„Mijn Heere....”
Mijn Heere, Heere, wil mijn laatste levensjaren verheerlijken door Uw genadeglans; zoals — wanneer bij 't dalen van de avond — de wijde hemel gloeit van trans tot trans.
Want — héél mijn leven zie ik overspannen door d' éne kleurenboog van Uwe trouw. Ook dan als Gij, 'lijk tarwe, mij woudt wannen, of mij deedt wenen in een laat berouw.
Heb dank, mijn Heiland, voor de vreugd en glorie, waarmee Ge op déze dag zo mild m' omstraalt!
En dat ik delen mag in de victorie, die Gij voor al de Uwen hebt behaald.
Zelfs, aan mijn zonden kwelt mij geen memorie, zó rijk hebt Gij voor mij 't rantsoen betaald.
Paaszondag '54.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 juni 1954
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 juni 1954
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's