De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

CHRISTELIJK HUMANISME

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

CHRISTELIJK HUMANISME

9 minuten leestijd

Wij gebruikten deze uitdrukking in het vorig artikeltje over de vrouw in het ambt.

Zelfs in de reformatorische tijd was het streven naar een synthese tussen Christendom en Humanisme niet onbekend. En dat behoeft niemand te verwonderen, die enigszins op de hoogte is met de betekenis van de twee grote R's, , de Reformatie en de Renaissance, en haar ontwikkeling.

Beide zijn uit de Middeleeuwse samenleving voortgekomen. Van beiden 'kan gezegd worden, dat zij geen nieuwe strevingen of bewegingen vertegenwoordigen. Dat kunt ge reeds aan de woorden Reformatie en Renaissance opmerken. Het woord Reformatie wijst op een opnieuw formeren, Renaissance betekent wedergeboorte en ziet alzo ook op een streven dat aanwezig was, maar- opnieuw moest ontvlammen.

De Reformatie reformeerde het Christelijk geloof. Zij greep op de oude kerk en haar belijdenis terug. De Twaalf Artikelen namen een belangrijke plaats in. Men denke aan het belangrijkste theologische werk, dat de Reformatie heeft voortgebracht in die dagen n.l. de Institutie van Calvijn, die op de Twaalf Artikelen is opgebouwd.

Terug naar de zuiverheid van het algemeen ongetwijfeld Christelijk geloof. Dat betekende ook reformatie van het kerkelijk leven, en deze reformatie droeg het karakter van ontroomslng, wij bedoelen, het wegnemen van de Roomse cultus niet alleen, maar vooral ook van de Roomse leer, zoals die bijzonder uitkomt in de mis en in de leer der goede werken.

Vandaar het sola tide, het geloof alleen !

De geschiedenis van de Reformatie (en ook van de Renaissance) is echter niet zo heel eenvoudig. De Christelijke kerk is niet in èèn dag verroomst, maar dat is een langdurig proces geweest. De Roomse kerk is ook niet in èèn dag vervallen, , of ontdekt aan haar valse leer en gebruiken. Ook dat is een geschiedenis van eeuwen. Denk maar eens aan Huss, een reformatorische geest vóór de Reformatie. En die zijn er meer geweest, ook zonder de martelaarsdood te hebben gevonden.

Ook het Roomse leersysteem heeft zijn tijd van groei nodig gehad en heeft zijn schoonste gestalte verkregen bij Thomas van Aquino. En dat het geen ééndagsvlieg gelijk is, bewijst het feit, dat het nog altijd het Roomse theologische denken beheerst.

Het spreekt echter van zelf, al denkt men er niet altijd om, dat de barsten en scheuren in dat Roomse systeem ook van binnen uit zijn begonnen. Het absolutisme van Rome beheerste toch heel het leven, niet alleen kerkelijk, maar ook weieldlijk. De Roomse kerk strekte nu eenmaal haar vleugels uit over het gehele leven en niet alleen haar vleugels, maar ook haar gezag.

De Middeleeuwse stad met haar kathedralen en kerken, met haar kloosters en orden, met haar fraterscholen .en gilden, toont daarvan een imposant beeld.

Koningen en keizers werden door de Paus gekroond.

Er kan geen sprake van zijn in een weekartikeltje te schetsen, welke invloeden en krachten gewerkt hebben, welke feiten van beslissende en doorbrekejide betekenis zijn geweest in de geschiedenis van het verval der Roomse kerk en de bege-erte naar reformatie, hoezeer het ook alles waard is bestudeerd te worden. Die invloeden en krachten zijn zeer verschillend geweest. Wijsgerige beschouwingen kwamen op, die de grondslagen van het gebouw der Roomse leer zouden ondermijnen en de zekerheid verstoren. Naarmate zij doordrongen in de kringen van geleerden en ongeleerden ging de overgeleverde zekerheid verloren en maakte twijfelzucht en onverschilligheid zich van de mensen meester. Anderen zochten naar nieuwe vastigheden in het leven.

Voorts naarmate deze verschijnselen in ernst en omvang toenamen, boette, uiteraard ook het kerkelijk leergezag aan betekenis in en werden de Roomse banden gevoeld als vrijheidsbelemmering. In ieder geval begon allengs een sterke vrijheidszin te heersen, welke niet weinig werd aangevuurd door een reeds van nieuwe ontdekkingen als de weg naar Indië over zee, en zelfs van onbekende werelddelen. De kennis werd uitgebreid en de gezichtseinder verruimde zich, zodat men in een geheel andere wereld kwam. Een en ander had ook zijn terugslag op de wetenschap, terwijl belangrijke uitvindingen de mens te hulp kwamen om zijn machtsgebied uit te breiden.

Maar, zoals gezegd, wij kunnen dat in dit bestek niet alles nauwkeurig behandelen.

Hoe kwam nu de aanzwellende geest der Reformatie de zoekers naar een nieuwe vastigheid en zielerust in dit bewogen tijden te hulp ? Mannen, als de , , Broeders des gemenen levens" waren reeds sedert de stichting van hun orde omstreeks het midden van de veertiende eeuw bezig met het evangelie onder de mensen te prediken. Men weet, dat de Roomse kerk zich niet veel inspande om de Schrift onder de mensen te brengen. Integendeel. Reeds daarom alleen in het werk van de zo even genoemde Broeders van grote betekenis geweest om de Schrift weer dichter bij de mensen te brengen. En zo waren er meer uitingen van een vroomheid, die uitdrukking gaf aan de behoefte in de zielen van velen. Wij noemen het bekende boekje van Thomas van Kempen, , , De navolging van Christus", dat nog altijd lezers vindt en ook waard is gelezen te worden.

Uit dit alles kan men zien, dat een nieuwe geest bezig was zich een weg te banen en, toen dan ook Luther in in 1517 te Wittenberg tot zijn grote daad kwam en o.a. 5 stellingen tegen de Roomse Kerk en haar leer aanplakte, werd hij vaardig over de menigte. Alleen door genade, alleen door het geloof, zo weerklonk het door de wereld en zo vatte het post in de harten. Of eigenlijk andersom. Omdat het geloof post vatte in de harten, ging het de wereld door. Men kan er wel bijvoegen : , , Alleen de Heilige Schrift", want de nieuwe leer putte uit de Schrift en wilde van geen ander gezag in de dingen des geloofs weten. In de Schrift had men de gewenste zekerheid gevonden. In het geloof der Schriften ontdekte men zijn zaligheid. Het geloof der Schrift werd herontdekt als de enige weg, als de vastigheid en de hope, die niet beschaamt tot in eeuwigheid. Dit geloof bracht de begeerde vrijheid en waakte daarover, zodat het de overwinning betekende uit de crisis van die tijd. Het geloof overwint de wereld.

Maar nu blijft dat ook zo. Het Reformatorisch geloof is Schriftgeloof, . d.w.z. het ontvangt de Heilige Schrift als Gods Woord., Er is bovendien geen enkele reden, waarom het waarachtig Christelijk geloof ook in deze tijd niet volkomen hetzelfde zal zijn als in de Oudchristelijke kerk en in de Reformatie. Het geloof in de Christus der Schriften blijft zichzelf in alle eeuwen gelijk, omdat Christus dezelfde is, gistereri en heden en tot in eeuwigheid.

Men noemt dat tegenwoordig , , fundamentalisme", een woord, dat voor de schriftgelovigen langzamerhand een onderscheiding neigt te worden, welke vergeleken kan worden met het woord , , geus".

De Renaissance draagt een geheel ander karakter. Ook zij zocht naar een vaste grond en werd gedreven door een zucht naar vrijheid. Zij richtte het oog echter op de Griekse oudheid en op de Romeinse keizertijd. Haar stond de schoonheid van de klassieke letteren en kunst voor ogen en het ideaal van de volkomen mens. Aanvankelijk hield men zich daarmede bezig als ware het een verheven spel van gratie en schoonheid, maar de uitbrekende crisis maakte het spel tot ernst. De geest van het humanisme werd wakker en terwijl deze niet minder dan het ontwakend christelijk geloof afkeer vertoonde van de Roomse leer en practijk, ja, deze, soms scherp hekelde, dreef deze toch in een geheel andere richting en het streven naar hernieuwing van het klassieke heidendom roerde zich onder het masker van de studie der schone kunsten en letteren.

Naar de mens gesproken, waren in de beroering van deze crisistijd de resten van Christelijke cultuur ten offer gevallen aan- een nieuwe phase van het oude heidendom, zo de Reformatie dit niet had verhinderd, althans voor een tijd.

De geschiedenis heeft echter geleerd dat de geest van het humanisme, zij het in langzamer tempo, zowel in als buiten de kerk zou doorwerken en de heerschappij van het Christelijk geloof in de saamleving voor een goed deel zou terug dringen. Wat anders toch wordt tot uitdrukking gebracht, als wij van ontkerstening spreken, dan het verschijnsel van een steeds veldwinnend humanisme en zijn gevolgen ? Zelfs in de kring van hen, die eer het humanisme toevallen dan het Christelijk geloof der Schrift, wordt soms met enige huivering gewag gemaakt van de toenemende ontkerstening.

Dezulken willen wel een vorm van Christendom bevorderen, indien zij hun humanisme maar niet behoeven prijs te geven.

Het behoeft niet gezegd, dat zulk e.en compromis voor de Christus, die ons in de Evangeliën wordt voorgesteld, niet bestaan kan.

Edoch, óok in de kerk worden mensen, gevonden, die in zulk een compromis verstrikt, tegelijkertijd de kerk en de wereld willen behouden, zij het ten koste van de meest fundamentele stukken van het Christelijk geloof. Zij willen de humanist tegemoet treden en schijnen niet in te zien, dat zij de gemeenschap met de ware kerk daarmede prijsgeven. Zulk een Christelijk humanisme schijnt men ook bij de dominerende groepen in de Hervormde Kerk onder de nieuwe kerkorde na te streven. Vandaar, dat men niet mag spreken over de antithese tussen kerk en wereld, wijl deze uit de aard der zaak zulk een mengeling niet toelaat.

En de Schrift zelf ?

Laat de Christus der Schriften zulk een mengeling toe, die zegt, dat niemand twee heren kan dienen ? Of wilt gij nog scherper, die zegt : , , Ik bid niet voor de wereld" ? (Joh. 17 vs. 9). Trouwens heel dit hoofdstuk is één getuigenis tegen zulk een bedrijf en daarmede is heus de Schrift niet uitgeput.

Of dat dan niet afdoende is ?

Ja, dat zou het zijn, als men op de bodem van het Christelijk Schriftgeloof stond, maar daar schuilt juist de kwaal. Van dat Schriftgeloof wil het humanisme niet weten. Voor zover het godsdienstig wil zijn, kan het zich niet vinden in de allervoornaamste stukken der Christelijke leer. Het wil zelfs van een leer niets weten. Vandaar, dat het zich geheel vrij stelt tegenover de Heilige Schrift.

Die nu een Christelijk humanisme zoekt, moet beginnen met zulke tegemoetkomingen. Hij moet het Christelijk Schriftgeloof van meet af prijsgeven en zijn toevlucht nemen tot de resultaten van een z.g. wetenschappelijk Schriftonderzoek, dat van de humanistische geest doortrokken is.

Het is duidelijk, dat een dergelijk streven noch tot kerkherstel, noch tot kerkopbouw kan dienstig zijn, en de opbloei van gezond kerkelijk leven in de weg staat.

Het individualisme viert hoogtij. Een ieder geloof naar eigen goeddunken. Kerkelijke leer en kerkelijk recht worden mishandeld en misbruikt. Als in de dagen van Israels verval, doet een iege­lijk, wat goed is in zijn ogen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juli 1954

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

CHRISTELIJK HUMANISME

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juli 1954

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's