huis en ver van huis
Nou je bij je eigen huis bent, nou durf je ; Kom eens bij mijn huis, dan zal ik je wel !"
Zeiden wij dat vroeger niet, toen wij nog jong waren en ruzie hadden?
Och ja, we waren allemaal dapper, maar het meest vlak bij de huisdeur, wanneer wij meteen naar binnen konden en wisten, dat vader of een ander een oogje in 't zeil hield. Bevonden wij ons evenwel ver van huis en zat de schrik er in, wij evenaarden de hazen in hun vlucht.
Zouden grote mensen zulke eigenschappen óok nog wel eens vertonen? Ik-denk aan Paulus, die het ons zelf vertelt in 2 Cor. 10 vs. 10, dat zijn vijanden, de dwaalleraren, van hem zeiden : , , Zijn brieven zijn sterk, maar zijn tegenwoordigheid is gering en zijn rede verachtelijk".
Dat was klinkklare laster, want Paulus heeft meerdere bewijzen van zijn durf gegeven. Hij sprak overal met vrijmoedigheid en wist zijn aanknopingspunten goed te vinden. Denk maar aan zijn rede op de Areopagus in Athene. (Hand. 17).
Maar zouden er toch geen mensen zijn in onze tijd, die dicht bij huis wel durven, maar ver van huis, dat wil zeggen : in het grote leven, zich muisstil houden of althans weinig te betekenen hebben? Ik denk bijvoorbeeld, aan de dominees. Als zij hun Ambt vervullen in de prediking des Woords of in de Bediening der heilige Sacramenten, dan zijn zij bij wijze van spreken dicht bij huis of zelfs , , in huis". De kerk en de preekstoel zijn hun toch zo eigen geworden. Het is als het ware hun terrein. Ze voelen zich daar dan ook thuis als geen ander.
Een gewone kerkganger zou er een hevige schrik van krijgen kunnen, wanneer hem gevraagd werd, onder de Dienst even iets te gaan zeggen aan domine op de kansel.
Maar deze is niet zo kinderachtig bang meer. Hij staat niet meer te klaptertanden van kanselkoorts. Kijk maar ! Wat hij een paar maanden geleden nog niet durfde, doet hij nu al heel aardig. Onvervaard kijkt hij door de hele kerk heen als 'n generaal, die kommandeert.
Zag u dat? Wat gaat hij al aardig aan het gesticuleren, niet?
Hoe vond u die geweldige, die gedurfde armzwaai?
Maar wat het voornaamste is : Hoe vindt u het Woord, dat hij laat horen? " 't Is geweldig, en dat zo'n jonge man nog ! Hij durft het toch maar te zeggen. Wat een ernst ! Dat wordt later vast nog een beroemde boetprediker.
Ja, lezers, dat is nu allemaal dicht bij huis of in huis.
Dat is nog eens echt heerlijk strijden ! Fijn preken midden onder onze geestverwanten. Onze vrienden zijn er getuigen van. We hanteren de vloek der Wet dat het „zo davert". En straks komt de bijval, het geestelijk applaus, met de toevoeging : , , Sla der maar op, domine, het kan nooit genoeg !"
Maar kom, jonge Boanerges, nu van de preekstoel af ! Een beetje vlug de kerk uit! Nu niet doen alsof u nog niet ophouden kunt en na de middenzang (of zonder middenzang) niet herhalen, wat ge al gezegd hebt.
Van de preekstoel af en de kerk uit, het leven in. Gij komt nu weer bij de mensen in huis of ge ziet ze op straat.
Wat zal het nu wezen? Durft gij nu óok? Denk er om : Nu zijn wij niet onder geestverwanten, maar onder mensen, die ons tegenspreken. In de kerk hadden wij alleen het woord. Zijn wij op tegenspraak ingesteld?
Als de mensen vragen : , , Wat u in de kerk gezegd hebt, meent u dat nu allemaal zo? " Wat doet u dan? Houdt u dan vol of schudt u uw hele boetepreek af?
Daar midden in het leven komt het er op aan, om in Gods kracht vol te houden, wat wij des Zondags verkondigden, wanneer dat tenminste de volle Waarheid was.
In de kerk voelden wij ons kerkelijk gedekt, niemand deed ons wat. Maar waren wij echte dienaren des Evangelies, dan leerden wij toch eerst vragen of Christus ons bovenal dekken wilde. En wanneer wij dat nu ook gedurig in de wereld en in het leven vragen : , , Heere, wil Gij ons hier dekken en bedekken !" dan komt alles terecht.
Dan zijn we ver van huis in letterlijke zin, maar toch geestelijk vlak bij Christus' Huis. Dan leren wij daar vechten met de rug tegen de Christusmuur, ja, tegen de Christusdeur. Hij trekt ons wel naar binnen als het tijd is. Maar onder Zijn hoede zijn we dan niet bang meer, maar wij durven !
Zó gaat het immers met ieder waar christen. Wat hij thuis heeft leren belijden of in de voorhoven zijns Gods, daar moet hij ook mee het huis uit, het leven in. De Christusbelijdenis is het waard. En voelt die mens zich wel eens van mensen alleen gelaten, blijf toch maar consequent in de Naam des Heeren !
Gij zijt dichter bij huis, dan gij denkt. En dat u dit af en toe troost en sterkt, dat is uw lafheid niet.
Neen, dat is juist uw kracht!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 februari 1954
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 februari 1954
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's