EENHEID
II.
Maar als nu op de Openbare School vanwege de kerk „godsdienstonderwijs" gegeven wordt ? Dan kan men toch de eenheid bewaren. Dan kunnen toch allen hun kinderen er heen sturen en is er geen splitsing nodig ? Ik kan het ten zeerste waarderen, dat tegenwoordig op heel wat gemeente-scholen in de hogere klassen godsdienstonderwijs wordt gegeven en ik zeg er onmiddellijk bij, dat degenen, die dit doen, geen gemakkelijke taak hebben. Toch is dit niet, wat een groot deel van ons Christenvolk vraagt. Trouwens, dit hebben verschillenden ook wel aangevoeld. Zij ijveren nu er voor, dat de klasseonderwijzer zelf dit bijbelonderwijs geeft, dan kan hij ook de overige leervakken daarbij aansluiten, zo b.v. bij het zingen, 'bij Geschiedenis, bij Aardrijkskunde. Maar ik vraag mij ten eerste af, hoeveel onderwijzers aan de gemeente-scholen daartoe bekwaam en bereid zijn. En ten tweede, hoe ze dit in overeenstemming brengen met de nog altijd bestaande neutraliteitsclausule. Men moet namelijk niet vergeten, dat het godsdienstonderwijs niet door alle leerlingen behoeft te worden gevolgd, terwijl de overige vakken natuurlijk wel verplicht zijn.
Waar blijft de eenheid, als op dezelfde Openbare School sommige leerlingen 1 uur per week godsdienstonderwijs ontvangen van een rechtzinnig predikant en andere van een vrijzinnig voorganger, terwijl een derde groep bij geen van beiden wil komen. Of, zoals ik een school ken, waar de rechtzinnige plaatselijke predikant op school komt en z'n , , wat minder rechtzinnige" collega van de , , evangelisatie" eveneens ?
Is dat dan eenheid ? Of is dat niet veeleer de accentuering van het feit, dat de verdeeldheid er eenmaal is. Helaas dikwijls ook op ondergeschikte punten. Maar in 't algemeen gesproken toch hoofdzakelijk over de diepste levenswaarden van opvoeding en onderwijs.
Men heeft me op een officiële vergadering eens geantwoord, dat het toch al heel weinig, of liever helemaal geen verschil maakt, of een vrijzinnige of een rechtzinnige aan de kinderen Bijbelse Geschiedenis vertelt. Natuurlijk ging ik daarmede niet accoord, en duizenden ouders met mij evenmin. Ook voor de jeugd gaat het om de hoogste dingen ön de vraag , , wat dunkt u van de Christus", kan men ook voor kinderen van 12—14 jaar (voor jongere trouwens ook niet) toch maar niet zó omzeilen en nog minder voor allen bevredigend oplossen. Dan kan het toch niet anders of , men moet uiteengaan.
Laatst was er (en is er nu nog) een kwestie aanhangig, die nog weer eens duidelijk één en ander illustreert, 't Ging over een bestaande openbare school voor B.L.O. voor kinderen met bepaalde lichamelijke afwijkingen in één onzer grote steden. Van Hervormde zijde wilde men hier naast een Christelijke school oprichten, voor dezelfde soort kinderen, een streekschool voor een belangrijk deel van de provincie. Het Rijk had reeds z'n medewerking toegezegd, maar de betreffende gemeentelijke instantie had negatief geadviseerd. En dit negatieve advies werd ook nog verdedigd door mensen van het Bijzonder Onderwijs. Waarom ? Omdat het zo goed ging op die school en waarom moest nu die eenheid daar verscheurd worden. Van andere zijde werd de zaak zó gesteld, dat we hier, ook krachtens de onderwijspacificatie het recht van de ouders toch moeten erkennen en dat we er ook Wel rekening mee mogen houden, dat van officiëel-kerkelijk-Hervormde-zijde de noodzakelijkheid van deze zaak werd ingezien en bepleit. Maar, zo was het antwoord : Als daar nu godsdienstonderwijs wordt gegeven op school en als nu het Hoofd ook kerkelijk meelevend is en ook nog z'n personeel, zou het dan niet onverantwoordelijk zijn, om de eenheid te verbreken ?
Ja, als Maar dan nog pleit ik voor het recht der ouders, niet alleen juridisch, wat men wel toegaf, maar ook moreel, wat men niet toegaf, om voor hun kinderen, ja ook voor hun kinderen met een bepaald defect, een school te hebben, waar het ganse onderwijs met de Christelijke geest is doortrokken, waar het ook openbaar mag worden in gebed en woord en lied, dat de vreze des Heeren het beginsel der wijsheid is. Niet dat ik geen eenheid zou willen. Ja wel, maar alleen dan wanneer de innerlijke levensovertuiging één is en geen wettelijke bepalingen mij hinderen. En aan deze voorwaarde is in de huidige omstandigheden niet voldaan. Want de levensovertuiging is niet één en de wettelijke bepalingen verhinderen in de neutraliteitsclausule de vrije doorwerking van het positief Christelijk principe.
Men heeft gezegd en geschreven, dat wij, mensen van het Christelijk Onderwijs het volk, de natie, hebben losgelaten en dat we ons door het stichten van Christelijke Scholen op onze eigen stellingen hebben teruggetrokken.
Het is niet waar, dat we het volk hebben losgelaten, onze scholen staan midden tussen het volk in en zijn voor allen toegankelijk. Het is ook niet waar, dat we ons op onze eigen stellingen hebben teruggetrokken, tenzij men er mee bedoelt, dat we begonnen zijn met de eis van het Woord van God. Dan heeft men gelijk, maar slechts in zoverre, dat dit niet bedooeld te zijn een isolement. Integendeel, vandaar uit is o.m. ook de bedoeling om door onderwijs en opvoeding naar de H. Schrift ons volk weer terug te roepen tot de Wet en de Getuigenis.
In die geest wil ik gaarne eenheid. Spreekt ook niet de nieuwe kerkorde der Ned. Herv. Kerk over de kerstening van ons volk door middel van het onderwijs of in casu van de kerstening van het onderwijs zelf.
Dat woord kerstening staat in verband met de naam Christus. Kerstening wil dus eigenlijk zeggen : tot Christen maken. Daar kunnen we het over eens zijn, al zullen de wegen, die men wil bewandelen wel eens verschillen.
Zo zouden we dus toch tot eenheid kunnen komen. Alleen maar : Welke Christus bedoelt men ?
Deze vraag is gemotiveerd door de niet te loochenen werkelijkheid, dat niet elke „modaliteit" in onze Herv. Kerk daarop hetzelfde antwoord geeft.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 december 1954
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 december 1954
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's