De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Onderwijs

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Onderwijs

7 minuten leestijd

VERDEELDHEID.

Het is wel eens gezegd, of liever 't is heel dikwijls als een argument gebruikt tegen het oprichten van een Chr. School, dat „al dat sectarische. onderwijs de bevolking in groepen of 'groepjes verdeelt" en dat er van een eensgezind Nederlands volk geen sprake meer is. Dit lijkt heel wat, maar ik meen, dat het toch zó niet is. De schoolverschillen zijn niet de oorzaak, maar veeleer het gevolg van het feit, dat nu eenmaal niet iedereen gelijk denkt. Er zijn mensen, die menen dat alle religie voor het kind uit den boze is. Daar moet je bij kinderen nog niet mee aankomen. Eigenlijk zo meent een grote groep, ook bij volwassenen niet. maar bij kinderen zeker niet.

Dat zijn de mensen die graag schermen met het woord neutraliteit, terwijl ze vergeten dat wie z.g. neutraal is, in wezen anti-religieus is. Men mag dan misschien zich niet verzetten tegen het doceren van godsdienstwetenschap b.v. op de middelbare scholen, maar doe vooral geen keuze ! Vandaar dat voor het Evangelie der genade in Christus geen plaats is en evenmin voor het stellen van andere leervakken onder het licht van het Woord Gods.

Wie echter ten diepste overtuigd is van de waardij der Heilige Schrift en daaruit leeft, die kan hiermede geen vrede hebben, maar zoekt bij onderwijs en opvoeding zijner kinderen naar positieve waarden. Die kiest een school, waar het Woord Gods zijn vrije loop mag hebben en als zulk een school er niet is, dan zoekt hij met geestverwanten er een op te richten. Daarvoor hebben onze vaderen in een 80-jarige schoolstrijd alles overgehad, ook toen er nog geen cent overheidssubsidie aan verbonden was, maar alles uit eigen beurs moest betaald worden met bovendien nog het mede onderhoud van de door Rijk en Gemeente gestichte openbare scholen.

Dit laatste was onrecht en is in 1920, tenminste voor het Lager Onderwijs, geheel vervallen. Daarmede kwam een einde aan de schoolstrijd, voor. zover deze zich bewoog op het vlak der verhoudingen ten opzichte van de overheidskassen.

Het zou echter te veel gezegd zijn, als we zeiden, dat hiermede nu een einde was gekomen aan de schoolstrijd in zijn geheel. Zeker is dit niet waar waar het geldt de paedagogische verschillen tussen Openbaar en Bijz. Onderwijs en ook op het vlak van de kerkelijke verschillen.

Er zijn immers in ons land heel wat kerkelijke gezindten, die zo langzamerhand hun eigen scholen hebben gekregen. Om enkele te noemen. De school voor C.V.O., die we in de regel tot de Herv. Scholen rekenen. Maar niet alle scholen van Herv. karakter kunnen zich vinden in C.V.O. Vandaar, dat er ook scholen zijn, die Hervormd kunnen genoemd worden op Geref. Grondslag. Deze scholen brengen de verdeeldheid niet, maar zijn een gevolg hiervan, dat binnen de kring der Herv. Kerk de voorstanders van Prot. Chr. Onderwijs over verschillende religieuse en paedagogische vragen heel anders denken. Dit is soms zo sterk, dat de mensen van C.V.O. en Herv. (Geref.) School in dezelfde gemeente niet als een Herv. School erkenden, hoewel al de bestuursleden lidmaten der Herv. Kerk waren en het hele personeel, 14 leerkrachten sterk, eveneens tot de Herv. Kerk behoorden. Een Hervormd predikant was bovendien voorzitter, 2 bestuursleden ouderling, 2 diaken, het Hoofd der School eveneens ouderling en later kerkvoogd. Het verschil lag niet in het al of niet Hervormd zijn, maar het ging om het principe.

Datzelfde heeft ook de scheiding gebracht in de Vereniging voor Chr. Nat. S., waarin samenwerking bestond tussen personen van diverse kerkelijke groepen, levende uit dezelfde principiële overtuiging. Ook thans nog zijn er heel wat scholen voor C.N.S. Vooral op kleinere plaatsen, waar geen ruimte is voor twee Chr. Scholen, kan men dit schooltype aantreffen en m.i. geheel ad rem. Met grote voorzichtigheid en wijs beleid dienen de statuten te worden opgesteld waarbij vooral de kerkelijke gescheidenheid nog wel eens parten kan spelen. Er zijn echter voorbeelden te over, om te bewijzen, dat samenwerking mogelijk is en een nauwkeurig geregeld en schriftelijk vastgelegd accoord heel wat moeilijkheden kan voorkomen.

Ook kennen we reeds jaren de Vereniging voor G. S. en de scholen van de Geref. Gemeenten. Ook de groep van de Geref. Kerken onderhoudende art. 31 der Kerkenordening, zijn begonnen hun eigen scholen op te richten.

Als we dit zo heel kalm en zakelijk neerschrijven blijkt toch wel duidelijk, dat hier de scholen de verdeeldheid niet te weeg brachten, maar dat uit de innerlijke overtuiging der verschillende kerkelijke groepen de scholen van diverse richtingen werden geboren.

Vooral in de grotere wooncentra is voor al deze groepen ook plaats genoeg. Dwergschooltjes behoeven daar niet te ontstaan.

En als ze nu eerlijk tegenover elkander staan, en dat moet toch kunnen, behoeven ze elkander ook niet te beconcurreren door te trachten elkander vliegen af te vangen, wat helaas nog wel eens voorkomt. De oorzaak is dikwijls, dat men voor een bepaalde teldatum net nog een paar leerlingen te kort komt en die van een andere school probeert los te maken. Het gevolg is een slechte verhouding en wantrouwen jegens elkander.

Het behoeft overigens niemand te verwonderen, dat iedere groep zijn eigen school wil hebben, als dit in de wettelijke wegen mogelijk is. Kan men dan als personeel ook nog leerkrachten vinden, die uit hetzelfde geestelijke klimaafvoortkomen, dan heeft men wel de meest mogelijke kans, dat het school­ leven zich ten nauwste aansluit aan het gezinsleven, waaruit de leerlingen voorkomen. Conflicten tussen gezin en school zullen dan zelden ontstaan of het moest zijn uit andere grond dan dogma­tische en ethische verschillen. Het is daarmede ook duidelijk dat ook in ons blad, ook door mij, herhaaldelijk is gewezen op de noodzakelijkheid van meer Hervormde onderwijzers en onderwijzeressen, die goed Hervormd zijn en staan op de bodem der Gereformeerde Belijdenis.

Dit is heus geen gevolg van een streven om verdeeldheid te zaaien, maar wel om de school te doen leven uit dezelfde, beginselen als die welke ook in het gezin gelden en waardoor ook het kerkelijk leven naar de overtuiging der ouders van Gereformeerd belijden dient te worden beheerst.

Ik voor mij persoonlijk voel het meeste voor een school met een bepaald kerkelijk cachet van een bepaalde richting. Jarenlang ben ik werkzaam geweest aan een , , gemengde school" waar de samenwerking tamelijk goed was geregeld, maar waar je toch nog wel eens in kerkelijke conflicten verzeild raakte. In 't bijzonder herinner ik me een kerkgeschiedenisles aan één der hoogste klassen van de U.L.O.

Wat ik daarover zoal gezegd heb, weet ik niet precies meer, maar wel weet ik, dat er heel wat stof over is opgewaaid en dat het tenslotte aan de wijsheid van de voorzitter was te danken (een man die eigenlijk bij geen enkele kerkelijke gemeenschap behoorde) dat alles nog goed afliep. Als u weet, dat de kerkgeschiedenis van de 19de eeuw, met afscheiding en doleantie aan de orde waren, kunt ge u misschien wel voorstellen waar het over ging. Ik had naar mijn mening de zaken nogal objectief voorgesteld en de wederzijdse standpunten ook wat de kerkelijke eigendommen betreft naar m'n beste weten voorgesteld, maar 't schijnt dat ik toch wat eenzijdig ben geweest. Tenminste dat werd me verweten.

Bij een school met een bepaald kerkelijk karakter en eigen principe zal je zoiets niet zo gauw overkomen.

Op Woensdag 31 Maart zal er D.V. een landelijke vergadering zijn in Utrecht in 't hotel Terminus, Stationsplein 3, om half drie.

't Onderwerp is : DE CHR. KWEEK­ SCHOOL OP DE VELUWE.

Alle voorstanders van de opleiding van Hervormde (Geref.). onderwijzers worden dringend uitgenodigd deze vergadering bij te. wonen.

De volgende heren zullen elk een kort woord spreken : Ds. J. van Sliedregt: Opening. Prof. dr. J. Severijn : Gezin en School; C. Vermaas : Onderwijzer en school; G. Verheul : Onze acfie.

Nu de zaak voortgang heeft is het duidelijk, dat al onze mensen er aan meewerken en in elk geval zich op de hoogte stellen. Predikanten, hoofden, onderwijzend personeel, bestuursleden, ouders enz. enz., zowel dames als heren !

Laten velen er eens een middag uitbreken. In 't belang van een eigen opleiding, in 't belang van onze kinderen, uit liefde tot onze Gereformeerde beginselen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 maart 1954

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Onderwijs

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 maart 1954

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's