Hervorming
31 October, de gedenkdag van de Hervorming of eigenlijk van Luther's daad. Hij immers sloeg op de laatste dag van de maand October van het jaar 1517 zijn 95 stellingen aan de deur van de Slotkerk te Wittenberg.
Dit is het beslissende moment geweest. Het werkte als een sein, alsof er op werd gewacht. Want, hoe plotseling het reformatorisch leven scheen los te breken, als wij het zo eens mogen uitdrukken, de geest van de reformatie was reeds langer werkzaam.
Wij kennen de geschiedenis van Johannes Huss, die de martelaarsdood stierf, (1415). Deze Huss was een geestverwant van Wiclif, één van de voorlopers der Hervorming in Engeland.
Daarmede is reeds aangetoond, dat wat wij zo even als de geest der reformatie hebben aangeduid, meer dan een eeuw vóór de beroemde daad van Luther hier en daar tot openbaring kwam.
Het verzet ging tegen de aflaat en tegen de pauselijke macht, doch dat is slechts de negatieve zijde der zaak. Dit verzet zelf kwam op uit de levende aanraking met de Heilige Schrift. Zoals men weet, werd het volk onder de voogdij der geestelijkheid, hoe langer zo meer vervreemd van de Heilige Schrift, terwijl het sacrament op de voorgrond werd geschoven.
Toch was de Schriftstudie in zekere geestelijke kringen nog niet ganselijk vergeten, en zelfs werd nog een practische vroomheid gevonden, die tot de kennis van de Heilige Schrift onder het volk heeft bijgedragen. Wij noemen de , , Broederschap des gemeenen levens", die, opgericht omstreeks het midden der veertiende eeuw (1350), zich beijverde in Schriftonderzoek, onderwijs, prediking, verspreiding van boeken. Uit deze broederschap zijn mannen voortgekomen, die, hoewel nog geen hervormers, toch onder de voorlopers der hervormers mogen worden gerekend, zoals b.v. Wessel Gansfort.
Niet tevergeefs heeft Calvijn gezegd dat God ook onder het Pausdom nog Zijn kerk heeft bewaard. Hij wil daarmede niet zeggen, dat het Roomse geloof zaligmakend is, maar, dat er ondanks alle mistoestanden toch altijd nog waarachtig gelovigen zijn geweest.
Het is juist die kerk, welke God onder het Pausdom heeft bewaard, die geen vrede kon hebben met leringen en wantoestanden, die zo geheel en al tegen het waarachtig geloof indruisten als de aflaat en het Pausdom zelf.
En het is ook van grote betekenis, dit goed voor ogen te houden, want als de Heere onder het Pausdom Zijn kerk niet zou hebben bewaard, waar zou dan de kerk der Reformatie vandaan gekomen zijn ?
Wat recht zouden wij ook hebben, om van Reformatie te spreken, indien dat niet zo ware ?
Doch nu is het zó, dat de oude Christelijke kerk, laten wij zeggen de kerk der apostelen, allengs is vervallen en alzo werd verduisterd, als dat onder het Pausdom is geschied. Maar die vervallen kerk was toch de oude kerk, wier geloof de wereld heeft overwonnen. Zij is de kerk der apostelen, doch zij is ontrouw geworden aan de leer der apostelen. Ontrouw aan het Woord des Heeren.
Hoe zij nu is opgestaan uit haar ingezonken toestand ?
Hierop is maar één antwoord. De kerk kan slechts opstaan, uit haar verval door dezelfde kracht, waaruit de kerk leeft, n.l. door het Woord en de Geest.
Zo is het ook met de Hervormde Kerk, die, ook een kerk in verval, daaruit niet kan opstaan, tenzij zij haar eigen leven weer terug vindt door de kracht van Woord en Geest. Wij geloven, dat God ook in onze gevallen Hervormde Kerk nog altijd Zijn kerk heeft bewaard. En wij hopen, dat dezelfde Geest, die in de vervallen Roomse Kerk nieuw leven deed ontwaken, óok in de Hervormde Kerk Zijn levenwekkende kracht wil gebieden.
Aangezien derhalve het nieuwe leven, dat God door Zijn Geest aan de toenmalige Roomse Kerk heeft geschonken, die kerk uit haar verval deed opstaan, is het een geheel verkeerde voorstelling, welke altijd nog biji mensen leeft, dat de Reformatoren zijn afgescheiden van de Roomse Kerk.
Dat is immers niet het geval. Wel is de Reformatie plaatselijk hier en daar, waar zij nog zwevende of onbeslist bleef, tot heerschappij gekomen, omdat de Overheden der stad omgingen. Dit verandert echter niets aan het feit, dat de kerk, die Rooms was en onder het Pausdom, brak met haar valse leer en dienst en met de heerschappij van Paus en geestelijkheid, om weer een gestalte, aan te nemen, die met haar wezen overeenkomt.
Van afscheiding der Reformatoren en hun aanhangers is geen sprake. Waar de nieuwe leer genoegzame ingang had gevonden, schudde de kerk haar Roomse leer en gestalte af, en begon een nieuw leven naar het voorbeeld der oude Christelijke kerk.
Het is dus veel meer in overeenstemming met de werkelijkheid, dat de mensen, die Rooms wensten te blijven, in plaatsen, die omgingen en waar zij in de minderheid bleven, genoopt waren een goed heenkomen te zoeken; Zij scheidden zich niet af, maar stonden buiten de kerk, die de hervorming ter hand nam en dus gereformeerde kerk werd.
Dat kan ook met de Hervormde Kerk gebeuren. Ook zij kan door God begenadigd worden en tot een krachtige reformatie worden wakker geroepen. Wij mogen hopen en bidden, dat het ons gegeven worde. En, omdat wij ook in dit opzicht ploegen op hope, gaan wij niet heen, maar blijven in de kerk, zolang als het maar enigszins mogelijk is. Van afscheiding hebben wij trouwens geen verwachting en de vruchten, die daarvan gezien worden, zijn niet van die aard, dat zulks aanbeveling zou verdienen en tot navolging uitnodigen. Veeleer betreuren wij het, dat er telkens weer gemakzuchtige en dweepzieke mensen zijn, die zichzelf en anderen diets maken, dat het Gods wil zou zijn, dat zij weglopen om allerlei oorzaak en een eigen kerkje gaan op richten of helpen oprichten. Dezulken kunnen ook nog eenvoudige mensen, die God vrezen, misleiden en meetronen met hun vroom klinkende woorden. De hervorming leert, hoe diep een kerk kan wegzinken en toch nog tot nieuwe openbaring komen. En zoals de Hervormers teruggrepen op de oude Christelijke kerk en haar belijdenis, zo geloven wij, dat ook de Hervormde Kerk, als zij waarlijk gaat reformeren, weer terug zal grijpen op de reformatie en haar belijdenis. Als dat gebeurt, komen ook de afgescheidene kerken op hun dwaling terug en zullen degenen, die een andere leer dan de Bijbelse begeren, althans in de kerk niet langer de plaats der legitieme belijders innemen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 november 1954
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 november 1954
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's