Onderwijs
Frankiijk (III).
In Frankrijk is het openlijk uitgesproken en neergeschreven, dat het ideaal der Staatsschool was : het atheïsme. Dit is begrijpelijk, als men weet, dat het grootste deel der ouders van de leerlingen der Staatsschool zelve hun kracht zoeken in de ontkenning. In het loochenen van God en Zijn Christus. Zó is het veelszins met de neutraliteit. Immers de papieren voorschriften houden er geen rekening mee dat de man of vrouw voor de klas van de grootste, van de allergrootste betekenis is. En dat bij alle onderwijs een mens met een eigen levens- en wereldbeschouwing de leiding heeft, die, bij welke voorschriften dan ook, zichzelf niet kan verloochenen, 't Sterkst komt dit uit bij leervakken als lezen, geschiedenis, aardrijkskunde, natuurkunde, zingen, maar ook bij andere ; er komt toch altijd iets van de levensbeschouwing van de opvoeder voor de dag. Neutraliteit is onmogelijk. Men wil dit b.v. bereiken door te zwijgen over de oorsprong der schepping en over de oorsprong van ons eigen leven, over de zin en over het doel daarvan. Laat staan dat men zou spreken over zonde en genade. Over Christus en Zijn kruis. Met dit zwijgen eerbiedigt men de mening der ouders, die uit de negatie leven. Dat er echter ook ouders zijn, die wél zouden willen dat hierover positief gesproken wordt, daarmede houdt men geen rekening, 't Is dus neutraal om er over te zwijgen en aldus God te loochenen. Zo eerbiedigt men de beginselen der strikt ongelovige ouders en men noemt dit eerbiediging van het recht der gewetensvrijheid. Maar dan zal men toch ook het recht der ouders, die een positieve geloofsovertuiging hebben, moeten erkennen. Immers het recht, dat men voor zichzelf opeist, moet men óok anderen niet onthouden. Dit alles op dezelfde school. Mij dunkt, dit is onmogelijk. Geen wonder, dat de kentering komt.
Zeer vele Protestantse ouders houden nog vast aan de Staatsschool: Maar anderen gaan inzien, dat de daar geproclameerde neutraliteit een verloochening inhoudt van God en Zijn woord en Zijn dienst. Bij hen begint te groeien de idee van een vrije Protestantse school, van positieve belijdenis.
Tegelijk gaan hier en daar ook de ogen open, zelfs bij leidende persoonlijkheden, voor het recht der ouders, om scholen te hebben en onderwijzers naar hun eigen geloofsovertuiging. En deze scholen moeten niet alleen door de Staat worden erkend, maar ook tinanciëel mogelijk gemaakt worden, op gelijke voet als de Staatsschool.
Of dit zo gemakkelijk zal bereikt worden, is een tweede vraag. Het atheïsme is niet erg verdraagzaam. Zou het toch moeten zijn, zelfs de leuze der revolutie spreekt van liberté en égalité, van vrijheid en gelijkheid. We zien echter zo dikwijls, dat de vrijheid, die men voor zich opeist daarmee nog niet aan andersdenkenden gegund wordt. De politieke toestand in Frankrijk is verward. De elkander in snel tempo opvolgende regeringen waarborgen maar heel slecht een stevig buitenlands en binnenlands beleid. Daarom verwachten we voorlopig nog niet de algehele oplossing van de schoolstrijd. Maar wel is het verblijdend, dat er een ontwaken komt en een verlangen naar positief beleven van positief belijden bij sommige Protestanten.
Wij voor ons zouden het een zegen achten, als ook in Frankrijk het woord van Da Costa in vervulling kon gaan :
Bouwt scholen, waar het Evangeliezout Van on- en bijgeloof een dierbre jeugd behoudt.
Ook voor Frankrijk dient een oplossing van de schoolkwestie gevonden te worden, zoals die sinds 1920 hier in ons land gevonden is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 juli 1954
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 juli 1954
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's